Reacties 3

Maastricht, aan die ene rivier

Ter ere van mijn 47e verjaardag trok ik vorige week met mijn vriendin een lang weekend naar Maastricht. Ik was er denk ik in geen 10 jaar meer geweest.

Om mee te beginnen trok ik onderweg een Hollandse plaat.

IMG_20150724_121250-w720

En ik luisterde onderweg naar de 747 audiodocu ‘Chet’ over de man van de zijdezachte trompetnoten. Met daarin de belangrijkste boodschap van Chet: het gaat om die ene noot.

In Maastricht aangekomen bleek het toch een heel end warmer te zijn dan in Den Haag dus verruilde ik mijn lange broek voor een korte broek. En na het vinden van de afstandsbediening van de airco werd het nog koel ook op de aangename hotelkamer.

Wij naar buiten.

IMG_20150724_230500-w720

IMG_20150724_230920-w720

Op zoek naar koffie met vlaai sprak een etablissement met de naam Taart tot de verbeelding. Helaas hadden ze alles behalve vlaai. Was hier soms een stille kruistocht tegen de vlaai gaande? De zaak was weliswaar voorzien van grootmoeders’ servies met oude gestoffeerde stoelen, banken met franjes en tafels vol houtversiersels, het personeel bestond uit jonge meiden. Overigens is alles dat riekt naar grootmoeders’ nostalgie een toonbeeld van hipheid tegenwoordig.

Mijn vriendin wilde wel taart.

foto: Karin Ramaker

foto: Karin Ramaker

Even later troffen we in de Dominicanenkerk de bekende winkel van Selexyz aan waar het fenomeen Bloggen zelfs een eigen schap heeft.

IMG_20150724_225843-w720

‘s Avonds verzilverden we de 50 euro die we van paps en mams meegekregen hadden voor een lekker maaltje. In de Platielstraat vlakbij het Vrijthof bij La Bodega lieten we heerlijke tapas voor ons neerzetten met o.a. een heerlijk zeebaarsje.

Onderweg terug naar ons hotel klonk muziek uit het muziektentje dat pal naast de Maas opgesteld stond. Het bleek Roze Vrijdag te zijn, een onderdeel van de in Maastricht welbekende Kadefeesten. In het publiek liep een dame met zwart geverfd en uitgegroeid haar met een peuk in de ene hand en een biertje in de andere hand opzichtig te bewegen. Hier en daar bewoog er ook een scootmobiel op de maat van de muziek mee. En dan was er ook nog die oudere jongere die steevast met zijn vuist een gat in de lucht stompte. Daarbij keek hij glimlachend om zich heen op zoek naar soortgenoten die net zo genoten als hij. Aan de muziek kon het niet gelegen hebben, de coverband was niet al te best. Maar misschien zijn we wel te verwend in Den Haag met al die waanzinnige bandjes hier.

Teksten werden opzichtig met gebogen hoofd van de iPads opgelezen.

We hielden het niet droog.  Terwijl de avond viel, barstten de buien los. Romantisch samen onder de paraplu aanschouwden wij het verdere verloop van de klassenavond-acts die ze voor ons nog in petto hadden. Zo stond er zelfs een serie travestie-acts op het programma. Lollies werden het publiek in gegooid. Gezelligheid kent geen tijd.

IMG_20150724_232136-w720

Onderweg naar het hotel zagen we hoe een vrouw een paar traptreden naar beneden rolde. Manlief deed vervolgens half beneveld pogingen om haar weer rechtop te zetten, wat mislukte. Het deed mij denken aan Laurel & Hardy die een piano de trap op proberen te dragen.

De volgende dag werd bij het opdienen van het ontbijt een glaasje bubbels ingeschonken.

