2016 META

De beste tijd om te leven is nu. Altijd zo geweest. Ook ik sta niet stil, behalve nu op dit moment hier op mijn blog. Het is 3 januari 2016, de perfecte datum voor mijn visie en voorspellingen. Dus als ik zo vrij mag zijn…

Den Haag

Den Haag is nog altijd dé muziekstad van Nederland. Lui uit Volendam zullen er wat onrustig van op hun stoel gaan wiebelen maar goeds met die gladde palingsound ga je hooguit de TROS en wat ouwe wijven redden. Denk ik dan.

Het is te verwachten dat ik ook dit jaar weer regelmatig zal aanschuiven aan de koffietafel van Opûh Koffie. Sinds 2008 organiseren we dat iedere woensdag. Onze vaste plek is op het moment Café van Beek aan de Turfmarkt/Spui. Een plek die door een aparte regeling met de gemeente geen koffie mag schenken zonder er ook een alcoholisch goedje naast te zetten. Kortom: koffie met amaretto.

‘zegzeg’ met Tom America

Met mijn muzikale maatje van MAM, Tom America heb ik vorig jaar een nieuwe formatie opgericht. Zodoende wisselden we afgelopen jaar aan de lopende band muziekfiles met nieuwe arrangementen met elkaar uit. Speelde ik een basje in en stuurde die dan in audio naar Tom. Soms stuurde hij mij een MIDI-file en kon ik wat gaan rommelen met het geluid en de noten. Een uitwisseling tussen Den Haag en Tilburg. Maar het had net zo goed Oostende en Tokio kunnen zijn. Plaats en tijd speelt tegenwoordig een ondergeschikte rol.

We hebben nu een klein half uur aan materiaal bij elkaar gearrangeerd en na een paar oefensessies waren we klaar voor het echie. Live, het podium weer op is ons muzikale voornemen voor dit jaar.

Content Management

Voor het jaar 2016 word ik voor een 14-17 uur per week ingehuurd als Content Manager voor de website Filedier.nl. Het is een hippe titel, een hoedanigheid waarin ik als professioneel blogger, Twitteraar en Facebooker opereer. In opdracht van De Verkeersonderneming en in samenwerking met WeDigital verzin ik online campagnes, vaak in combinatie met offline uittingen via billboards en dergelijke.

Aandacht is schaars, dus hoe val je op? En via welke online kanalen? Hoe haal je het meeste uit een blog, uit Twitter, uit Facebook. Heeft Instagram zin? Of Snapchat misschien? Er zal dit jaar het nodige gaan veranderen, zo is met name de verschuivende rol van Facebook een interessant gegeven. Want hoe populair ook, weinig in gebruik onder de jeugd en steevast onder vuur vanwege het jij-bent-het-product concept waarbij de gebruikersgegevens verkocht worden.

Voor Filedier hou ik mij bezig met mobiliteit in de regio Rotterdam. Om specifiek te zijn: spitsmijdend gedrag, mensen uit de file zien te halen door ze alternatieven te bieden. Voor een deel kan de smartphone daarin een rol spelen. Apps op dit vlak worden nog onvoldoende gebruikt. Terwijl men beter goed voorbereid op reis kan gaan. Er zijn enorm veel apps, zelfs apps die volledig integreren met je online agenda. Ik verwacht dat ontwikkelingen op dit gebied en het gebruik ervan in 2016 enorm zullen toenemen.

Mijn werk kan ik overigens vanuit elke locatie uitvoeren. Zolang er WIFI is kan ik werken. En met mij vele anderen die er net zo over denken. Meer dan ooit tevoren stikt het in Den Haag van de gezellige koffietentjes met goeie WIFI. Een groeimarkt terwijl het huren van kantoorruimte een aflopende glijbaan is. Leuk versus saai. In 2016 zet deze trend zich door.

Webshops

Opvallend toch hoe sommige bedrijven weigeren mee te gaan met de tijdgeest en bij bosjes omvallen. De enorme zakelijke leegstand, niet alleen voor kantoorpanden maar ook voor het winkelgebied werd jaren geleden al feilloos voorspeld. Veel van die bedrijven zien veel te laat in dat ze naast een fysieke winkel ook een online webshop moeten hebben.

