De beste microfoon voor spraak (podcasting) en zang

Vaak krijg ik vragen over de spullen die ik gebruik. Wat mijn favoriete microfoon bijvoorbeeld is. Dat is een kwestie van smaak, beschikbaar budget en een grote dosis gezond verstand. Met name dat laatste, weegt voor mij het zwaarst. Er wordt immers zeer veel onzin verkocht. Vandaar onderstaande.

Eerstens, een foto van een 3-tal microfoons die ik gebruik:

Van links naar rechts:

  • een windscreen: het zwarte bolletje dat je over een microfoon doet zodat de wind die uit je mond stroomt de microfoon niet doet dichtklappen
  • een pop filter: een rond filtertje dat je voor de microfoon plaatst zodat de microfoon beter beschermd is tegen pop-geluiden (harde p-klanken met name)
  • de Shure SM57 dynamische microfoon
  • de Shure SM58 dynamische microfoon
  • de Joemeek JM57 condensator microfoon
  • een extra pop filter (in tegenstelling tot het exemplaar aan de linkerkant dat gemaakt is van metaal is deze van stof)

De beste microfoon voor inspreken en zang

TL;DR: de Shure SM57.

Als je zelf iets wilt inspreken of zingen dan is de keuze voor een microfoon vrij eenvoudig. Kijk bijvoorbeeld naar wat je 9 van de 10 keer bij liveoptredens zult aantreffen: een Shure SM58. Een relatief goedkope microfoon (+/-110 euro).

Wat je moet hebben als je iets inspreekt of gaat zingen is een microfoon die alleen het geluid van je stem opvangt zonder het geluid van het omgevingsgeluid erbij. De Shure SM58 doet dat en daarom zie je hem bij liveoptredens altijd. Bij een liveconcert is er zeer veel omgevingslawaai voor de zanger afkomstig van de drummer, de monitors, de bas, de gitaren enzo. En hoewel jij misschien denkt dat het in jouw kamer of studio een stuk stiller is, jij hebt een andere vijand: reflecties van de wanden. Als je in een kamer praat dan reflecteren de wanden het geluid alle kanten op. Een galmend geluid ontstaat en dat klinkt ronduit irritant.

Wat je nodig hebt is een microfoon met een nierkarakteristiek (cardioid). Zoals de Shure SM58. De Shure SM57 heeft ook een nierkarakteristiek en is net als zijn broer de SM58 dus uitermate koppig in het opvangen van het omgevingsgeluid. Fijn dus!

Het verschil tussen de SM57 en SM58 zit ‘m in het windscherm dat in de SM58 ingebouwd zit, verder zijn ze exact gelijk (zie ‘SM57 vs SM58’ op de Shure website). Dit houdt niet alle wind tegen, wel de meeste wind. In de praktijk vind ik daarom de SM57 een ietwat betere microfoon voor het inspreken en voor zang want ik combineer de SM57 met mijn favoriete windscreen en een popfilter. Dit neemt iets van de hoge tonen weg uit het geluid maar voorkomt dat je irritante bijgeluiden vastlegt in je opnames. Het verlies aan hoge tonen kan ik overigens in mijn editing-software eenvoudig bijregelen middels EQ. Het is iets dat ik altijd toepas, EQ. Welke microfoon ik ook gebruik.

Aanvullend voordeel: proximity effect

Een microfoon met een nierkarakteristiek (cardioid), een richtingsgevoelige microfoon dus,  heeft nog een ander groot voordeel: het proximity effect dat optreedt als je dicht bij de microfoon zingt of spreekt. Het proximity effect is het toenemen van de lage tonen in het geluid des te dichter je bij de microfoon komt. Hierdoor klinkt dit model microfoon heel intiem als je dichtbij de microfoon zingt of spreekt.

De SM57 en SM58 slaan hiermee 2 muggen in 1 klap:

  1. ze zijn ongevoelig voor omgevingsgeluiden en pikken alleen geluid op die uit de richting van de mond komt, hierdoor zullen reflecties in de ruimte (kamer of studio) meer op de achtergrond blijven
  2. vanwege het proximity effect hebben ze een fraai diep laag wanneer je dicht bij de microfoon zingt of praat en waardoor eventuele reflecties in de ruimte (kamer of studio) nog meer naar de achtergrond gedrukt worden

De (relatieve) onzin van dynamisch versus condensator

De Shure SM57 en SM58 zijn dynamische microfoons. Niet alleen zijn ze uitermate richtingsgevoelig, ze zijn ook nog eens minder gevoelig dan microfoons van het type condensator. Hoewel condensator microfoons de reputatie hebben transparanter te klinken is dit eigenlijk onzin als je naar de karakteristiek kijkt. Met een Shure SM57 kun je glasheldere opnames maken van stemmen en akoestische gitaren.