IMG_20150726_100415-w720

We hadden pech, buiten was het al begonnen te regenen. Plu mee en niet zeiken. Mijn vriendin kwam met de naam van een tentje aan die geliefd was onder jazzliefhebbers, Take Five. Bleek die tent dé tent te zijn waar ik zo’n 30 jaar geleden met een paar mede-muzikanten van de Stedelijke Muziekschool een workshop van John Scofield had bijgewoond. We bestelden een koffie terwijl de lome jazz uit de boxen droop. Nostalgie is een goed gevoel.

IMG_20150725_115837-w720

Ook goed tegen de regen: een kerk bezoeken. In de Onze Lieve Vrouw “Sterre der Zee” Basiliek stuitte ik in het gastenboek op de tekst van ene Zora die het heel erg vond “wat er in de bijbel is geburt”.

IMG_20150725_135018-w720

Daarna was ik toe aan een kop mosterdsoep met bier. Het moge duidelijk zijn: vrijwel alle gerechten in Limboland zijn voorzien van een of ander alcoholisch goedje. We namen het tot ons in de wijk Wyck, een prima plek dicht bij het station dat in tegenstelling tot het gebied rondom het Vrijthof iets minder riekt naar oude belegen strijkorkesten. Maastricht is een mooie historische stad, de oudste van Nederland, maar van creativiteit of modernismen is weinig te merken. Je treft er vrijwel geen gekleurde wereldburgers aan en men steekt vooral klassiek gekleed de Wilhelminabrug over. De wijk Wyck daarentegen vormt daarop een kleine uitzondering. Hier zitten de wat modernere winkeltjes en gezellige koffietentjes.

IMG_20150725_132735-w720

Wat er ook zit is het Bonnefanten museum. Een fraai museum waar we een paar uur de kunst tot ons namen en hier en daar een kodakje trokken.

IMG_20150725_162346-w720

IMG_20150725_163550-w720

De terugtocht naar ons hotel resulteerde in een doorweekte actie. Gelukkig doet goed föhnen wonderen. En buiten ging de zon al snel weer schijnen. De weer-app bleek weer eens gelijk te krijgen. Een goed moment om de Belg van Maastricht ons de maaltijd te laten voorschuiven: Witloof. Wat een geweldig restaurant bleek. Met een heerlijk schaaltje stoofvlees voor ondergetekende dat, je raadt het al, in een plasje bier had lopen te garen. Het interieur won ooit een Dutch Design Award en de New York Times zette de toko in de lijst van “100 most trendy restaurant concepts in the world”. Kortom: het is geniaal nassen aldaar!

IMG_20150725_193841-w720

Ook op deze avond deden we wederom de Kadefeesten aan. Ditmaal met wèl een goeie coverband: Anderkovver. Opnieuw genoten we van alle Maastrichtenaars die onder het genot van vele glazen wijn en bier lijp met hun reet gingen draaien. Zelfs Haagse Hazûs, Mario Mulder, trad op. Hij sprak de legendarische woorden: “mooi hoor hier zo aan die mooiûh rivier!” Zal het de Waal geweest zijn Mario? Of misschien toch de Rijn?

IMG_20150725_222004-w720

De volgende dag ontbeten we wederom met bubbles. En aan de kade namen we afscheid via een rijstevlaai terwijl de plezierboten aan ons gezichtsveld voorbijtrokken.

IMG_20150726_161523-w720

IMG_20150726_170021-w720

Ons weekend-walsje aan die ene rivier.

reactie 0

Het Manifest voor Wat Je Moet Doen

Hoeveel tips en trucs neem jij tot je? Er wordt nogal wat geschreven, zeker online. En iedereen noemt zich tegenwoordig al snel een expert. Natuurlijk geloof je dat niet allemaal maar je leest het wel. En heel af en toe zit er tussen al dat geleuter nog een aardige tip ook. Daar doe je het voor, toch fijn dat je dat hele stuk gelezen hebt, of niet?

Hoeveel van die dingen, van die tips, van die weetjes, zijn nu echt belangrijk?

Alles wat je vergeet is niet blijven hangen en is dus schijnbaar niet belangrijk. Ze werkt ons brein nu eenmaal. Je hoeft niet alles te onthouden. Het hoofd houdt wel van rust namelijk want denk je nu werkelijk dat ons lijf zo in elkaar zit dat het graag overbelast en overspannen wil worden?

Heel veel van het geleuter komt op hetzelfde neer. En schrijvers van tips en trucs willen jou niet zozeer helpen. Ben je mal zeg! Ze willen vooral dat hun stukjes gelezen worden en dat ze slim gevonden worden. Sommigen hebben er een sport van gemaakt en schrijven een paar keer per week stimulerende verhalen voor De Gemeente Die In Het Duister Tast.

Maar zo lastig is het allemaal niet hoor! De mens maakt het zichzelf vaak vooral lastig. Door bijvoorbeeld:

  • uitstelgedrag (lees: geen reet uitvoeren)
  • teveel naar anderen kijken
  • of nog erger: jezelf met anderen vergelijken.

Cut the crap! Voor mij komt het hier op neer:

  1. kijk niet naar wat anderen doen en laat hun mening jou niet in de weg staan
  2. doe wat je wilt doen en doe het zo vaak als je kunt

Resumé: wees stronteigenwijs en wees ijverig. Da’s alles.

Dus: zoek gewoon je eigenheid op. Dan is wat je doet zo volslagen uniek, zo volkomen op zichzelf staand. En als het op iets anders lijkt omdat je autonoom tot hetzelfde bent gekomen? Jammer dan, zo gaat dat nou eenmaal. Kijk bijvoorbeeld naar de overeenkomsten tussen Roy Lichtenstein en Andy Warhol. Who cares? De kunsthistorici theoretiseren zich helemaal lijp over die twee. Lachen toch?

De meeste mensen zijn te schijterig voor eigenheid en verschuilen zich het liefst achter de massa. Voel jij je aangesproken? Doe er dan wat aan!

podcaster-grafix
Reacties 5

Het verschil tussen het audioblog en de podcast

Hoewel het audioblog en de podcast veel gemeen lijken te hebben, ze verschillen ook behoorlijk van elkaar. Daarom, ter verduidelijking, het volgende:

Wat is een Podcast?

  1. de podcast is een gestandaardiseerde feed (RSS) met audio bestanden (veelal in het mp3-formaat, maar ook m4a of ogg formaten worden soms gebruikt)
  2. je abonneert je op een podcast door de feed aan een programma zoals iTunes toe te voegen
  3. de podcast bestaat uit diverse episodes/afleveringen
  4. de nieuwe episode/aflevering wordt automatisch gedownload wanneer deze beschikbaar is
  5. soms is de feed voorzien van oudere episodes/afleveringen die met terugwerkende kracht gedownload kunnen worden
  6. de podcast is altijd voorzien van artwork, aanvullende show notes per aflevering en een aangehecht (enclosed) geluidsbestand
  7. een podcast feed moet door Apple gevalideerd worden voordat deze in de podcast directory van iTunes opgenomen wordt

Wat is een Audioblog?

  1. de audioblog is een blogpost waar een stuk audio aan toegevoegd is bijvoorbeeld door een player zoals die van SoundCloud in de post te embedden of door het mp3-bestand toe te voegen aan de blogpost
  2. de audioblog kun je niet via een programma zoals iTunes afspelen
  3. een audioblog bezoek je via de browser of via tools zoals Bloglovin’ of Feedly (zoals je dat met alle andere blogs ook doet)

Best of both world: Podcast + Audioblog!

Het abonneren en hiermee automatisch downloaden via het programma is de essentie van de podcast. Het werkt op basis van een gestandaardiseerd systeem zodat de audiobestanden zonder problemen via een abonnement in bijvoorbeeld iTunes automatisch opgehaald/gedownload worden. Een audioblog is in essentie een blogpost die voorzien is van een of meerdere audiobestanden.