Vorig jaar besloot ik om een set digitale gitaarsounds te ontwikkelen voor gitaristen. Daarom ben ook ik een webshop begonnen en verkoop ik deze sounds ook via het Zweedse muziekbedrijf Propellerhead. In 1 jaar tijd had ik toch maar mooi een paar honderd klanten en dat zonder enige vorm van betaalde promotie. Puur online via mijn blogs, Twitter en Facebook kon ik dat realiseren.

Podcasting

Dat ik een groot fan ben van het fenomeen podcasting is geen geheim. Jarenlang probeer ik iedereen ermee te begeesteren. Tegelijkertijd twijfel ik over mijn eigen concrete stappen in die richting. Jaren geleden heb ik weleens een podcast-reeks gemaakt. En ook mijn audiodocumentaire over Marvin Gaye in Oostende, Oostende Healing zou uitstekend kunnen dienen als een episode van een podcast.

Ik voel hem wel, want het laten samenvallen van storytelling, kick-ass sounddesign, swingende editing en spannende muziek, dat kan alleen maar in een podcast naar mijn idee. Mijn gevoel zegt dat in 2016 de podcast definitief zal doorbreken in Nederland. Elke iPhone of iPad die je koopt komt voorgeïnstalleerd met de Podcast app, dus zo heel onbekend is het ook weer niet. Ik ken dan ook vele Nederlanders die verslaafd zijn aan podcasts. Punt is alleen: het zijn alleen maar Amerikaanse podcasts die ze beluisteren. En precies dat is wat er gaat veranderen in 2016 zo voorspel ik: er gaan Nederlandse podcasts komen die vele luisteraars gaan trekken.

De broekzakcomputer

Een kleine 10 jaar fotografeer ik nu met de smartphone. Mijn eerste Sony had slechts een paar megapixels en haalde niet de kwaliteit van mijn compactcamera. Toch gaf ik die weg aan mijn pa. Ik was ervan overtuigd dat ik nooit meer met een compactcamera foto’s zou nemen. Het viel te voorspellen dat de kwaliteit van de smartphone-camera’s enorm omhoog zou schieten.

Sterker nog, dat die smartphone gemeengoed zou worden, dat voelde toch iedereen op zijn klompen aan? Nee dus. Sterker nog, velen geloofden zelfs dat men tot in de eeuwigheid achter een desktopcomputer zou blijven zitten. Ze worden hier en daar nog op een kantoor gebruikt maar op menig kantoor werkt men toch echt liever op een eigen laptop of tablet. Op menig kantoor zit iedereen zich kapot te ergeren aan die ouderwetse computers waar je niet eens je Gmail op kunt checken. Kortom: men sleept massaal haar eigen iPads het gebouw in. En met een SIM-kaartje erin kun je ineens alles.

Hoewel kijkonderzoek ons wil doen geloven dat we veel tv kijken, dat is natuurlijk je reinste volksverlakkerij. We kijken vooral op onze mobiel! Niemand, maar dan ook niemand verlaat het huis zonder de mobiel op zak te hebben. En wie geen internet op zijn mobiel heeft is een uitzondering.

Bovenstaande foto’s maakte ik met mijn nieuwe smartphone, een iPhone 6S die geweldige foto’s maakt en die je met 1 swipe het internet opstuurt. Dat ding filmt ook geweldig. En ja, ook in slow motion. Dat doe je allemaal gewoon op je smartphone. Daar kijkt niemand meer van op.

In 2016 zal het live streamen van video enorm gaan toenemen. Video is namelijk een kwestie van: knopje indrukken en de camera richten op wat je wilt filmen. Kortom: super simpel. Iedereen gaat dus filmen. En ja, in super hoge kwaliteit. Bandbreedte en de techniek die je ervoor nodig hebt, het is allemaal zo simpel geworden.

Radio en tv

Internet heel veel meer te bieden dan radio of tv kan bieden. Onze NPO loopt zo zwaar achter, het is niet normaal meer. Bij de NPO ligt de focus nog op radio en tv en in 2e instantie pas op internet. What the fuck gekkies! NPO.nl toont video in een verschrikkelijk lage kwaliteit. Geen haar beter dan de baggerkwaliteit van 10 jaar geleden op YouTube. Maar in tegenstelling  tot YouTube uit 2006 kun je de NPO video’s niet eens embedden op een blog of website! Een grof schandaal, verspilling van ons belastinggeld. Iedereen met een smartphone kan op haarscherpe HD-kwaliteit opnemen (steker nog: 4K is inmiddels gemeengoed aan het worden!), dat de NPO zulke baggerkwaliteit op ons loslaat is gewoon een schande!