Een gevoelige condensator microfoon die ook nog eens rondom gevoelig is zal veel problemen geven. Met name voor zang en spraak aangezien het omgevingsgeluiden en reflecties van de ruimte ook zal oppikken. Dit type microfoons is prima te gebruiken voor andere doeleinden maar voor inspreekwerk en zang adviseer ik een richtingsgevoelige microfoon. Eentje die juist ongevoelig is voor omgevingsgeluiden en vrijwel alleen de stem oppikt.

De onzin van een reflectiescherm

Tegenwoordig zie je steeds vaker dat men gebruik maakt van een reflectiescherm. Zoals bijvoorbeeld te zien is in de video Booth Junkie:

still uit video van Booth Junkie

Het is een scherm dat de microfoon beschermt tegen het oppikken van geluiden van achter en naast de microfoon. Maar het beschermt de microfoon niet tegen het oppikken van geluiden vanaf de richting waar de microfoon het meest gevoelig voor is: de kant waar je hoofd zich bevindt. Een kussen achter je hoofd leggen heeft WEL zin maar zo’n reflectiescherm? Koop het niet, het effect ervan is zeer gering tenzij je een rondom gevoelige microfoon gebruikt die dus ook aan de achterkant en zijkanten veel geluid oppikt. Maar zoals ik boven al schrijf: ik raad zo’n microfoon eigenlijk af voor zang en spraak.

En de Shure SM7B dan?

De Shure SM7B is een veel gebruikte microfoon voor zowel spraak/radio als zang. Zijn voorganger de SM7 (voorzien van een kleiner windscreen) werd bijvoorbeeld door Michael Jackson gebruikt op het legendarische Thriller album. De capsule die in de SM7/SM7B zit is dezelfde als die van de SM57/SM58. Dus in de basis is de klank gelijk. De SM7B is wel bijna 4 keer zo duur. Wat rechtvaardigt de prijs? Het ingebouwde windscreen.

De SM57, de goedkoopste van het 3-tal, heeft geen ingebouwd windscreen. De SM58 heeft een eenvoudig windscreen en de SM7B heeft het meest complexe windscreen.

Iemand die heel bekend is en de SM7B gebruikt is Marc Maron van de WTF-podcast. Hij gebruikt er 2 voor al zijn interviews.

Hoewel het windscreen van de SM7B erg goed is, het houdt niet alle windgeluiden buiten. Daarom blijf ik bij mijn keuze voor de beste microfoon voor zang en spraak: de Shure SM57. Het ding is super goedkoop. Combineer deze met een goed windscreen en/of pop filter en je kunt er werkelijk alle kanten mee op.

P.S. de beste microfoon voor spraak en zang is niet gelijk de beste microfoon voor interviews. Waarom dat zo is bewaar ik voor een volgende keer.

Gemanipuleerde zang

Net als een elektrische gitaar, of elk ander instrument eigenlijk, kun je de menselijke stem voorzien van effecten. Je kunt de stem zelfs zo zwaar verbuigen/vervormen dat het nauwelijks als een stem te herkennen is. Sinds een jaar of 10 worden vrijwel alle popsongs loepzuiver gemaakt middels editing software zoals de Auto-Tune. Maar ook andere effecten om de stem te vervormen zijn vandaag de dag populairder dan ooit tevoren.

Voor ondermeer de voorbeelden die ik in onderstaande stuk geef, heb ik een playlist voor Spotify aangemaakt:

John Lennon

Tijdens het maken van het legendarische Beatles album Revolver wordt op verzoek van The Beatles de ADT (Automatic Double-Tracking of Artificial Double-Tracking) techniek uitgevonden door de engineers van de EMI studios. Het is met name John Lennon die zoekt naar een stemgeluid dat afwijkt van zijn natuurlijke klank. Door het geluid van John’s stem via een bandrecorder te vertragen en samen te mixen met de directe stem van John lijkt het alsof er twee zangers zingen inplaats van een. Een effect dat bijvoorbeeld duidelijk te horen is op de track I Want To Tell You en Lennon nadien heel vaak gebruikt. En vele zangers met hem.

