Haagse stadsliefde: poep tegen de ventilator

Eigenlijk zou ik het elke dag moeten doen of minstens een paar keer per week: een stukje fietsen of wandelen. Vandaag gewoon maar gedaan, fiets uit de schuur gehaald en gegaan. Op naar Scheveningen om even rustig na te denken over een documentaire die ik voor VPRO RadioDoc aan het maken ben. Even broeien op een onderwerp.

Via het bovendek van de Pier liep ik naar het einde. Sommige vrijbuiters lagen op loungebanken in de zon te staren. Weliswaar zonder drankie want  alle cafeetje op het bovendek waren nog gesloten. Maar goeds, het blijft een topplek daarzo bovenop de Pier!

Op het onderdek trof ik een paar mooie wijsheden van een stel onbekenden aan.

Bij een schepijstentje op de Pier waarvan het mannetje achter de toonbank een verrassend authentiek Italiaans accentje bezigde, heb ik een bolletje caramel en passievrucht gekocht. Op het buitenbalkon van de Pier heb ik dat allemaal met mijn kop in de zon langs m’n huig laten glijden. Scheveningen heb het, ik zweer het je!

Via de betonplaten op het zand ben ik tussen alle strandtenten door terug naar mijn fiets gelopen die ik ter hoogte van de 1e haven aan een nietje vastgeboden had. Tijdens die terugtocht trof ik nog een vlieger aan die aan de balustrade was vastgemaakt. De eigenaar moest wellicht zijn fiets ff in de zon zetten. U kent die Haagse uitdrukking toch wel zeker?

Als ik de volgende keer ga wandelen of fietsen dan betuig ik misschien opnieuw mijn Haagse stadsliefde. Tenminste, als het te combineren valt met al mijn andere avonturen.

Tot zover. De mazzel!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *