Het Nederlandse Creative Commons Global Network in wording

Gisteren in Amsterdam in het Spring House was ik aanwezig bij de tweede bijeenkomst over de nieuwe organisatiestructuur die Creative Commons wereldwijd aan het uitrollen is. Ik ben vanaf het begin bij CC Nederland betrokken geweest als professioneel maker omdat ik zeer geloof in de flexibele licenties die Creative Commons biedt. Ze bieden een verruiming op het te rigide eeuwenoude ‘alle rechten voorbehouden’ copyright dat in veel gevallen niet langer voldoet vandaag de dag.

Hoewel ik door de jaren heen betrokken was bij de organisatie Creative Commons ik maakte er nooit onderdeel van uit. Die eer bleef voorbehouden aan Kennisland, het IViR en Waag Society. Zij waren 12 jaar lang de officiële partners en hadden het alleenrecht op het voeren van de naam Creative Commons.

Creative Commons zet nu wereldwijd een innovatieve stap en brengt een moderne nieuwe manier van samenwerken tot stand. Zodoende zal voor Nederland het Nederlandse Creative Commons Global Network worden opgericht met leden en partners. Waarmee ikzelf lid kan worden en middels mijn bedrijf Melodiefabriek me als partner kan gaan aanmelden.

De bijeenkomst van gisteren bestond uit een groep geïnteresseerde mensen, waaronder makers en vertegenwoordigers van archieven zoals Beeld en Geluid en het Netwerk Oorlogsbronnen, Wikipedia en het IViR.

Ik ben ervan overtuigd dat dankzij deze nieuwe netwerkvorm een nieuwe manier van samenwerken zal ontstaan die het mogelijk maakt om het sterke merk Creative Commons nog meer op de kaart te zetten en de missie in de praktijk te brengen.

Drake schrijft geschiedenis: hij wint rechtszaak rondom sampling op basis van Fair Use!

De artiest Drake werd onlangs aangeklaagd omdat hij in zijn track Pound Cake/Paris Morton Music 2 een stuk van de track Jimmy Smith Rap van Jimmy Smith als gesampl gebruikt.

Hier het orgineel van Jimmy Smith Rap:

De track van Drake begint met de sample waar een paar woorden in gewijzigd zijn:

De rechten voor deze sample konden niet voor het uitbrengen van de track gecleared worden omdat de rechthebbenden van Jimmy Smith’s copyright verklaard hebben dat Jimmy daar nooit toestemming voor zou hebben gegeven omdat hij Hip Hop haatte. Vandaar zijn statement “Jazz is the only real music that’s gonna last, all that other bullshit is here today and gone tomorrow. But jazz was, is and always will be.”

Opvallend dus dat juist dat statement door Drake gebruikt wordt in een kleine verandering:

“Only real music’s gonna last, all that other bullshit is here today and gone tomorrow.”

Maar het verhaal wordt nog fraaier want nu heeft de rechter William H. Pauley III heeft onlangs de uitspraak gedaan:

There can be no reasonable dispute that the key phrase in Smith’s song “is an unequivocal statement on the primacy of jazz over all other forms of popular music,” and that Drake’s use, by contrast, “transforms Jimmy Smith’s brazen dismissal of all non-jazz music into a statement that ‘real music,’ with no qualifiers, is ‘the only thing that’s gonna last.'”

(…)

“This is precisely the type of use that ‘adds something new, with a further purpose or different character, altering the first [work] with new expression, meaning or message,” writes the judge.

De “rechthebbenden” vroegen 300.0000 dollar voor het zonder toestemming citeren van Jimmy Smith. Naar dat geld kunnen ze nu fluiten vanwege die opvallende uitspraak van de rechter. Deze rechter ziet dit werk als een creatieve herbewerking die “sharply different” is ten opzichte van het orgineel.

Ook verklaarde de rechter:

Drake used Smith’s work as “raw material” for his creative objective.

Het is een enorm opvallende uitspraak die wellicht nieuwe visie op copyright inluidt. Dat zou tijd worden! Al jaren beschouw ik copyright vanuit eenzelfde visie als deze rechter. Het hergebruiken van samples moet toegestaan zijn. Muziek bouwt namelijk altijd voort op wat er al was. Dus als ik een sample van Hendrix of The Beatles gebruik en er totaal iets anders mee maak dan moet dat mogen. Dat heet namelijk creativiteit en zo werkten Hendrix en The Beatles ook. Ook zij hergebruikten andermans muziek.

300.000 dollar voor het gebruik van zo’n sample durven vragen is gewoon ziekelijk. Dan hou je niet van muziek, dan geef je alleen maar om geld.

Wat een overwinning voor alle creatieven wereldwijd!