Een podcast is complexer om op te zetten maar kan een groot effect hebben doordat men zich via allerlei apps op de feed kan abonneren waardoor de audiobestanden automatisch naar de gebruiker gestuurd worden. Deze abonneer functie missen blogs met uitzondering van diegenen die services zoals Bloglovin’ of Feedly gebruiken. Helaas is het ooit zo geweldige Google Reader door Google jaren geleden gestopt. Wat een enorme historische misser van Google was! Maar Google bleek ongevoelig voor de massale kritiek (alle bloggers waren WOEST!) die men hierop kreeg. De service kwam er niet mee terug.

Audioblogs kunnen heel goed via sociale media zoals Twitter en Facebook onder de aandacht gebracht worden. Menig podcaster zal daarom naast het aanbieden van de specifieke podcast-feed ook elke episode/aflevering aankondigen via een blogpost of audioblogpost en het promoten viaTwitter en Facebook.

De gecombineerde oplossing van (audio)blog + podcast-feed is de beste oplossing. Dit kun je met WordPress via speciale plugins opzetten. Wellicht dat ik daar een andere keer wat meer op inga. Maar voor nu, voor wie daar serieuze interesse in heeft, laat het me weten en ik maak een offerte op maat!

reactie 0

Schrijvend

foto onder CC BY: Mario Mancuso

foto onder CC BY: Mario Mancuso

De schrijver neemt waar en registreert.

Om het later misschien allemaal op te schrijven.

Zodat de lezer kan zijn waar de schrijver was.
Zodat de lezer kan voelen wat de schrijver voelde.
Zodat de lezer kan leren wat de schrijver leerde.

En de lezer de schrijver wordt.

Reacties 3

Het North Sea Jazz van 1987

Mijn North Sea Jazz van 1987

Komend weekend vindt de 40e editie van het North Sea Jazz Festival plaats. Een datum die voor mij makkelijk te onthouden is omdat het jaarlijks een week na mijn verjaardag valt. En het werd mij door de “goden” nog gemakkelijker gemaakt met de komst van mijn dochter Puck, 13 jaar geleden op 13 juli 2002. Op een snikhete dag.

Paul Acket

North Sea Jazz werd jarenlang georganiseerd door Paul Acket. Het is de man die de muzikale geschiedenis vorm heeft gegeven. Ik noem:

  1. uitvinder van muziekbladen Muziek Express en Popfoto
  2. in 1964 de Rolling Stones voor het eerst naar Nederland halen (1000 pluspunten voor het goeie verhaal: de Kurzaal van het Kurhaus werd door Stones-fans tot een ruïne omgevormd; stoelen vlogen door de zaal en een kroonluchter kwam naar beneden)
  3. uitvinder van North Sea Jazz waarmee Den Haag en Scheveningen swingde en bruiste als de neten (helaas viel het festival in 2006 in handen van Rotterdam, wat nog altijd een historisch dieptepunt te noemen is dat qua ernst te vergelijken valt met de Slag bij Waterloo)

Zelf heb ik ook een keer op North Sea Jazz opgetreden. Jawel! Dat was namelijk tijdens de 12e editie van 1987. Ik was 19 jaar en mocht dus van snaar gaan.

2 dagen spelen

“Je had wat vaker moeten komen man. Ik heb die indeling voor North Sea al gemaakt!”, mijn gitaarleraar Ferry Robers riep het me toe.

1987 was het jaar waarin ik slaagde voor HAVO/MBO, een soort versnelde MEAO (2 jaar ipv 3 jaar) dat ik aan het Tinbergen College volgde. Hierdoor had ik veel lessen moeten missen van de workshop jazzgitaar die ik aan de Haagse Stedelijke Muziekschool bij Ferry Robers volgde. Ik moest en zou dat HAVO/MBO examen halen. Ik had er dus geen moment bij stilgestaan dat ik weleens op North Sea Jazz zou kunnen spelen en drong er verder bij Ferry dan ook niet op aan.

