Het mixen van gesproken woord

Bij het maken van een radiodocumentaire of een podcast heb je rekening te houden met de verstaanbaarheid van de stemmen. Wat er gezegd wordt. En dat is best lastig want tijdens een gesprek valt er al snel een woord weg omdat er een brommer voorbijrijdt of omdat je als interviewer de microfoon net op het verkeerde moment wegdraait om een volgende vraag te kunnen stellen. Gelukkig kan ik dat achteraf aanpassen tijdens de mixage. Het kost een boel werk, maar het moet gebeuren omdat het de luisterervaring sterk verbetert.

Dankzij moderne hedendaagse software kan ik minuscule veranderingen maken die de luisteraar niet zal opmerken tenzij ik het allemaal achterwege laat want dan zal de luisteraar regelmatig naar de volumeregelaar moeten grijpen. Dat is natuurlijk onzinnig want het geluidsniveau moet gewoon optimaal gebalanceerd zijn. Alle stemmen moeten op hetzelfde volumeniveau zitten, zo simpel is het eigenlijk. En juist heden ten dage hebben we daar radionormeringen voor afgesproken binnen Europa. Programma’s zoals Spotify, iTunes Music en YouTube gebruiken die normen ook en het zorgt ervoor de luisteraar niet de hele tijd met de volumeregelaar de boel hoeft bij te sturen. Wat vroeger wel het geval was. En ook met CD’s en vinyl het geval is.

Helaas houden nog altijd relatief veel podcasters zich niet aan de norm. Het resulteert in gesprekken die vermoeiend zijn om naar te luisteren. En dat is zonde, want de luisteraar haakt uiteindelijk dan toch echt af. Ik in ieder geval wel.

Het verwarrende van volume

Muziek en geluid dat op hoog volume klinkt is moeilijk op waarde te schatten. Het is een slechte methode om te mixen naar mijn idee. Het geeft misschien wel een kick en klinkt al snel lekker, maar je houdt je oren simpelweg voor de gek.

Ik doe regelmatig A/B testen, vergelijk het ene ten opzichte van het andere. Online kun je veel testen vinden, de ene microfoon versus de andere, de ene EQ versus de andere, de ene voorversterker versus de andere. Vaak aangeboden in een ZIP-je zodat ik de opnames zelf aan een nauwkeurige luistertest kan onderwerpen. Ik lees vaak in de reacties allerlei nonsense. Het is de napraterij van mensen die niet willen luisteren. Men houdt graag allerlei audiomythes in stand.

Ons gehoor is niet-lineair, enorm gekleurd dus. We reageren totaal anders op volumeverschillen wanneer ze op zacht of juist op hoog niveau worden beluisterd. Op een hoog geluidsniveau zal elke mix dat iets harder van volume is in vergelijking met een zachtere mix als meer helder worden bestempeld. Totale onzin want het geluid is niet anders, het is slechts harder van volume. Je oren en hersensen denken iets anders te horen. Kortom: die zit je dus keihard te foppen op die manier!

Oplossing: beluister de mix op een heel zacht volumeniveau. Alleen dan zul je de mix echt op waarde kunnen schatten. Zul je horen of een instrument wel of niet goed “in de mix ligt”, of het er niet teveel uitspringt of juist te zacht staat. En kun je fantastisch goed inschatten of een voice-over te zacht of te hard staat. Stel het afluistervolume bijvoorbeeld eens op fluisterniveau af en luister bijvoorbeeld naar hoe een stem de hele mix door klinkt. Volumeverschillen op laag afluisterniveau hoor je gelijk, op hoog niveau niet want alles is immers goed te horen.

Simpel, goedkoop en uiterst effectief.

bieswarboel.nl – de podcast van Wim de Bie

Het is november 2016. De telefoon gaat.

“Je spreekt met Wim de Bie.”

Wim vertelde over zijn plannen om te gaan podcasten. Hiervoor had hij een audiorecorder gekocht en zat verlegen om wat technische hulp. Of ik hem daarbij wilde helpen.

En of ik dat wilde!

Voor ik het wist maakte ik een wandeling met Wim die zijn audiorecorder op een grindpad richtte terwijl iemand verderop de gordijnen wat verder opzij schoof. “Oh jee, we worden bekeken!”

Een maand of wat later zat ik naast een hoge stapel Koot & Bie DVD’s de eerste episode te editen. Het komt dan aan op timing. Heel af en toe hoorde ik een aarzeling in Wim z’n stem. “Ja hoor, haal maar weg”, antwoordde Wim dan. Ik zou liegen als ik zou zeggen dat het geen makkie was.

En er moest natuurlijk ook een website komen. Aan mij de taak om de vormgeving te vertalen naar hi-tech HTML5 en CSS3.

Als host voor de mp3-bestanden en het genereren van de podcast-feed gebruiken we SoundCloud. Daarnaast gebruiken we Feedburner voor extra controle over de feed. En Podtrac gebruiken we voor het analyseren van de luistercijfers. Deze heilige drie-eenheid is naar mijn idee het summum voor de hedendaagse podcaster.

Slechts 4 Haagse personen, inclusief Wim zelf, zijn nodig om deze podcast te realiseren. Zie bieswarboel.nl/colofon.html

Episode 1 staat inmiddels online:

De volgende onvoorspelbare audio-uitingen van de Bie zullen met enige onvoorspelbare regelmaat via Bie’s Warboel Podcast ten gehore worden gebracht.

Met heel veel Haagse trots,

Marco Raaphorst

Wordt 2017 het podcastjaar?

Daar waar Marketingfacts het in 2014 nog “een markt met potentie” noemde, kun je anno 2017 niet meer om het fenomeen podcasting heen. Op elke iPhone staat standaard de Podcasts-app geïnstalleerd. Een app die synct met iTunes op je laptop of vaste computer. En ook met Spotify kun je je op podcasts abonneren. Sterker nog: je komt echt van een andere planeet als je nog nooit van podcasting gehoord hebt.

En Apple toonde het in  jaarcijfers over 2016 klip en klaar aan (stand van zaken op 6 december 2016, zelfs nog een volle maand te gaan!):

Podcasts hit an impressive milestone in 2016: globally, Apple listeners consumed over 10 billion downloads and streams over the past 12 months via iPhone, iPad, Apple TV and desktop.

10 billion = 10 miljard downloads!

Het mooie van een podcast-app is dat deze bijhoudt tot waar je een aflevering beluisterd hebt in precieze minuten en seconden. De volgende keer dat je de aflevering verder wilt luisteren gaat ‘ie gewoon vanaf dat punt verder. En het maakt niet uit of je wisselt tussen iTunes van je smartphone of die van je laptop of vaste computer. Podcasts bieden vele voordelen ten opzichte van radio. En soms wordt het ook als audiostream aangeboden en is het dus live, net als radio. De podcast dient dan als archief, als een soort Uitzending Gemist.

Vorig jaar besloot ik een nieuwe audiodocumentaire te maken. Het werd tijd want mijn vorige audiodocumentaire stamt uit 2014. En hoewel ik in eerste instantie nog dacht dat ik hem net als de vorige keer op de radio uitgezonden zou willen hebben, dit keer maak ik er een podcast van. Ik heb niet veel nodig, ik kan alles zelf doen. Dat deed ik de vorige keer ook, maar de radio was toen nog wel nodig om hem uit te zenden. Dat was toen Radio 6, een zender die inmiddels ook alweer ter ziele is! Snap je gelijk hoe het met radio in Hilversum gesteld is: op sterven na dood!

Eind vorig jaar belde ik met Anton de Goede, de hoofdredacteur van Woord.nl. Hij vertelde mij dat Woord.nl in de huidige vorm per 1 jan 2017 zou ophouden te bestaan. En dan te bedenken dat ik in maart 2014 nog bij de opening aanwezig was! Het heeft dus slechts 2 1/2 jaar in huidige vorm kunnen bestaan. De site wordt op dit moment omgevormd tot, je raadt het al, een podcastplatform! (ik zei nog in 2014 tijdens de openingsborrel…)

Daar waar Hilversum ooit vooropliep met innovatieve ideeën.  Ik noem 3VOOR12, Bieslog en meer sites die onder de vlag van de VPRO vielen. Een club waar ik als WordPress-installateur  en code-masseur ook wat jaartjes mijn ding heb kunnen doen. Sterker nog: ik heb WordPress als eerste in Hilversum mogen installeren en heb weblogs.vpro.nl, pooljaar.nl, weblogs.hollanddoc.nl, radio6.nl en het weblog voor In Europa (mede) mogen opzetten/ontwikkelen. Helaas zijn door de bezuinigingen vanuit de politiek (lees: politici hebben afgelopen jaren echt nul,nul visie op internet laten zien!) al die blogs de nek om gedraaid.

Inmiddels komt alle innovatie van nieuwe makers die niet gebruikmaken van de oude medianetwerken. Zie het succes van de bloggers en de vloggers. En inmiddels ook van de podcasters. De gevestigde orde heeft het nakijken.

Er is geen twijfel over mogelijk: ik zal het zelf moeten gaan doen. Is het daarom een idee om alle stappen die ik moet zetten om tot een podcast te komen te beschrijven, te delen hier op mijn blog? En daarna misschien ook nog wel, want als de podcast er eenmaal is wil ik natuurlijk ook dat er flink naar geluisterd wordt. Promotie is dus wel een dingetje. Hoe zal ik dat gaan aanpakken? Waar loop ik misschien in vast? Wat valt er tegen? Of misschien wordt het gelijk een juweel van een succes? Wie zal het zeggen? We gaan het “zien”…

Luister naar mijn audiojournaal voor 2016

In het kader van Disquiet Junto maakte ik een audiojournaal van 1 minuut voor 2016. 12 maanden van elk 5 seconde voegde ik samen met harde overgangen. Dat leverde het volgende op:

Maand-/tracklist

januari 2016:
interview via Skype met Tom America
februari 2016:
interview met Stijn Meuris in Belgisch Hasselt
maart 2016:
‘Mooi gevoel’ ideetje ingespeeld op iPhone
april 2016:
5 seconden uit de track Dooie Muis (allihoopa.com/s/nJtNfNBp)
mei 2016:
unknown demo
juni 2016:
demotrack voor mijn Rockmen ReFill gitaarpatches (melodiefabriek.com/shop/rockmen/)
juli 2016:
‘NIMBY’ demo
augustus 2016:
‘Disco9’ demo
september 2016:
’Waar naartoe’ ideetje ingespeeld op iPhone
oktober 2016:
experiment met Auto-Tune
november 2016:
‘Droge Fonk’ demo
december 2016:
interview Spinvis in Breda

Meer over dit Disquiet Junto project (nummer 261) – “Audio Journal 2016: Maak een sonisch dagboek van het afgelopen jaar met een twaalf vijf-seconden segmenten” – op: junto-0261

VoCo is een audio app die woorden kan veranderen

Onder de noemer VoCo is Adobe bezig een soort Photoshop voor audio te bouwen waarmee je een opname van de menselijke stem zover kunt gaan aanpassen dat die stem andere woorden gaat uitspreken. De software heeft ongeveer 20 minuten aan spraak van een persoon nodig om op basis daarvan nieuwe woorden en zinnen te kunnen bouwen. Tijdens het Adobe MAX 2016 Sneak Peeks evenement werd een demo van de tool gepresenteerd:

Het is een kwestie van tijd voordat zo’n tool vlekkeloos werkt. Dat was met Photoshop immers ook het geval. Dankzij de digitale techniek kunnen we vandaag de dag al best heel veel. In tegenstelling tot analoog kun je digitaal echt onhoorbaar knippen in audio. Zelfs in een woord. En met de huidige techniek kunnen we de toonhoogte van een stem veranderen. We kunnen het formant (resonantie van specifieke frequentie/s) aanpassen om bv van een mannenstem een vrouwenstem te maken. We kunnen de snelheid van de stem versnellen of vertragen terwijl de toonhoogte gelijk blijft. En nog meer van dat soort foefjes. Een soort kleien met audio.

Met gemak knip ik woorden uit een interview. Een poos geleden werd tijdens een interview een achternaam verkeerd uitgesproken. Ik kon het niet over mijn hart krijgen dat de geïnterviewde met die fout op de radio te horen zou zijn en dus sleutelde ik net zo lang totdat het helemaal naturel klonk. En een jaartje terug werkte ik aan een documentairefilm waarin een Indiër voorkwam die ongelofelijk traag sprak. Niet te doen! Als oplossing werd het interview met behulp van software versneld, ook op beeld dus (het moet natuurlijk wel sync lopen!). Het zag er totaal overtuigend uit. Niemand die het doorhad, behalve de man zelf. En zijn vrouw die voor het eerst een beetje trots kon zijn op haar man…

Met een beetje (veel!) geduld kan ik zelfs een synthesizer mijn naam laten zeggen:

Deze VoCo tool zal nieuwe ethische vragen opwerpen. Hetzelfde gold ooit ook voor Photoshop. En nog altijd is daar discussie over. Want hoe ver ga je in het “mooier” maken van fotomodellen? Inmiddels zijn we toch helemaal gewend geraakt aan die onechtheid die we massaal beschouwen als echt. Of hebben we precies in de gaten dat het zwaar gemanipuleerde foto’s zijn? Ik denk het niet, slechts een klein deel van het publiek zal zien dat het niet echt is. Kritisch kijken en luisteren is een vak apart.

De werkelijkheid aanpassen/manipuleren is wat we graag doen. Vaak doen we dat vanuit het oogpunt van esthetiek. Maar we slaan er ook vaak in door. Je ziet het in het gebruik van Photoshop maar ook in het gebruik van Instagram-filters en dergelijke, iedereen slaat een beetje door in het aanpassen van de werkelijkheid. En over 50 jaar zal men zich gaan afvragen: hoe zag het er nu echt uit?

Onlangs zag ik een prachtige expositie van fotograaf Peter Lindbergh in de Kunsthal van Rotterdam. Peter staat bekend om zijn modefoto’s waarin hij de modellen op een rauwe en eerlijke manier fotografeert. Hij onderscheid zich in een modewereld die bol staat van doorgeslagen photoshoppers.

Tja… wat is mooi?

Mede door zo’n tool als VoCo zullen de discussies ook op het gebied van interviews en documentaires gaan komen. Je kunt straks mensen namelijk dingen laten zeggen die ze helemaal niet gezegd hebben. Is het wel ethisch verantwoord? En hoe zit het met de esthetische aspecten?

Net als met Photoshop moeten de mensen opvoed worden: wees je ervan bewust dat dit de werkelijkheid niet is, maar dat deze gemanipuleerd is. En laat ik er duidelijk over zijn: op zich is er niets mis met die techniek. Ik ben voor innovatie. Denk alleen goed na. Werkelijkheid en fictie dienen uit elkaar gehouden te worden. Ja toch?

 

bron, onder andere: The Verge

Ableton Link slaat een brug tussen Live, Reason en andere muziekapps

Link is een protocol dat desktop en iOS apps draadloos met elkaar laat syncen. Een geniaal systeem dat nieuwe mogelijkheden biedt voor het maken van muziek.

Vorige maand blogde ik op mijn Melodiefabriek over het geweldige Ableton Link protocol (lees ‘Ableton Link is da bomb!’) voor het synchroniseren van muziek applicaties. Gisteren lieten de firma’s Propellerhead en Ableton weten dat Reason nu ook voorzien is van Link, waarmee Reason een van de eerste desktop-apps is die het ondersteunt.

Link werd in oktober 2015 tijdens het Berlijnse Loop festival, dat jaarlijks georganiseerd wordt door Ableton, geïntroduceerd. Zie onderstaande video (vanaf 41:38):

Dankzij Link kunnen iOS apps gesynchroniseerd worden met Ableton Live. Maar ook zonder Ableton Live kunnen iOS apps die Link ondersteunen gesynchroniseerd worden.

Online beweerden velen dat Ableton “natuurlijk nooit” zou toestaan dat ook andere desktop-apps van Link voorzien zouden worden. Dat weigerde ik te geloven. Om Link populair te laten worden zou je als Ableton toch willen dat juist IEDEREEN Link gaat inbouwen? Ik stelde het dan ook aan Propellerhead voor: bouw Link in Reason in!

Welnu Reason 9.1 is sinds gisteren een feit, want voorzien van Link. Het is te gek om te zien dat Ableton en Propellerhead middels Link aan elkaar gelinkt en gesyncd kunnen worden. Of aan elke iOS app die met Link werkt.

Als kers op de taart kondigde Ableton gisteren aan dat Link nu een Open Source protocol is geworden:

Helemaal mijn idee. Open Source Protocol for the win! We mogen Ableton Link direct bijschrijven als een van de grootste innovaties op het gebied van muziektechnologie.

De techniek van Link zal ik in 2 stappen hieronder uitleggen. Te beginnen met stap 1, de ellende van vroeger.

Het oude probleem van sync

Wie zo oud is als ik (of ouder) kent het gesodemieter met het synchroniseren van een tape-recorder aan een computer. Dat werkte bagger. De Atari-computer liep al door 1 kleine dropout op de tape volkomen uit sync. SMPTE, het sync-protocol toentertijd, had een resolutie van 25 frames per seconde (PAL norm). Ook voor video-editors was dat vaak een drama, want 25 frames is te grof en dus moest je vaak kiezen: of te vroeg of te laat. Heel strak muziek of effecten timen op de beelden was er niet bij.

MIDI timecode had dezelfde problemen, want het gebruikte dezelfde grove resolutie als SMPTE. MIDI clock is/wordt veel gebruikt voor muziek omdat het op tempo synchroniseert, maar ook dat werkt totaal niet vlekkeloos. Ik citeer uit Wikipedia en schud volhoofdig ja:

Because of limitations in MIDI and synthesizers, devices driven by MIDI beatclock are often subject to clock drift.

De uitvinding van Propellerhead, ReWire, bood uitkomst. Het deed haar intrede in ReBirth al in 1998. Middels ReWire kan je 2 muziekapps aan elkaar koppelen en syncen. En dankzij ReWire werd het voor het eerst in de geschiedenis mogelijk om 2 programma’s sample nauwkeurig (!) te syncen. Dankzij ReWire kan ik tot op de dag van vandaag zeer complexe producties maken waarin ik Ableton Live en Propellerhead Reason aan elkaar “knoop”/sync. En met mij vele anderen. Zo kun je bijvoorbeeld Reason of Live aan ProTools koppelen, of aan Cubase, aan Logic en ga zo maar door. De invloed van dit sync-protocol is simpelweg gigantisch. En ook omdat het niet alleen 2 programma’s naadloos laat syncen maar ook de mogelijkheid biedt om de audio van de Slave naar de Master te routeren. En je kunt ook tussen de 2 programma’s een soort virtuele MIDI verbinding tot stand brengen waardoor je bijvoorbeeld de sequencer van de Master de synths en drumcomputers van de Slave kunt laten triggeren.

Al deze systemen zijn dus gebaseerd op het principe Master en Slave (mag dat woord nog tegenwoordig? *kuch*). De Master triggert en trekt als het ware de Slave (soms in meervoud, bij meerdere Slaves) met zich mee op basis van tijdcode of tempo. Heel simpel dus.

Het geniale van Ableton Link

Ableton Link biedt een type sync dat fundamenteel afwijkt van de oudere sync-protocollen. Link is ingebouwd in Ableton Live (9.6 en hoger), Propellerhead Reason (9.1 en hoger) en diverse iOS apps. Dit zorgt ervoor dat je al die apps met elkaar kunt synchroniseren. Het mooie van Link is dat het draadloos via een WIFI-verbinding werkt. Als alle apparaten gebruik maken van dezelfde WIFI-verbinding dan kun je ze syncen middels Link. Zo kan ik bijvoorbeeld Figure (ook van Propellerhead) op mijn iPhone heel eenvoudig syncen met Live en/of Reason op mijn MacBook Pro.

Het syncen verloopt via WIFI. Het beste kun je daarvoor een Ad Hoc connectie opzetten, een tijdelijk netwerk tussen verschillende apparaten zonder dat je er een router of internet voor nodig hebt. Het is de meest optimale draadloze verbinding tussen apparaten. Het netwerk is direct tussen die apparaten, maar dan draadloos. Maar als je een prima WIFI verbinding hebt thuis of in de studio dan is dat ook zonder problemen te gebruiken. Maar live via een Ad Hoc connectie, op een festival bijvoorbeeld, ben je verzekerd van een rete strakke sync. Kickûh toch?

Hoe verloopt het Link proces? Stap voor stap:

  1. Het eerste apparaat/app dat gestart wordt (en waarop Link actief is) bepaalt het tempo en gaat afspelen.
  2. Druk op een ander apparaat/app waarop Link actief is op play en bij de eerst volgende maat zal ook dit apparaat naadloos het tempo van apparaat 1 gaan volgen.
  3. Maar nu komt het mooie: als je apparaat/app 1 of 2 stopt dan loopt het andere apparaat gewoon door!
  4. Wie het tempo verandert doet het tempo veranderen. En als een paar mensen dat tegelijkertijd doen dan zal de laatste die dat doet het tempo bepalen (kortom: een spelletje tempo-oorlog dus).

Het belangrijkste verschil van Link ten opzichte van die oudere protocollen is dat Link de Slave(s) niet met zich “meetrekt” maar dat elke apparaat/app op zichzelf staat. Elk apparaat/app kan meedoen in de Link sync wanneer de gebruiker dan wenst te doen.

Precies dit is wat Link zo revolutionair maakt! Link maakt het mogelijk om allerlei apparaten en apps live, geheel on-the-fly, aan en uit te zetten. Op die manier kun je met anderen en andere apparaten gaan samenspelen. Live optreden met laptops en iPads wordt niet alleen heel makkelijk gemaakt, het is ook nog eens heel eenvoudig nu om in alle vrijheid met anderen te gaan samenspelen. Iets dat nog niet eerder mogelijk was op deze manier.

Je zou zelf een heel orkest kunnen bouwen van iPads en ze afzonderlijk van elkaar kunnen gaan starten en stoppen gedurende een live optreden. En wat te denken als Link ingebouwd gaat worden in video-apps? Voor live optredens met vette visuals schept dit een berg aan mogelijkheden, niet normaal meer! Geen gedoe met kabels meer en vrijheid tot improvisaties. Ge. Ni. Aal.

Het is een hele fijne tijd om muziek te maken. We schrijven geschiedenis!

Voor meer info, zie ableton.com/en/link en propellerheads.se/reason-91

Hoe embed je Anchor op je blog? Nou zo dus:

Gewoon de URL in een blogpost stoppen, klaar.

Geweldig spul trouwens dat Anchor. Gewoon lullen in je telefoon en 2 keer klikken, klaar.

Luister naar bovenstaand stukje audio en klik ook op de skipnext-knop om te luisteren naar de replies. Geweldig toch zoiets? Online live radio met de mogelijkheid om als een inktvlek viraal te gaan.

The Future of Audio in De Balie: Nederland blijft achter

Vanmiddag werd in De Balie, Amsterdam, gesproken over de toekomst van audio. Audio als zijnde: gesproken woord. Maartje Duin en Tjitske Mussche die samen regelmatig luisteravonden organiseren onder de noemer Grenzeloos Geluid openden de bijeenkomt door een paar korte fragmenten van populaire podcasts te laten horen. Ze kwamen allemaal uit Amerika, op 1 Zweedse uitzondering na. En dat Zweden het goed doet op podcast gebied, dat kwam Jakob Munck van het Zweedse productiebedrijf Munck vertellen.

Jaloers op Zweden

Munck vertelde een lovend verhaal over het enorme succes in Zweden van on-demand radio. Dat heeft kunnen ontstaan doordat de Zweedse publieke radio omroep een paar jaar geleden besloten heeft om te gaan samenwerken met externe partners, waaronder het bureau van Munck. Het levert ongekend hoge cijfers op: 6,5 miljoen luisteraars per week waarvan 2 miljoen op basis van podcasts/om-demand. En dat op een inwonersaantal van 9 miljoen! Alle programma’s zijn in Zweden voor 30 dagen na live-uitzending beschikbaar. Het zijn cijfers waar wij in Nederland stikke jaloers op zijn. Download in dit kader het document Swedish Radio 2013 (PDF) ook eens, met nog veel meer info over hoe die slimme Zweden het doen, ook hoe ze de brug slaan tussen social media en radio/on-demand.

Munck werd gevraagd op welke manier men on-demand luistert. Zijn antwoord was kort en simpel: mobile.

Jaloers op Amerika

In Nederland kijken alle verhalende radiomakers naar Amerika. Want daar gebeurt het echt. Daar is de toekomst van radio dankzij het fenomeen podcasting een gegarandeerde stralende toekomst, met bakken vol geld en super creatieve podcasts. Ik noem This American Life, Radiolab, SerialLove + Radio of een WTF podcast (What The Fuck) die zelfs Obama te gast had.