(omslag foto werd gemaakt door Amber onder CC BY-SA)

Wat als de computer de melodieën componeert?

Bob van Luijt twitterde in een discussie over copyright iets belangrijks:

De computer als bedenker

Het document Importance of Being Digital (gratis PDF) beschrijft hoe door de digitale techniek het ongelofelijk eenvoudig is om muziek op te wekken en daar afgeleiden van te maken. Ik geloof dat werkelijk geen enkele politicus, rechter of advocaat op de hoogte is van hoe moderne tools de creaties van vandaag de dag bepalen. Nog altijd blijft men volhouden aan copyrightsysteem voor creaties waarin een duidelijk melodie waarneembaar moet zijn die vervolgens wordt geregistreerd door een persoon of bedrijf. Daarin wordt de melodie heilig verklaard.

Maar wat nu als de bedenker, de componist, een computer blijkt te zijn?

In het document Importance of Being Digital worden diverse zinvolle voorbeelden gegeven hoe je met behulp van moderne tools muziek kunt creëren. Weet ik alles van, is mijn vakgebied. Bijvoorbeeld door peak frequenties om te zetten naar andere muzikale elementen. Zo kun je bijvoorbeeld een fragment waarin iemand spreekt de noten van viool-samples laten triggeren, om maar wat te noemen. Het klinkt als muziek in de oren terwijl de bron bijvoorbeeld juist a-muzikaal is. De computer kun je tenslotte met van alles voeden.

Witte ruis en andere random algoritmes

Witte Ruis bestaat al zolang als de weg naar Rome. Het is de perfecte Random Generator. En op basis van zo’n random algoritme, witte ruis of iets soortgelijks kun je melodieën At Random laten genereren door de computer. Brian Eno doet dit al jaren.

Je kunt juist ook beperkingen gaan verzinnen waardoor het ineens “muzikaler” gaat klinken, want te random klinkt vaak te abstract. Grappig dat, des te meer we de computer beperken, des te meer deze muzikaler klinkt. Een leuke mind-fuck niet waar? Muziek = random noise beperken.

Een van die muzikale beperkingen is bv de toonsoort en de manier hoe harmonieën gecreëerd moeten worden. Sommigen zullen het als Artificiële Muzikale Intelligentie bestempelen. Komende jaren zal in dit gebied enorm veel ontwikkeld worden. We gaan de computer steeds meer voeden met muzikale presets, stijlidiomen en patronen. De computer kan zodoende op basis van historische muzikale ideeën nieuwe creëren.

Generieke muziek

In een van mijn eigen tracks gebruikte ik een poos geleden deze generieke techniek. Het vertoont overeenkomsten met het werk van Brian Eno.

Deze generieke muziek wordt al massaal ingezet maar zal in de toekomst een vlucht nemen. Met name de computer “leren” hoe te reageren op beelden zal de wereld van de filmmuziek komende jaren totaal op z’n kop gaan zetten. Ik voorspel generieke muziek die klinkt als bijvoorbeeld oude funk of klassieke muziek.

Een aardig voorbeeld, een blik in de toekomst, is track Daddy’s Car die geheel door de computer gecomponeerd werd op basis van “45 songs of The Beatles”:

Wie claimt het copyright?

Wie geven we hiervoor het copyright? De computer? Het computerprogramma? De persoon die wat instellingen deed? De persoon die de export maakte? Is er al een jurist die hier iets zinvols over geroepen heeft?

Een ding dat zeker is: het zet copyright VOLLEDIG op z’n kop.

De mogelijkheden van het hergebruiken van muzikaal materiaal is dankzij de computer oneindig. Maar moeten we dit vanuit copyright bezien beschouwen als een inbreuk?

Paul Lansky werd de bron van Radiohead

Paul Lansky bouwde in het midden van de jaren 70 zijn allereerste stuk op de computer. Het stuk Mild und Leise bijvoorbeeld:

Radiohead gebruikte een stukje uit dit stuk in haar song Idoteque op het album Kid A. Het oorspronkelijk stuk van Paul klinkt behoorlijk abstract, het is een computer die at random klanken opwekt. Toch hoorde Radiohead er dus duidelijk muziek in.

Conclusie: ons copyright systeem loopt achter

Copyright loopt achter op de techniek. Toch is het niet zo moeilijk om een toekomst te voorspellen die gelijk is aan open source. Een toekomst waarin we we de bronnen zullen moeten respecteren (plagiaat is wat ik haat!), maar hergebruik zal altijd moeten mogen en niet langer een inbreuk op iemands rechten zijn. Want hergebruik is precies wat de computer tot een computer maakt. Het is het perfecte kopieerapparaat dat alles voor ons kan maken. En geheel autonoom. Als een zelfsturende auto. Als een chatbot.