Maar Ferry dacht daar heel anders over. De week erop liet Ferry me namelijk weten dat hij mij voor de zaterdag en zondag ingedeeld had! Op vrijdag kon ik niet, zo had ik Ferry al de week eerder verteld. Ik MOEST namelijk op vrijdag Miles Davis zien en had al een kaartje. Maar nu speelde ik er zelf ook. En zelfs 2 dagen!

Dankzij het prachtige archief van North Sea Jazz zijn zelfs alle blokkenschema’s – overigens een brilliante uitvinding van Acket zelf – nog terug te vinden op de site. En dus ook die van mijn 2 dagen (zaterdag en zondag).

blokkenschema-1987-zaterdag

De “introductie” van vrienden

De optredens van beide dagen liepen volgens mij wel lekker. Niets om me voor te schamen, zelfs niet als het broekie van het ensemble waarmee we optraden. Ook herinner ik me nog dat ik de artiestenbar in mocht met mijn Artist-kaart dat zich op de begane grond bevond en waar ik ook een paar bekende muzikanten aantrof, evenals de grote Acket in pak en rokend. Het hele Congresgebouw stond toentertijd overigens blauw van de rook. De hoofdsponsor was zelfs een sigarettenfabrikant. Een verleden dat compleet haaks staat op het conservatisme en de doorgeschoten truttigheid van de huidige maatschappij.

Ook herinner ik me dat een medestudent die meespeelde samen met zijn vriendin zo kon doorlopen via de artiesteningang. Hij droeg de versterker en zij droeg zijn gitaar in koffer. Ook dat kon dus allemaal gewoon in die tijd. Men was gewoon erg chill en deed niet zo moeilijk. Binnen bij de kassa kon je met een Artist-kaart een polsbandje halen zodat je makkelijk in en uit kon lopen. Wat handig was want op die manier kon ik toch maar mooi 2 vrienden gratis “introduceren” op het festival.

Hoewel ik de optredens aan Ferry Robers te danken heb, ik weet werkelijk niet meer of ik hem daar ook nog gezien heb dat weekend. Ferry was overigens een te gekke gitarist, qua timing, qua dik geluid en nootkeuze. Echt een voorbeeld voor mij. En het heeft altijd onwijs tussen ons geklikt, ondanks het leeftijdsverschil.

1987 was een omslagjaar voor mij en North Sea vormde een mooi afscheid van de Stedelijke Muziekschool voor mij. Wellicht ook de laatste keer dat ik Ferry zag, of daar op North Sea was, of die keer er vlak voor toen hij mij vertelde over de North Sea gig. Helaas bezweek Ferry een paar jaar later aan hartfalen. Met hem ging een bijzonder muzikant verloren. En ook een enorme typisch Haagse grapjas. Met Ferry heb ik me helemaal gek gelachen.

Terug naar 1987 en North Sea Jazz. Van de rest van het programma dat weekend herinner ik me niet meer zo heel veel. Wel dat het concert van Miles Davis niet zo geweldig was. John Scofield zat niet meer bij de band en ook bassist Darryl Jones was al overgelopen naar Sting, dacht ik. Maar goeds Miles Davis was een levende legende en om daar een metertje of 10 vanaf naar te staren was eigenlijk al genoeg.

Fat Time

Maar wie ik me nog goed herinner is Mike Stern. Eigenlijk had hij met Miles moeten spelen naar mijn idee, zoals jaren ervoor. Maar nu speelde Mike in de Michael Brecker Band. Ik had natuurlijk een behoorlijke gitaarobsessie, zeker in tijd, dus keek ik vooral naar Mike.

Het mooiste wapenfeit dat Mike bij Miles heeft weggezet is de solo die hij op Fat Time speelt op het comeback album The Man With The Horn.