Voor de track Tomorrow Never Knows (ook te vinden op Revolver) gaat John nog een stap verder.

Lennon wanted the vocal for this LSD-influenced song to sound like a hundred chanting Tibetan monks

Technicus Geoff Emerick laat tijdens de opnames de zang van Lennon door een Leslie-box met roterende speakers afspelen. Lennon is er bijzonder blij mee.

De talk box

Om te kunnen zingen moet je de lucht vanuit de longen via het strottenhoofd langs de stembanden naar je mond zien te verplaatsen. Met het apparaat de Talk Box doe je zo’n beetje het omgekeerde: het geluid van bijvoorbeeld een synthesizer komt via een slangetje je mond binnen waarna je het door je mond te bewegen fonetisch vervormt.

Het oudste voorbeeld dat ik ken is de song Forever van Pete Drake uit 1963.

Grootmeester op dit vlak is wijlen Roger Troutman die er een Yamaha DX100 synth (heb hem zelf ook!) voor gebruikte. Hiermee haalde hij een hoge mate van verstaanbaarheid.

Peter Frampton maakte de Talk Box wereldberoemd door zijn gitaarsignaal er doorheen te halen. Frampton gebruikte het effect puur voor het geluid, niet voor de verstaanbaarheid.

De Vocoder

De vocoder werd oorspronkelijk ontwikkeld als spraakapparaat voor telecommunicatie in de 30-er jaren van de vorige eeuw. Het werkt op basis van het moduleren van een elektronische klankgenerator via de menselijke stem. Dit apparaat kan net als de Talk Box een hoge mate van verstaanbaarheid opleveren ondanks dat de basis van het signaal toch echt 100% synthetisch is.

The New Yorker maakte een paar jaar geleden een prachtige korte documentaire over de Vocoder.

Pitch-shifting

In Housequake klinkt de stem van Prince hier en daar hoger dan zijn werkelijke stem is. Het album Sign ‘O’ The Times staat vol met dit soort kleine stemtrucjes. Door de bandrecorder tijdens de opname te vertragen klinkt de stem bij weergave op normale snelheid hoger. Het omgekeerde wordt ook vaak toegepast, om bijvoorbeeld een diepe lage stem te creëren.

Tegenwoordig doen we dit in software met bijkomstige voordelen. Op een bandrecorder zal de stem wanneer ‘ie omhoog gaat sneller klinken. En een lage stem trager. Maar in software kunnen we middels Time stretching de lengte, de snelheid dus, onhoorbaar veranderen, los van de toonhoogte verandering. Deze technieken worden vandaag de dag massaal toegepast.

Scatten

In de jazz van de vorige eeuw begonnen jazzzangers woordloos te improviseren. We noemen dit scatten. Ella Fitzgerald is een van  de grootmeesters op dit vlak. En de onlangs overleden Al Jarreau gebruikte het in zijn popsong Roof Garden. Bobby McFerrin gaat nog verder en imiteert instrumenten met zijn stem. Ze hebben geen effecten nodig, de stem is zelf het effect.

Beatboxing

Op straat en in de clubs is rap ontstaan. Bij een gebrek aan een beat (want rap staat voor: rapping to a beat) werd die beat met de stem gecreëerd. Het effect raakte zo populair dat het ook op platen gebruikt werd in de plaats van een drumloop of drumcomputer.

Inprikken

Dankzij de meersporen-recorder, een recorder die meerdere kanalen tegelijkertijd kan opnemen en afspelen, werd het mogelijk om stukje bij beetje muziek op te nemen, per instrument, los van elkaar. In de 60er-jaren waren The Beatles een van de eersten die het gingen inzetten voor hun muziek. Ze waren geen uitmuntende musici maar de techniek stelde hen in staat om de muziek naar een hoger niveau te tillen. Maandenlang zaten ze in de studio te pielen.

Het schaven aan het perfecte geluid heeft in de loop van de jaren steeds fijnzinnigere techniek opgeleverd. Zo werd het in de 70er-jaren mogelijk om onhoorbaar “in te prikken” tijdens opnames. Hierdoor kon je bijvoorbeeld een zanglijn perfectioneren door steeds opnieuw een zinnetje, of soms zelfs een woord, in te prikken om zo een vlekkeloos klinkende opname te creëren. Op die manier werd elke valse noot simpelweg verwijderd en opnieuw opgenomen.