Kortom: de computer als componist is een feit.

P.S. Net nadat ik op publish had gedrukt schoot de herinnering aan een uitzending van Podium Witteman naar boven. Hoe we inmiddels zelfs de componist der componisten Bach uit de computer kunnen halen.

BUMA kan muziek in podcasts beter stimuleren

UPDATE: lees in ieder geval ook mijn blogpost ‘Wat je altijd al had willen weten: muziekgebruik in podcasts op SoundCloud’.

Sommige podcasters gebruiken muziek om de stilte te doorbreken, als een muzikaal behangetje. Punt is: dat gaat niet zomaar. De wet rondom copyright beschouwt een podcast namelijk als een Recording (zie deze recente blog).

Dure regeling Buma/Stemra

In Nederland ligt de situatie wat anders. Het Nederlandse Buma/Stemra dat de rechten van componisten, tekstdichters en muziekuitgevers beheert, heeft een regeling voor podcasting (zie PDF-link). Het komt erop neer dat als je niet meer dan 6500 euro per jaar met je podcast verdient en deze niet meer dan 13.000 keer wordt gedownload (ook per jaar!) je verplicht bent 130 euro aan de BUMA te betalen. Kom je hier boven dan wil Buma/Stemra 10% van je inkomsten hebben en vraagt daar nog bovenop 1 eurocent per download (of meer).

De Man Met De Microfoon haalt minstens 20.000 downloads per episode. In zijn geval zou dat resulteren in minimaal 200 euro per episode + 10% van zijn inkomsten als aanvullende kosten. Dat gaat hij natuurlijk nooit doen.

Vragen voor Buma/Stemra

Behalve dat de Buma/Stemra zich dus mis lijkt te rekenen (duidelijk geen slimme balans tussen vraag en aanbod!) zijn er nog een paar andere vragen die daarbij stel:

  • Podcasters kunnen helaas (nog) niet over goeie statistieken beschikken. Er zijn wel wat tools beschikbaar maar zuivere statistieke zijn niet mogelijk. Zo levert Apple nog geen statistische gegevens over de luisteraars die via iTunes of de Podcasts app downloaden. Apple is dit wel van plan, maar tot nu toe kan geen enkele podcaster over deze gegevens beschikken. Men tast in het duister. En let wel: Apple iTunes/Podcasts is de meeste gebruikte podcast app. Kortom: hoe kan Buma/Stemra nu verwachten dat deze podcasters cijfers verstrekken als deze gegevens voor geen enkele podcaster beschikbaar zijn? Hoe kun je een podcaster op basis van vage cijfers er op afrekenen? Lees voor meer informatie over de statistieken die Apple voornemens is op termijn wel te gaan leveren dit artikel. Daarin de mooie quote: “It’s kinda fun to experiment in the dark. But we eventually need some light to see what we’re doing.” Alle podcasters tasten nu nog in het duister als het gaat om luistercijfers, zoveel is duidelijk.
  • Hoe gaat Buma/Stemra die inkomsten verdelen? Willen ze weten welke muziek je in je podcast precies draait? Moet je daar een lijstje van maken? Of gaan ze het geld, net als wat ze via de horeca verdienen, verdelen over de artiesten die bekend zijn van radio en tv? Want juist daarvan hebben ze wel de kijk- en luistercijfers. Gebruik je muziek van Spinvis in jouw podcast dan wil je natuurlijk niet dat die poen zo de zak van Jantje Smit terechtkomt…
  • In Amerika werkt het systeem niet op deze manier. Dus wat gebeurt er op het moment dat je bv Amerikaanse muziek in je Nederlandse podcast draait? Heeft de Buma/Stemra hier afspraken over gemaakt met haar dochterorganisties in het buitenland? En als dat zo is waarom stellen die dochterorganisaties dan niet dezelfde voorwaarden in eigen land?

Dankzij podcasting is er een nieuwe markt bijgekomen. Maar Buma/Stemra ziet die kansen misschien wel maar pakt het slecht aan want de huidige regeling is precies wat de podcasters juist niet willen. En dus draaien die podcasters de muziek van de bij Buma/Stemra aangesloten auteurs juist niet omdat het simpelweg veel teveel geld kost.

In Amerika gebeurt hetzelfde

Hetzelfde zie je in Amerika gebeuren. Veel van de grote podcasts in de States doen een beroep op het inhuren van componisten voor muziek en het maken van leadertunes omdat de copyrightregels roet in het eten gooien. De wat kleinere podcasts gebruiken de muziek van onafhankelijke artiesten (zonder label en niet aangesloten bij auteursorganisities). In beide gevallen worden de “gevestigde” artiesten en labels, noem het maar gerust de mainstream, vermeden.