Het nummer was voor Mike bedoeld en droeg de bijnaam die Miles hem gaf: Fat Time dus. De gitaarsolo op die track is legendarisch. Hier speelt Mike als een soort van Hendrix Met Moeilijke Noten het nummer helemaal kaal met een stuwende backing band achter hem. Gewoon live in de studio gedaan. Met ondermeer basistengod Marcus Miller op de electrieken bas. Laat die avond met Michael Brecker op North Sea Jazz zich nu ontvouwen als één grote Fat Time! Ik zweer het je! Mike speelde grotendeels zittend op een kruk. Zat daar dus een beetje die akkoorden op weg te compen. Maar telkens wanneer de opwinding bij Mike begon te vlammen stapte hij van die kruk af om een distortion pedaal in te drukken en dan begon het Fat Tim Avontuur weer van voor af aan. Zijn sound was toen ook nog 1000% viezer dan zijn latere werk.

Kut HEAO

Voor je het weet ben je het allemaal vergeten. Maar goed mede daarom ook dat ik een track componeerde en inspeelde als eerbetoon aan de belangrijkste jazzmuzikant uit mijn leven: Ferry Robers.

Sommige dingen voelde ik slecht aan (lees: North Sea Jazz). Noem het naïviteit en ook mijn behoefte aan zekerheid speelde een rol (lees: laffe schoolkeuze). Maar Ferry voelde het allemaal wel aan. Dankzij mijn behaalde examen in 1987 begon ik na die zomer met een studie HEAO. Een verkeerde keuze zo bleek achteraf. Al het gezanik over marketing en statistieken, ik werd er helemaal naar van. Na mijn propedeuse, aan het eind van het 2e jaar, gaf ik het op. Daaag HEAO. Halloooo muziek! En zo is het. Nog altijd. En met name dankzij Ferry. En North Sea Jazz dus.

Reacties 11

Hoe verdelen Spotify en AppleMusic de poen?

Stel ik neem een Spotify of AppleMusic abonnement.

Scenario 1
De eerste maand van mijn abonnement vergeet ik de app op te starten.
Ik luister naar helemaal niets.
Hamvraag: Hoe wordt mijn 10 euro verdeeld onder de artiesten van Spotify/AppleMusic?

Scenario 2
De tweede maand luister ik naar 1 album op repeat.
Kind of Blue van Miles Davis.
Wederom de hamvraag: Hoe wordt mijn 10 euro verdeeld onder de erfgenamen van Miles Davis?

Weet iemand het antwoord op deze 2 scenario’s?

Reacties 5

35e verjaardag Parkpop 2015 met waslijnbas en warme melancholie

Op dezelfde dag dat het 35-jarig bestaan van Parkpop gevierd wordt, vindt ook de afscheidsbijeenkomst van Thé Lau in Paradiso plaats. John van Vueren, manager van The Scene in haar roemruchte jaren, was ook jarenlang de programmeur van Parkpop.

De cirkel is rond en het was weer als vanouds. Parkpop is en blijft een heerlijk divers festival dat in het mooie Zuiderpark elk jaar plaatsvindt op de laatste, vaak snikhete, zondag van juni. Gisteren was het prima te doen, met wat verkoelende wolken.

Ik heb een poging gewaagd om Frans Bauer te doorstaan maar vond zijn muziek niet te pruimen en ben snel afgehaakt. Later hoorde ik dat hij het Haagse inkoppertje ‘Oh oh Den Haag’ ook had gezongen. Daar houden die Brabanders namelijk wel van.

Er waren naar het schijnt dit jaar 225.000 bezoekers. In het topjaar 1992 werd het maximum van 500.000 bezoekers bereikt. Nota bene het jaar dat The Scene ook optrad. En nooit eerder zongen zoveel mensen “Iedereen is van de wereld” mee. Een legendarisch Parkpop-moment.

Maar hoe zit het met het huidige Parkpop? Wat zag en hoorde ik gisteren tijdens de 35e-editie? Twee bands sprongen er voor mij uit:

Ben Miller Band: een hoogtepunt

De band die werd ontdekt door zanger/gitarist Billy Gibbons van ZZ Top. Ze spelen een mix van blues, rock, country en bluegrass die rauw, hees, teder ten gehore gebracht wordt. Zo speelt zanger Ben Miller op een sigarenkist-gitaar en zingt hij door de hoorn van een oude telefoon. Bassist Scott Leeper bedient zich van een waslijnbas (met behulp van een wastobbe) waar hij overigens wonderbaarlijk virtuoos op speelt. En drummer Doug Dicharry ruilt zijn drumstel maar wat graag in voor een wasbord of een stel lepels die door een reeks gitaarpedalen worden gehaald. Met name de combinatie wasbord + wahwah-pedaal deed ‘t hem wel bij mij.

Ben Miller Band

Scott Leeper van Ben Miller Band

Ben Miller Band

Het feest der herinnering van OMD

Orchestral Manoeuvres in the Dark was vroeger zeker geen band waar ik warm voor liep. Gisteren veranderde dat. Het werd hun 2e optreden op Parkpop. De 1e keer was *kuch* 30 jaar geleden.

Zanger/bassist Andy McCluske pakt het complete Parkpop-veld in met wilde dansbewegingen langs de rand van het podium. Ook maakt ‘ie kleine plagerige opmerkingen naar de andere bandleden. Bijvoorbeeld wanneer de drummer een defecte snaredrum moet verwisselen. Volgens Andy had meneer beter voor een compleet electronisch drumstel kunnen kiezen. OMD is immers toch een elektronische band? Links en rechts van de, overigens uitstekende, drummer staan twee grote keyboards opgesteld. Andy bedient zichzelf op diverse songs van een elektrische basgitaar.

We moeten even wachten want er gaat weer iets mis. Zanger/toetsenist Paul Humphreys deelt ons mede dat hij zojuist uit zijn broek gescheurd is. Waar Andy overheen gaat met de opmerking: “Oh en dat laat je aan het publiek weten? Handig hoor, nu ziet iedereen het!” De boel wordt met gapper-tape gerepareerd terwijl Paul glimlachend achter zijn keyboard op de verhoging blijft staan.

Het optreden levert een reeks aan hitsingles op. En het is opvallend hoeveel OMD er gehad heeft want ik ken vrijwel alle nummers. De ooit zo kille synthesizer-klanken maken bij mij plaats voor warme melancholie.

Popmuziek gaat toch een stuk langer mee dan we altijd gedacht hebben. Het is voor de zoveelste keer bewezen: Roll Over Beethoven!

OMD

OMD

P.S. Voor al mijn foto’s zie Parkpop-2015 Flickr-set.

En vergeet ook dit niet:

Reacties 4

De helse klus van het maken van presets

reason-credits

Factory Soundbank

Mijn vaste lezers weten dat ik honderden geluiden voor het muzieksoftware Propellerhead Reason gemaakt heb. Deze presets worden meegeleverd met het pakket en bevinden zich in de Factory Soundbank. Het is alweer een paar jaar geleden dat ik dat voor het Zweedse Propellerhead gedaan heb. Nu komt het zelden nog voor dat zij mij of een andere professionele sounddesigner inhuren voor aanvullende geluiden. De Reason-gebruikers zelf helpen tegenwoordig graag gratis mee. Hoewel ik niet in de portemonnaie  van de Zweedse firma kan kijken, het zal een grote rol spelen. Toch jammer want presets kunnen een product namelijk maken of breken. Sterker nog: presets ZIJN het product.

Ik ken veel mensen die niet snappen hoe ze een geluid zelf moeten programmeren op een synthesizer. Laat staan dat ze in staat zijn om multi-samples te maken. En toegegeven: het is ook heel complex. Mijn mazzel is dat ik engelengeduld heb, volhardend ben en op jonge leeftijd begonnen ben met de meest complexe vorm van geluidssynthese: FM.