Ook heeft NPO-radio het fenomeen podcasting totaal gemist. Er worden, zover ik weet, geen unieke podcasts door de NPO gemaakt. Hooguit wordt een radioprogramma ook als podcast aangeboden, aanvullend. Kortom: de NPO ziet radio als heilig en internet als 2e keus. Elke moderne audiomaker heeft de NPO allang verlaten. En ik zweer het je: 2016 gaat het jaar worden dat vele ex-radiomakers een podcast zullen beginnen. In Amerika is dat allang appeltje eitje. Maar hier in Nederland zit Hilversum duidelijk niet op te letten.

De timelapse film van Frans Hofmeester waarvoor ik een uniek stuk muziek componeerde werd in 2 maanden tijd 3,5 miljoen keer bekeken. Dat overstijgt De Wereld Draait Door, een Pauw of een RTL LateNight. Die aantallen haal je als je op de Huffington Post, of Reddit terechtkomt.

 Medicijn tegen burn-outs

Ook in 2016 zullen velen zichzelf weer voorbij lopen. Teveel hooi op de vork nemen, teveel willen, maar vooral ook: te weinig lummelen. Welnu ik ben een groot liefhebber van nietsdoen. Van een beetje aanklooien. Voor mij is het een voorwaarde om creatief te kunnen zijn. Sterker nog: als ik een beetje zonder doel aan het klootviolen ben kom ik meestal tot goeie dingen.

Ik hou er zelfs een speciaal tumblr-blog voor bij: lumlr. Verwacht daarop niet teveel updates want het moet wel leuk blijven en niet als werk gaan voelen.

Nieuwe geluiden

Zo rond de overgang van de 50-er jaren naar de 60-er jaren ontstond er een nieuwe jeugdcultuur in Nederland. Dat begon hier in Den Haag, gevoed door muziek, rebelse muziek. Helaas, toen ik in 1968 geboren werd was de jeugd alweer toe aan een heel wat rustiger tijdperk. Ik was er allemaal te jong voor. Ook voor de punk die in ’76 begon. Precies op het moment dat men drummers ging vervangen door drumcomputers vormden mijn muzikale oren zich. Ik weet nog hoe ik begin jaren 80 Kraftwerk hoorde. De sexuele heeling van Marvin Gaye. Het rappen over een beat. De relatie mens-machine, het valt niet te ontkennen, het vormt de basis van mijn generatie. Mens en machine.

De computer is inmiddels een verlengstuk van onszelf geworden die in onze broekzak past. En zoals een auto, of een fiets ons Snelle Benen geeft. Of zoals een bril ons Goeie Ogen geeft. Zo geeft een computer ons een Stem, een Verrekijker op de Wereld, een Blijvend Geheugen en een Bandje Die Een Liedje Voor Ons doet. En een hele hoop andere dingen.

We zijn denk ik flink toe aan een betere wereld. Eentje zonder angst voor terroristen. Een wereld zonder valse politici. Zullen we wild gaan roepen op een podium met onze vuisten in de lucht? Of samen blowend op een grasveldje tegen elkaar aan gaan liggen? Nee toch zeker? Tegenwoordig doen wij dat anders, we vormen een legioen online en laten van ons horen, we onderzoeken, we creëren, we delen, we discussiëren.

Het internet toont ons wat het leven is. Via verleden, heden en toekomst. Via ons Nederland dat we voor het eerst echt goed met de rest van de wereld kunnen vergelijken. Deels gecensureerd door commerciële partijen, deels compleet ongecensureerd. Dat is met radio en televisie nog nooit gelukt. En dat is met kranten nog nooit gelukt. Maar met internet wel! Anarchistisch, open en chaotisch. Maar daardoor: levensecht. Het leven gevat als een netwerk van mensen en machines. Verbonden zonder structuur.

We zullen in 2016 wel harder moeten knokken om het internet open te houden. Maar we zullen het doen omdat we het internet liefhebben. Omdat wij het zijn. Onze data, wij zijn internet. En hier, nu op dit moment lees jij mij. Als teken van mijn bestaan, als teken van mijn stem. Ik ben data. Communicatie via de computer. DUH!

Gezien: Hollands Deep en 1-2-3-4 van Anton Corbijn

Het leek ons (samen met Karin) vandaag een goed idee om de combinatie-exposities van Anton Corbijn in zowel het Haags Gemeentemuseum als het Haags Fotomuseum te gaan zien. Anton is niet vies van een goed potje symboliek. Wel zo toepasselijk dus voor een Goede Vrijdag.

Met Hollands Deep wil Anton zijn werk als kunst tonen, vandaar dat dit werk in het Gemeentemuseum te zien is. In het Fotomuseum ligt de focus geheel op bands en muzikanten met ondersteuning van goeie 1-2-3-4 popmuziek die uit de boxen klinkt.

(klik op bovenstaande foto’s om er doorheen te bladeren)

Anton Corbijn, de beeldvervormer

De beeldvorming van de popmuziek werd in de 80-er en 90-er jaren gevormd door Anton Corbijn. Je pikte zijn foto’s er zo uit in de OOR. Het harde contrast, de grove korrel, de symboliek en de humor, het zat er allemaal al vrij vroeg in. Eigenheid.

Popmuziek kan niet zonder beeldvorming. En Anton weet elke band het juiste cachet te geven. De 1-2-3-4 expositie laat het zien. Breekbare musici die een imago krijgen, verheven, abstract en symbolisch. Anton haalt het allemaal naar boven.

Door met Anton te werken komt Depeche Mode van haar popimago af en wordt ze serieus genomen. De foto’s van Anton zijn rauw en soms zelfs onscherp. Anton is dol op onscherp. Meestal laten ze een kant van de persoon zien die we nog niet eerder van hem of haar zagen. Een breekbare Miles die je aandachtig aankijkt. Clint Eastwood die met zijn vingers een fictief pistool op ons richt. Mick Jagger in een jurk met oorbellen in en lippenstift op.

De vlucht

Het verschil tussen de Hollands Deep en de 1-2-3-4 expositie is niet zo heel groot. Beide exposities zijn grotendeels zwart-wit collecties. En in beide collecties stikt het van foto’s van muzikanten. Maar er zijn verschillen, de 1-2-3-4 expositie laat de impact van de fotografie op het imago van bands en muzikanten zien. Het is een muzikanten-expositie. De Hollands Deep expositie daarentegen laat een kant van Anton zien die de kunstzinnige mogelijkheden van de fotografie verkent.

Voor Anton vormde muziek en fotografie een vlucht uit zijn zwaar christelijke opvoeding. In een interview vertelde hij ooit dat hij zich tijdens de doop van zijn jongere zusje zich realiseerde hoe hij met haar in zijn armen over de graven van de doden in de kerk naar voren liep. In huize Corbijn was de dood het gesprek van de dag. Vader was dominee en over gevoelens werd niet gesproken.

Anton emigreerde naar Engeland, eind jaren 80 in de nawee van de Punk. Het is in deze periode dat Anton de beroemde foto van Ian Curtis van Joy Division maakt. In een metrotunnel kijkt Ian achterom terwijl de rest doorloopt. Een lucky shot. En een foto die wordt bezegeld met de zelfmoord van Ian, kort daarna.

De dood een hak zetten

Anton toont in beide exposities foto’s van mensen die allang zijn gaan hemelen. Toch zijn het geen kerkhoven, deze exposities. Op de foto’s is iedereen nog altijd springlevend. Het is Anton zijn persoonlijke spel met de dood.

Halverwege de wandeling vroeg ik me plotseling wel af waarom Keith Richards eyeliner gebruikt. Grote kans dat Anton het antwoord weet. Maar goeds, dat terzijde.

(bovenstaande foto’s staan ook in een set onder mijn Flickr account)

Had de Volkskrant me toch tuk met dat stuk over Toto

Bassist Mike Porcaro is afgelopen zondag 15 maart 2015 overleden aan de gevolgen van de spierziekte ALS.  Vandaag publiceerde de Volkskrant daarom een analyse van muziekjournalist Rovert van Gijsel over de oude band van Mike, Toto. Ik moest hem 2 maal lezen om te snappen dat Rovert niet uit was op het bashen van de band maar juist een kleine middelvinger opstak naar alle popjournalisten die dat wel deden.

Ik denk er net zo over.

Gewoon een potje herrie?

Sommige popjournalisten vinden het verdacht als muzikanten zo goed kunnen spelen als de muzikanten van Toto. Vreemd want van popjournalisten mag je toch ook een goeie taalbeheersing verwachten?

Nu vind ik de Punk een belangrijke stroming in de muziek waar ik bovendien een groot liefhebber van ben. De liefde voor imperfectie, het zelfdoen, de anarchie, het schoppen tegen de heilige huisjes en de voorliefde voor eenvoud en rauwe kantjes, het spreekt mij bijzonder aan. En natuurlijk ben ik dol op John Lydon en zijn Sex Pistols. En The Clash. Maar hoewel zij beschouwd kunnen worden als de architecten van de Punk, hun boodschap “dit kun jij ook, koop een gitaar en ga je ding doen!” blijkt in de praktijk toch een heel stuk lastiger te zijn.

Iedereen die een gitaar oppakt weet dat het bloed, zweet en tranen kost om er echt goed op te leren spelen. Zo strak als The Ramones speelden is zeker niet voor elke band weggelegd. En ook hun Beach-Boys-achtige-liedjes lijken misschien eenvoudig maar zijn toch echt met een sterk melodieus gevoel gecomponeerd.

Pathetische muziek

De Sex Pistols en de band Queen zaten ooit op hetzelfde moment in dezelfde studio, de West End studios in Londen. Sid Vicious stapte de verkeerde studioruimte binnen en trof Freddie Mercury aan de piano aan:

Ah, Freddie Mercury, still bringing ballet to the masses are you?

Waarop Freddie antwoordde met:

Oh yes, Mr Ferocious, dear, we are doing our best.

Punk was natuurlijk Het Grote Verzet Tegen Symfonische Bands Zoals Queen. En ik vermoed dat het verzet tegen Toto eenzelfde soort verzet is. Omdat Toto niet voldoet aan het concept “pak een gitaar en ga gewoon een potje herrie maken!” Wat je Queen kunt verwijten kun je dus ook Toto verwijten. Koorzang? Check. Melodieuze gitaarpartijen? Check. Rijke harmonie? Check. Langdurige studiosessies? Check. Verfijnde arrangementen? Check. Hoge kopzang? Check.

En natuurlijk is Queen pathetisch. Net zo goed als Toto dat is. Maar vergis je niet: elke Punkband is dat ook. Sterker nog: het is de basis van alle volksmuziek. Verdiep je er maar eens in. Onderzoek de kerkelijke muziek. Of de Italiaanse Opera. Zet een album van Nirvana op en je staat verstelt van de pathetische boodschappen.

Het is niet voor niets dat menig popmusicus met gebalde vuisten in de lucht zijn lied staat te zingen. Het predikt theatraal zijn boodschap.

En voor sloppy playing die aan alle kanten rammelt schaamt iedere muzikant zich. Zo was Sid Vicious weliswaar een leuk visueel boegbeeld van de Sex Pistols maar ook een gruwelijk slechte bassist die slechts op 1 nummer van het album Never Mind The Bollocks te horen is.

Het wegpoetsen van schoonheidsfoutjes

Op het bekende album Nevermind van Nirvana werd een computer met het programma Pro Tools ingezet om de gitaarpartijen van Kurt Cobain in het nummer Something In De Way helemaal strak en zonder schoonheidsfoutjes te krijgen, want schoonheidsfoutjes, daar schaamden deze pathetische dominees zich toch voor.

Natuurlijk mag je het lelijk vinden dat de gitarist van Toto, Steve Lukather, vrijwel altijd een chorus-effect ter verfraaiing van zijn gitaargeluid gebruikt. Maar dat effect gebruikte Kurt Cobain gewoon ook. In de hitsingle Come As You Are wordt het chorus-effect naast op alle gitaren zelfs ook op de basgitaar ingezet. Overigens niets bijzonders want Billy Duffy van The Cult gebruikt vaak een flanger, Eddie van Halen een phaser en Hendrix een Uni-Vibe.

Deze modulatie-effecten zorgen ervoor dat de toon van de gitaar wat gaat zweven. En het is puur een geluidstechnische keuze. Een kwestie van smaak.

Miles Davis

Toto kon mij nooit echt boeien totdat in 1986 het album Fahrenheit uitkwam. Ook dit album heeft de bekende gelikte en suikerzoete sound. En ja ook dit album maakt er geen geheim van dat de heren goeie muzikanten zijn. Maar wat mij er vooral zo in aantrekt is de rol van Miles Davis op de laatste track van het album, Don’t Stop Me Now. De gitaar van Luke met zijn zijde zachte chorus vloeit prachtig samen met de ijzige klank die uit de trompet van Miles vloeit. Het is van een onwaarschijnlijke schoonheid.

Miles vroeg Luke om bij zijn band te komen spelen maar de trouwe hond Luke sloeg het voorstel af en bleef trouw aan zijn maatjes van Toto.

In de beginjaren van Miles waren de critici het er allemaal over eens: Miles, dat doe je gewoon niet, dat klinkt nergens naar zo vibratoloos met een demper op je trompet spelen. Maar Miles trok zich er niets van aan. Net zoals Luke. En gelijk hebben ze want muzikanten hebben namelijk altijd gelijk. In tegenstelling tot al die critici.

Eerbetoon aan de punk: Jean Paul Gaultier in Kunsthal

Het bleek vandaag zeer aangenaam om de mode van Jean Paul Gaultier in de Kunsthal te kunnen bezichtigen. En met mij waren vele andere Nederlanders uit hun huizen gekropen. Nog nooit zag ik het zo druk in de Kunsthal.

Jean Paul Gaultier is verantwoordelijk voor een stukje vormgeving van mijn jeugd. In de 80-er en vooral 90-er jaren wist hij, zonder formele opleiding als ontwerper te hebben gehad, een draai te geven aan de modewereld. Dankzij de punkmethode – breek met alle regels – wist hij de gehele modewereld op zijn kop te zetten.

Maar goeds dat was toen. Mijn jeugd. Inmiddels zijn we weer terug in uiterst conservatieve tijden anno 2013. Daarom: ga hem zien!

The Fashion World of Jean Paul Gaultier

Voor Peter Boorsma: wat is echt?

Samen met de ontwikkeling van de digitale fotografie, komt er steeds meer filtersoftware op de markt, die je in Photoshop kunt gebruiken om bijvoorbeeld Kodachrome te simuleren. Lekker makkelijk, denk ik dan. Onecht. Nep.

Daar ben ik het totaal niet mee eens. Dus in antwoord op Peter’s blogpost ‘Foto versus verzameling pixels’ hier mijn antwoord:

wat is onecht, nep?

een filter op je camera schroeven is dat echt? een echte lens gebruiken? echt glas?

bij het ontwikkelen je hand of via andere objecten de boel afdekken, is dat echt?

een filter in photoshop gebruiken, is dat nep?

volgens mij is het allemaal hetzelfde. als je kunst maakt schep je iets en hoe je dat doet is bijzaak.

eenvoud is prima. foto, filter eroverheen klaar. of je dat nu digitaal doet of niet. wat maakt het uit? Polaroid deed hetzelfde: instand. te gemakkelijk? boeiend.

in muziek hetzelfde: stoer zeggen dat je echte strijkers gebruikt hebt. eens: klinkt geweldig, maar kost ook wat. en de luisteraar beoordeelt alleen maar het eindresultaat.

al dat gelul over puurheid. echtheid. het heeft allemaal gewoon zijn voor- een nadelen.

een overstuurde gitaar is de boel neppen! zo hoort een gitaar helemaal niet te klinken. die maak je harder op een nepperige manier. want zo hard kan je helemaal niet aanslaan. punkers zijn fukking fakers! lekker stoer doen. echt zeg!

toch?

en muziek afspelen is ook nep. er staat potdomme helemaal geen band voor je neus te spelen. wat je hoort is van te voren opgenomen. zo dan, nep zeg! sommige dingen zijn over gedaan. opnieuw ingespeeld omdat er fouten gemaakt werden. soms wel 10 keer opnieuw.

“wij gebruiken alleen echte instrumenten!”

stoer zeg!

“oh, wij gebruiken maar 8 sporen en 3 microfoons”

“en natuurlijk geen synthesizers, hooguit een echte oude Moog”

echt is natuurlijk: je eigen gitaar uit een boom hakken. met je eigen bloed een kleur aanbrengen. de elementen zelf wikkelen. zelf de snoertjes maken. et cetera.

ff serieus: echt zit in je kop en kan een slaaf zijn.

en dat MOMI weblog-uiterlijk, goh wat is dat echt zeg! ik zie allerlei vlekken en rafeltjes. het lijkt net of mijn computer een oud vies magazine is. je zit de boel toch niet te faken zeker Petert?