Al ruim 15 jaar discussier ik over dit soort rechtenkwesties online aangezien ik zelf ook muzikant ben . Ik bekijk het vanuit het standpunt van moderne makers anno nu. Het internet en de digitale techniek dwingt ons namelijk om anders na te denken over copyright in het kader van het hergebruiken van content. De bestaande organisaties zoals Buma/Stemra zijn naar mijn mening vaak te log en onvoldoende creatief in het bedenken van goede oplossingen.

538 verklaarde  “‘de oorlog’ aan muziekrechtenorganisatie Buma Stemra” en haalde de populaire dance-podcasts ‘538 Dance Department’ en ‘Powermix’ van alle websites aangezien zij ook die 1 eurocent per download niet willen betalen.

Vooralsnog lijkt Buma/Stemra de boot te hebben gemist. Podcasters gebruiken over het algemeen geen muziek van de bij Buma/Stemra aangesloten artiesten. Een gemiste kans!

BAM!-infodag verslag

Vanmiddag was ik aanwezig bij de infomiddag van BAM!, de Beroepsvereniging voor Auteur-Muzikanten. BAM! zet zich binnen en buiten Buma/Stemra in voor nieuwerwetse muzikanten (songwriters en componisten) die hun eigen werk uitvoeren. Het was een interessante middag die ik aan de hand van wat korte interessantigheden tot een blogje heb gebakken.

Ik hoop dat ik alle details goed genoteerd heb. Zo niet, laat dan een reactie achter (onderaan dit bericht) of stuur me er een mailtje over: marco@melodiefabriek.nl

De nieuwe directievoorzitter van Buma/Stemra, Wim van Limpt, mocht de middag aftrappen. Zijn verhaal kwam er in het kort op neer:

  • Buma/Stemra maakt sinds kort gebruik van de gecentraliseerde ICE database, een samenwerking tussen PRS (UK), STIMM (Zweden) en GEMA (Duitsland). Door deze centrale administratie kan men de auteursrechten efficiënter afhandelen en binnen Europa eenvoudiger afspraken met de YouTube’s en Spotify’s van deze wereld omdat deze voor een paar landen samen gemaakt kunnen worden.
  • Stemra zal hervormd moeten worden omdat zij niet meer van deze tijd is. Stemra heft auteursrechten op dragers zoals CD’s en de verkoop daarvan wordt met de dag marginaler. Wim sprak zich duidelijk uit tegen het oude Stemra concept dat je als Buma-lid eerst Stemra-rechten moet afdragen als je een CeeDeetje maakt/maakte alvorens ze achteraf weer terug te kunnen verdienen. Zo’n krom systeem verzin je anno 2016 niet meer.
  • Wim wil van Buma/Stemra een plattere organisatie en transparanter met minder management en meer “handjes” voor uitvoerende werk. Ook moeten vragen beter en sneller afgehandeld worden in de toekomst.
  • Wim vertelde dat Blockchain technology “een speerpunt voor de komende jaren is”. Hoe precies bleef onduidelijk. De Blockchain maakt in principe Buma/Stemra overbodig, net zoals de Blockchain techniek achter de Bitcoin geen banken nodig heeft om betalingen mee uit te voeren. De hamvraag in deze is: hoe ga je je als Buma/Stemra in de toekomst niet onmisbaar maken als een Blockchain systeem mainstream gaat worden? Of anders: wat is de toegevoegde waarde van Buma/Stemra in een Blockchain-systeem voor auteursrechten?
  • Wim had een primeur: begin volgend jaar komt Buma/Stemra met een Setlijst-app waarmee je de gespeelde songs tijdens een live-concert eenvoudig kunt aanmelden.
  • En nog een primeur:

Na een korte pauze vertelde BAM! én Buma/Stemra bestuurslid Arrien Molema hoe de zaken er online voor staan.

bam-arrien-molema

Een paar opvallende punten uit zijn verhaal:

  • Het Safe Harbour principe beschermt content-platformen zoals YouTube die in principe geen rechten hoeven af te dragen omdat YouTube slechts een host en doorgeefluik voor content is. Hierdoor lopen rechthebbenden veel geld mis. Safe Harbour staat onder druk door een nieuwe EU-richtlijn, de vraag is alleen hoe die richtlijn (nu nog in concept!) er uiteindelijk uit gaat zien. Op dit moment keert YouYube hierdoor vele malen minder geld uit aan rechthebbenden dan dat Spotify dat doet. Er is overigens wel een deal tussen YouTube en Buma/Stemra gaande, dus het geldkraantje druppelt wel een klein beetje…
  • Valt een contentprovider volgende de nieuwe richtlijn nog steeds onder de Safe Harbour-regeling dán moet deze een ContentID-systeem inbouwen en de werken brandmerken om misbruik op te kunnen speuren. Interessant voor songwriters/componisten is dat platforms die aan optimalisatie van de presentatie van de content doen (lees: content uitlichten/promoten/gidsen) niet meer onder die Safe Harbour-regeling zullen gaan vallen. Dit gaat dus misschien ook voor YouTube gelden aangezien zij duidelijk een gids functionaliteit in YouTube heeft ingebouwd om content op de bezoekers af te stemmen en de aandacht van die bezoekers zo lang mogelijk vast te houden door gerelateerde video’s automatisch na afloop van de vorige video op te starten en in de sidebar te tonen.
  • Copyright is en blijft een actueel onderwerp mede door online toepassingen. De politiek kiest hierbij wel de kant van de makers en niet de kant van de Safe Harbour clubs zoals YouTube volgens Arrien.
  • De politiek moet opgezocht worden om deze onderwerpen echt op de agenda te krijgen. Vanuit de zaal kwamen er vragen over welke politieke partijen zich echt bezighouden met auteursrechten voor muzikanten en componisten. De PVDA werd genoemd als pro. De Piratenpartij als anti. Tegelijkertijd vonden een paar aanwezigen dat er contact met de Piratenpartij gelegd moest worden om de kwestie te bespreken. Brussel is the place to be qua lobby op dit vlak (lees: de gezonde lange arm die Europa heet). En op de vraag wie er nu lobbyt namens de BAM! weet ik het antwoord: ECSA (European Composer & Songwriter Alliance) en GESAC (authorsocieties.eu).

Tot slot mocht Markus Bos van de SENA het laatste onderdeel van de middag invullen. :

  • SENA int geen geld online omdat online geen openbaarmaking is maar voor persoonlijk gebruik is. Vanuit de zaal kwam de kritiek dat vrijwel alle cafe’s muziek van Spotify draaien (lees: een soort radio in de publieke ruimte, of niet dan?), waarom dan geen vergoeding hiervoor regelen? Het antwoord is simpel: het is illegaal om Spotify in cafe’s te gebruiken. De licentie van Spotify is er namelijk eentje die alleen persoonlijk gebruik toestaat. Hetzelfde geldt dus ook voor andere online services die niet voor zakelijk gebruik bedoeld zijn, zoals YouTube. De verwachting is wel dat Spotify in de toekomst zakelijke accounts zal gaan (moeten) leveren. En wellicht dat de wetgever, want die volgt SENA hier natuurlijk, ook het een en ander gaat aanpassen.
  • SENA betaalt 50% aan de producent (de geldschieter van de gehele productie en bezitter van de Master) en 50% aan de uitvoerenden. Daarbij ontvangt de artiest altijd 50% of meer en worden de rest voor de andere muzikanten via een puntensysteem ingevoerd en financieel afgehandeld.
  • SENA levert de centjes aan producenten en muzikanten met terugwerkende kracht tot 3 jaar terug!
  • Markus noemde soundtrackyourbrand.com uit Zweden als een interessante ontwikkeling voor de zakelijke gebruikers (bv die cafe’s die muziek willen draaien maar dat nu illegaal met een persoonlijk Spotify-appje doen).
  • Er ontstond een flinke discussie in de zaal omdat de SENA teveel de kant van de producent lijkt te kiezen. De zaal vol BAM!-leden waren van mening dat muzikanten evenveel recht op centjes hebben als producenten. Op dit moment staat SENA geheel in haar recht, want de wet staat immers SENA niet toe om ook voor online-gebruik te gaan  innen. Het publiek vond dat een te passieve houding: waarom de wet niet willen aanpassen? Waarop Markus luidt en duidelijk maakte om vooral naar de ledenvergadering te komen om daar je stem te laten horen.

sena-w990

Ook Wim van de Buma deed die oproep: kom naar de ledenvergadering en laat je stem horen!

We leven in een tijd vol veranderingen. Leven in de brouwerij! En het wordt er alleen maar beter op. Niet alleen heeft Buma/Stemra voor de verandering nu ineens wél een directievoorzitter die snapt dat internet een  blijvertje is. Eindelijk! Het effect van BAM! is duidelijk zichtbaar.

Kortom, het was een fijn middagje aldaar in de hoofdstad, zo blogde een rasechte Hagenees.

Update: reacties en opmerkingen van Arrien Molema verwerkt in bovenstaande. Zie zijn reactie onder de post.

Hoe rock ’n roll via röntgenfoto’s in de USSR verspreid werd

Het is bijna niet voor te stellen in onze tijd met muziek in overvloed, maar vroegâh in de 50-er jaren lag de situatie totaal anders. En al helemaal in de USSR dat in een Koude Oorlog verkeerde met de Yankees. Wie in de USSR rock ‘n’ roll of jazz wilde horen moest een beroep doen op het illegale circuit, de zwarte markt. En daarmee een gevangenisstraf van 2 to 5 jaar riskeren. Dan moet de voor liefde muziek wel heel groot zijn.

Lees verder

Sterk staaltje Robin Hood: de Amen Break

De track Amen, Brother van The Winstons is de meest gesamplede track evah. Vanwege de prachtige drumbreak van slechts 4 maten. Je kent hem vast, luister maar:

Over die drumbreak is mooie documentaire gemaakt die al eeuwen op YouTube staat. Het is een mooi lesje Art of Sampling.

De drumbreak werd gespeeld door drummer Gregory Cylvester Coleman die helaas in 2006 overleed zonder er een cent aan royalties voor terug te zien. Copyright geldt sowieso niet op drumbreaks maar royalties gelden hier zeker wel, toch? Nee, helaas de royalties moeten aan iemand toebehoren alleen weet niemand aan wie. Wikipedia zegt luidt en duidelijk:

The copyright holder is unknown.

En dus kun je de sample al jaar en dag downloaden en gebruiken, zelfs via Wikipedia. Toch snapt iedereen dat The Winstons recht hebben op een vergoeding en dat het bijzonder lullig is dat zij er nooit ene cent voor ontvangen hebben.

Welnu, na jaren is daar verandering in gekomen middels een gift van ‘The Winstons Amen Breakbeat Gesture’, een Facebook Groep die werd opgericht door de Brit en Amen-fan Martyn Webster. Hij startte een inzamelingsactie via een GoFundMe campagne. Een actie die een eerste som van € 24,000 heeft opgeleverd. Het bedrag is inmiddels overgemaakt aan de zanger en saxofonist van de band: Richard Spencer. Maar de actie loopt gewoon door. Zo vermeldde eind vorig jaar Webster op de Facebook Groep:

Due to popular demand of those who have just found out about the campaign, or have offered to donate again, with the help of Gofundme I have got a new campaign set up and ready to go!

Robin Hood bestaat! Amen.

(Fabio bedankt voor de tip!)

Flexibel samplen met Ableton Live 9.5

Sampling is sinds de jaren 80 een populair middel voor muzikanten om de beat, of een kort fragment uit de muziek van anderen in een eigen track te gebruiken. Zo heeft rap-muziek kunnen ontstaan, rapping over a beat. Een beat die vaak afkomstig was van Clyde Stubblefield, de drummer van vele James Brown hits. James verzon ze niet maar Clyde verzon ze al spelende. Hij stak een hele generatie aan met die vette grooves van hem.

Geld

Clyde heeft er nooit een cent teruggezien van al dat samplen. James Brown daarentegen wel want hij staat als songwriter vermeld en ontving er royalties over. Alleen heeft James die groove niet verzonnen maar Clyde. Een beetje oneerlijk dus.

Yet Mr. Stubblefield’s name almost fell through the cracks of history. The early rappers almost never gave credit or paid for the sample, and if they did, acknowledgement (and any royalties) went to Brown, who is listed as the songwriter.

– New York Times

Clyde is niet de enige. Met hem zijn er vele andere muzikanten met exact hetzelfde verhaal. De sampler heeft hun geen geld of naamsbekendheid opgeleverd.

Samplen als creatief proces

De eerste samplers waren heel primitief. Zelf heb ik nog met een Ensoniq Mirage, een 8-bit sampler, gewerkt. Maar inmiddels dankzij software zoals die van Ableton Live, Duitse software waar ik sinds 2002 mee werk, zijn de mogelijkheden voor het creatief samplen enorm toegenomen. Heden ten dage kun je een sample zo veranderen dat het origineel er vrijwel niet meer in terug te ontdekken valt.

Bekijk vanaf 12:27 onderstaande video en zie hoe je vrij eenvoudig in een stuk audio kunt gaan transponeren naar andere toonhoogtes in real time. Op die manier kun je nieuwe muziek creëren op basis van bestaande muziek door de melodie en harmonie aan te passen.

Het gave hieraan vind ik dat je de unieke aspecten van het origineel kunt behouden. Als een soort eerbetoon. Het geluid van de opname bijvoorbeeld en de algehele feel. Hoewel je dat ook weer kunt aanpassen als je dat wenst, noten, timing en het geluid. Zo ver zelfs, zodat het origineel onherkenbaar is. Maar nogmaals: dit eerbetoon met een twist is toch een geniale creatieve uitdaging die deze techniek ons heden ten dage biedt?

Juridische hel

Het is toch te gek om een prachtige partij van bijvoorbeeld Herbie Hancock te kunnen veranderen naar iets anders? Met die oude sound, maar dan wel heel anders dan het origineel. Helaas ga je dan nat in een rechtszaak. Want zodra het origineel te ontdekken valt ben je aan het “jatten”, zo beschouwen niet-creatieve juristen en rechters het. Andy Warhol mocht de soepblikken van Campbell zeefdrukken en voor veel geld verkopen maar muzikanten die zoiets doen dat worden financieel helemaal uitgekleed. Als ik het muziekje Always Coca Cola sample en met een toetsenbord laat klinken als “Always, always, always Coca Cola” dan moet ik diep in de buidel tasten.

Alles in de kunst is een kwestie van doorgeven, van nadoen wat anderen doen. Stijlidiomen hebben zo kunnen ontstaan doordat iedereen iets op eenzelfde manier speelt. De blues met haar 3 akkoorden bijvoorbeeld waar popmuziek uit heeft kunnen ontstaan.

Of neem Igor Stravinsky die in zijn stuk Le Sacre du Printemps melodieën uit volksmuziek letterlijk overnam. Vrijwel alle klassieke componisten namen overigens eeuwenlang populaire notenreeksen van mekaar over. Hetzelfde geldt voor jazzmuziek dat bol staat van de licks en harmonische overgangen die men van mekaar “leende”.

Met de komst van de sampler in de 80-er jaren veranderde deze visie. De juristen roken geld. Maar inmiddels is de tijd misschien rijp voor een wat meer open blik en kunnen we echt de nieuwe mogelijkheden van software gaan benutten zonder telkens in rechtszaken te eindigen.

Picasso

“Good artists copy, great artists steal”, zei Pablo Picasso ooit. Pablo was schilder. Die moest alles met de hand schilderen. Maar wat nu als je een foto maakt? Dat is een heel stuk eenvoudiger. Het maken van een foto zou je kunnen zien als het maken van een sample van wat je door de lens ziet. Een visuele sample. Veel fotografen fotograferen kunstwerken, schilderijen, of architectuur die ontworpen is door anderen. Ook dat levert enorme copyrightdiscussies op. Maar muzikale samples zijn vaak geen letterlijke opnames zoals een fotograaf doet, maar meer creatieve behandelingen van de samples.

Ik hoop dat sampling algemeen geaccepteerd gaat worden als een creatieve uitdaging om de muziek en klanken van onze voorgangers te recyclen in nieuwe werken. Zodat ze voortleven. Juristen moeten daarom wat meer creatief durven te denken en het meer benaderen vanuit de artistieke prestatie die geleverd wordt. Een fotograaf laten we immers ook redelijk vrij. Dat moet voor componisten dan helemaal gelden. Laat de artistieke presentatie daarin de sleutel zijn en niet het geld. Muziek is een kwestie van voortbouwen op wat er al was. Een verbintenis met het verleden, verbonden door notenreeksen en stijlidiomen die ons bekend in de oren klinken.

P.S. In een interview met The Atlantic maakt copyrightactivist Kembrew McLeod een slimme opmerking:

Q: Do any examples from history prove that a frictionless licensing system can work?

A: We can look to the 1909 copyright act, which made it possible for the cover song tradition to exist—which shaped 20th century popular music. If you look at the history of 20th century popular music, the bulk of sound recordings produced were covers, and it was possible because congress allowed for frictionless transactions on cover songs.

Think about what cultural value was added to 20th century popular culture because people had the freedom to cover and reinterpret songs. That freedom generated tons and tons of fantastic recordings—and revenue. We can have a vibrant, thriving culture—and at the same time, make sure artists get paid. We can look to the past to find fixes for the future.

Mijn album KlankBeeld is meer dan 35000 keer gedownload

cc

Het feit dat mijn album KlankBeeld inmiddels al ruim 35000 keer (op het moment van schrijven, zal inmiddels al veel hoger zijn) is gedownload via Free Music Archive is wel iets om over naar huis te schrijven. Zoals iedereen wel weet is de aandacht voor muziek online schaars. Er is immers zoveel. Dus hoe krijg je de aandacht?

Het antwoord op die vraag is een lang verhaal. Een verhaal dat voor mij voor een groot deel samenhangt met mijn gebruik van Creative Commons licenties waar ik nu alweer bijna 10 jaar mee werk. Net als Gurdonark die ik onlangs nog aanhaalde in een blogpost. En die er net zo positief over denkt als ik.

Wij spreken van Sharing Culture, een begrip dat vele jaren ouder is dan het begrip Social Media. Een term die ik overigens graag zou willen omdopen tot Sharing Media. Bij deze dan maar?