En toen ik jaren later versie 1 van Reason kocht keerde ik het pakket binnenste buiten. Elke dag was ik bezig met het programmeren van geluiden. Hierdoor ging ik steeds beter aanvoelen waartoe het pakket in staat was. Later is daar het geweldige pakket Ableton Live ook nog bijgekomen. Beide pakketen beheers ik tot in de puntjes. En nog altijd kan ik me compleet in het sounddesign verliezen als ik met een laptop op de bank zit…

Ik gebruik ze zelf ook

Maar natuurlijk gebruik ikzelf ook presets. Simpelweg omdat als ik muziek aan het maken ben (en wat toch mijn eerste liefste is) ik absoluut geen tijd hebt om een preset van scratch af aan op te bouwen. Wat ik dus meestal doe is een preset optimaliseren voor mijn track. Tegenwoordig moet je razendsnel muziek kunnen leveren die ook nog eens topklasse klinkt. Dus zul je niet alleen over een grote voorraad toppresets moeten beschikken, je zult die bibliotheek met presets ook op je duimpje moeten kennen zodat je ze desgewenst razendsnel te voorschijn kunt toveren.

Sommige presets die ik voor Reason maakte hebben enorm veel tijd en moeite gekost om te maken. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de akoestische bassen of akoestische gitaren. Zo bedacht ik me bij het maken van presets voor Reason 3 dat het voor een akoestische bas wel tof zou zijn als je met behulp van het modulatiewiel er wat flageolet-noten bij zou kunnen draaien om zo te kunnen variëren tussen mooi gespeelde noten en de boventoon-varianten ervan. De Upright+Harm patch in Reason is daarvan het resultaat. Deze patch heeft mij vele uren gekost, verspreid over een paar dagen. En de samples zijn verstemd op zo’n manier dat het muzikaal lekker klinkt. Het uitgangspunt is niet loepzuiver, maar het uitgangspunt is een muzikale sound die lekker in Het Geheel, in de mix van andere instrumenten, past.

Dit geldt overigens niet alleen voor gesamplede instrumenten. Ook synthesizersounds hebben mij zeeën van tijd gekost om te bouwen. Gek werd ik er soms van. Urenlang pielen in software en heel intensief luisteren, het gaat je niet in de koude kleren zitten. En let wel: je werkt ook nog eens met apha-versies van software vol bugs, die ook nog een stroperig traag reageert op alles wat je doet. Het koste echt bloed, zweet en tranen. Maar ik beschouw mijn geluiden als klassiekers, als mijn kinderen.

Mike Daliot van Native Instruments

Het boek PRESETS – digital shortcuts to sound van Stefan Goldmann is daarom ook een feest van herkenning. Bijvoorbeeld door het interview met Mike Daliot, sounddesigner voor Native Instruments. Mike programmeerde ondermeer de topsounds voor de NI Reaktor synths zoals Photone en Metaphysical Function. Ook is hij verantwoordelijk voor de geniale sounds die met NI Massive meegeleverd worden. Je kunt betwisten of Massive de veste synth ever is maar het is wel een synth met onwaarschijnlijk vette presets. Om met Mike te spreken:

Presets used to show off what an instrument can do. During my time at Native I recognised that now the presets are the instruments.

Complexity is the death of  all music. Unfortunately, for producing cutting-edge sounds you need this complexity. Otherwise they wouldn’t exist. Complex designs are saved into presets, and people happily use these.

While programming these sounds I recognised I was actually hiding the synthesizer behind the sounds. They helped to obscure what it actually does since hardly any user will have the spare time to programme such deep patches. It just takes too much time.

Ik ben het er 100% mee eens.

Naast geluiden voor Propellerhead heb ik ook voor andere software geluiden gemaakt. Voor de firma FabFilter bijvoorbeeld en diverse Android en iPhone apps.

reactie 0

Thé YEAH!

gibson-sg

Paradiso, 1994

met de rechterhand
wordt de groove hooggehouden
klinkt de oerbeat vanaf een Gibson SG

“YEAH!!!”

het Heilige Vuur
met noodzaak en pijn,
de snaren worden echt heel hard geraakt vandaag

“het moet zwaaien met het lichaam!”

met een oude Charlie versterker
op Hollandse steenkolen
en het doet wat het moet doen

Foto onder CC BY-NC-ND: Steven Tyler PJs