Jonathan Mitchell, maker van de bijzonder populaire podcast The Truth (meer dan 150.000 abonnee’s), kreeg van de dames Duin en Mussche het woord om zijn Amerikaanse droom te verwoorden. The Truth podcast was Mitchell ooit begonnen omdat hij na zo’n 20 jaar ervaring als traditioneel radiomaker meer vrijheid zocht. En die vrijheid kreeg hij. Vandaar zijn boodschap: get it out there. Denk niet teveel na over geld maar ga iets maken en zet het online zodat men het kan delen. Want ook al is het een kleine groep, mensen willen immers graag delen.

Mitchell kan er inmiddels goed van leven. Adverteerders kunnen een paar korte timeslots kopen die Mitchell op eigen wijze aanprijst in zijn podcast. Het levert hem zo’n 5000 dollar per episode op wat voldoende is om ze te kunnen produceren. Mitchell werkt vanuit huis en zegt geen zorgen te hebben over zijn inkomen. Die relaxtheid dankzij de solide stroom aan inkomsten via adverteerders heeft Mitchell ook zeker te danken aan het podcast-platform Radiotopia waar hij vanaf het begin bij betrokken is. Radiotopia hanteert een samen-staan-we-sterk methodiek voor alle aangesloten podcasts door ze gezamenlijk te promoten en gezamenlijk op zoek te gaan naar adverteerders, donaties en andere vormen van funding. Het is een ongekend succes gebleken.

Nederland blijft achter

Frustrerend is het dan om vervolgens geen enkel positief geluid uit Nederland te horen. Jan Westerhof (Directeur Radio NPO) kreeg het woord maar wilde vooral graag benadrukken dat hij fan is van de term radio. Radio sluit het sharen/delen uit en is een oude term van alleen maar zenden. Als Westerhof blijft vasthouden aan die term dan is radio echt ten dode opgeschreven, zo voorspel ik. Omarm het internet of sterf, dat idee.

Ik heb ervaring met het maken van radiodocumentaires. Na het maken van mijn eigen productie Oostende Healing voelde ik me geroepen om een podcast te gaan produceren. Toch is dat tot op heden niet gebeurd maar ik sluit niet uit dat dat een keer gaat veranderen. Want de kans die Nederland laat liggen is eigenlijk te mooi om waar te zijn.

P.S. De live-stream is on-demand te bekijken, niet in super lage kwaliteit via de NPO maar in HD via het Vimeo-account van De Balie:

De New York Times laat het zien: zo bouwden Skrillex, Diplo en Justin Bieber de track ‘Where Are Ü Now’

Geweldig om te zien hoe de New York Times de track ‘Where Are Ü Now’ van Skrillex, Diplo en Justin Bieber analyseert. Muziektechnische taal wordt voor de verandering nu eens niet vermeden en ook worden de geluidstechnische behandelingen, de editing, uitvoerig beschreven. Wat we sounddesign noemen, mijn specialisatie. Het is deze klankvormgeving die de track karakter, dynamiek en kleur geeft. Een specialisatie die in de loop van de jaren een steeds grotere rol heeft gekregen. Niet alleen in popmuziek en dancemuziek, maar ook in films, radio en televisiedocumentaires en podcasts. Dankzij moderne audiosoftware kun je het geluid tegenwoordig met ongekende precieze sounddesignen (zie ook mijn post Met een ijsklontje muziek maken).

De track ‘Where Are Ü Now’ wordt in tekst, audio en op beeld geanalyseerd. Ik wil je adviseren om als eerste het stuk The Inside History of ‘Where Are Ü Now’ op de NYT-site te lezen. In dit artikel zul je ook een podcast/audio-onderdeel aantreffen dat specifiek op de samenwerking tussen het drietal ingaat. Het fraaiste onderdeel van de totaalanalyse is de speciale video die de NYT van de track heeft gemaakt. In de video worden de 3 heren geïnterviewd, leggen zij precies uit hoe de track werd opgebouwd door het te laten zien en horen.

Voor mij is het ook geweldig om te zien hoe Skrillex op zijn laptop (MacBook Pro die ik zelf ook gebruik) met Ableton Live (software die ik zelf ook sinds 2001 gebruik) werkt want zo werk ik namelijk zelf ook. Vroeger had je een grote studio nodig, een technicus die de knoppen bediende en een groep muzikanten. Tegenwoordig kun je die dingen allemaal in je eentje doen, zoals ik ze meestal doe. Of, zoals deze heren, met zijn drietjes. Met een hele vette hit als resultaat.

(omslagfoto: still uit video NYT)