(foto: TilarX / herbewerking: Marco Raaphorst / CC BY)

Update: De 50.000 is inmiddels gepasseerd.

De stem van Gurdonark

gurdonark

Door Maria Genova ben ik telefonisch geïnterviewd voor een artikel over copyright voor Slow Management magazine. Een onderwerp dat mij op het lijf geschreven is. Simpelweg omdat ik niet zo krampachtig vasthou aan copyright. In 2004 begon ik met Creative Commons te werken. Ik begon ermee toen het alleen nog maar in de Verenigde Staten en nog een paar landen beschikbaar was. Ik zette in die tijd al volledige mp3tracks online en liet iedereen ze remixen. Alle muzikanten in Nederland verklaarden me voor gek. Vaak deelde ik het podium met conservatieve muzikanten, label-eigenaren en mensen van BUMA of SABAM. Soms werd letterlijk uitgesproken dat ik een rare hippie was. Ik ken tenminste 1 labelbaas waarmee ik ooit het podium deelde die zijn label heeft opgeheven. Hij geloofde er niet in. Maar mijn bedrijf Melodiefabriek bestaat nog steeds. En Creative Commons is behoorlijk gemeengoed geworden.

Noem me maar een rare hippie maar dan wel eentje die de tijdgeest perfect aanvoelt. Veel dingen vielen te voorspellen ook al zeggen vele experts dat de toekomst niet te voorspellen valt. Voor een deel is dat gelul en liggen dingen gewoon in het verlengde van elkaar en zie je sterke krachten de wereld een kant opsturen. Dat voel je dan gewoon omdat je er bij betrokken bent.

Die betrokkenheid van mij zat erin dat ik die dingen simpelweg deed. Ik dook erin, ik paste het toe. Ik experimenteerde, ik was niet bang. Ook al verklaarde men mij voor gek. Nog steeds trouwens. Maar veel van die lui die een mening hebben over Creative Commons hebben het nooit gebruikt. Net zo goed als ze een mening over Twitter hebben zonder zelf een Twitter-account te hebben. Zonder het zelf te ondervinden. Tja, dan voel je dus geen reet aankomen. Dan sta je er simpelweg buiten!

Ik was bij de eerste bijeenkomst tussen Creative Commons Nederland en BUMA jaren geleden. Er hing een ruziesfeer in de zaal. De helft van het bestuur liep de zaal uit na kritiek van een componist die geen geld uit Amerika ontving, en kritiek van het Bimhuis die van jazzzmusici de kritiek kreeg dat ze nooit iets terug zagen als ze in Nederland hadden opgetreden. De BUMA zweeg in alle toonaarden.

De BUMA dacht dat internet wel zou overwaaien. Artiesten die direct hun muziek aan fans afleveren? De BUMA gelooft er nog steeds niet in. De BUMA verzon zelfs een tarief voor podcasts. Dit had tot gevolg dat zelfs Hilversum alle muziek uit al hun podcasts ging verwijderen. Adam Cury, de podfather, koos met een opgetrokken middelvinger richting BUMA en ASCAP voor podsafe music.

Mijn muziek wordt dankzij Creative Commons vaak hergebruikt. Met Flick Radio heb ik de eerste Nederlandse documentaire onder een Creative Commons licentie op mijn naam staan. Een radio en ook een televisie documentaire. Ik zie die resultaten ook bij de Haagse fotografen ook die ik heb aangestoken om Creative Commons te gaan gebruiken. Sommigen zagen hun foto op een tram gebruikt worden (tegen betaling), anderen waaronder ikzelf (diverse malen) zagen hun foto’s in boeken gebruikt worden.

Ik heb zoveel verhalen. Vooruit, nog eentje dan. In 2006 kreeg ik complimenten van Cory Doctorow die in Felix Meritis een lezing gaf. Toen ik me voorstelde riep hij hard uit “you’re that ccMixter guy, you’re that ccMixter guy!”. Kicken! Want Cory met zijn gepeperde geblog voor BoingBoing had en heb ik hoog zitten. Jaren later gebruikte hij mijn foto van Stephen Fry voor een blogpost op BoingBoing.

Gurdonark denkt er net zo over als ik. Ik ontmoette hem jaren geleden. Denk ergens eind 2004 of begin 2005 op ccmixter.org. Hij heeft mijn muziek hergebruikt en vise versa. Gurdonark is advocaat en weet dus alles van copyright af. Maar hij is ook een vrije vogel. Zoals eigenlijk alle creatieve makers zouden moeten zijn als je het mij vraagt. En nu voor het eerst in bijna 10 jaar hoor ik zijn stem…