Bekend is het verhaal van Henny Vrienten die voor zijn hit Als Je Wint samen met Herman Brood alle trucs op het gebied van editing uit de kast moet halen. Herman was samen met een fles whiskey naar de studio gekomen en zong met dubbele tong. Nu was de dictie van Herman op zijn zachts gezegd al soepel, maar de drank had het alleen maar verergerd. Henny heeft vervolgens met zijn eigen stem alle medeklinkers die bij Herman wegvielen ingedubd.

De Auto-tune

Een gigantische historische omslag kwam met de komst van de Auto-Tune. Een apparaat dat werd uitgevonden in 1997 door de firma Antares als “veiligheidsnet” zodat zelfs een ongeoefend zanger nooit meer vals hoefde te klinken. Het apparaat werd bekend via de hit Believe van Cher.

De Auto-Tune corrigeert de toonhoogte van de zangnoten. Elke valse noot wordt omgebogen naar een zuivere noot. Aan het apparaat valt veel af te stellen, van subtiele repitching tot vrij radicale correcties. Een artiest als Cher, maar ook later T-Pain, waren juist gecharmeerd van het artificiële effect als de toon razendsnel omgebogen wordt naar een zuivere noot, de “klapperende Auto-tune”. Het is een karakteristiek geluid waardoor de stem robotisch strak en loepzuiver klinkt.

Het wordt tegenwoordig in vrijwel alle popsongs gebruikt om de boel glad te strijken en/of als creatief effect. Iemand als Ronnie Flex zingt er ook live mee, zie bijvoorbeeld het recente artikel ‘Over Ronnie Flex, The Voice of Holland en autotune’ van de NOS.

En zelfs Aretha Franklin doet de laatste jaren overduidelijk een beroep op de Auto-tune.

Inmiddels is deze techniek in vrijwel elke opname-software ingebouwd. Ook in het door mij geliefde Propellerhead Reason softwarepakket die naar mijn mening het best klinkende algoritme gebruikt en onhoorbare correcties kan doen.

Het zuiver maken van een valse noot is natuurlijk uitmate handig. Het is als het corrigeren van een typefout in een tekst. Of het quantiseren van de noten in MIDI. En het is aan de muzikant om te bepalen hoever hij of zij wil gaan in het gladstrijken van het geheel.

Ook de oude zanger van mijn band MAM, Pieter Bon gebruikte onlangs het effect voor zijn nieuwe single.

Vervorming

Als je Tremendous Dynamite van Eels hoort of All Stripped Down van Tom Waits dan zal je opvallen dat de zang vervormd klinkt. Het is een techniek die mede populair gemaakt is door de technicus en engineer Tchad Blake in de jaren 80. Maar het is ook een techniek die ook door bijvoorbeeld Justin Bieber of Kanye West ingezet wordt.

Door vervorming toe te passen kun de zang zelfs onherkenbaar maken.

Where Are Ü Now?

In het nummer Where Are Ü Now laat het trio Justin Bieber, Skrillex en Diplo wel zowat alle trucs los op de zang. Het refrein bestaat uit een repeterende melodie die een beetje klinkt als een vervormde fluit. In werkelijkheid is het Justin’s stem die middels sampler en zware vervorming onherkenbaar is gemaakt. The NewYorkTimes hebben het maakproces ervan vastgelegd in een video.

Er zijn natuurlijk nog veel andere effecten die we gebruiken om de zang op te leuken. Wat te denken van galm? Geen zanger zingt bijna zonder. En die galm is vrijwel altijd artificieel en wordt vrijwel altijd door software gecreëerd. En zo kan ik nog wel een poosje doorgaan. Met name dankzij de digitale techniek kunnen we de zanglijn perfectioneren en ombuigen, vervormen, naar iets dat niets met de werkelijkheid van doen heeft. Omdat per slot van rekening muziek zuiver virtueel is. Ongrijpbaar. Tijdelijke luchtdruk.

Hoe schrijf ik een liedje?

Toen ik een jaar of 16 was wilde ik heel graag liedjes schrijven. Aangestoken door The Beatles, Steely Dan en de muziek van de dag (1984). Op een akoestische gitaar verzon ik ze. Eerst kwamen de akkoorden en de melodie. Later verzon ik er een tekst bij. Sommigen van die liedjes nam ik op met een 4-sporen cassetterecorder, die ik samen met wat vrienden had aangeschaft. Hier en daar speelden zij ook een basje of een extra gitaartje in.
Lees verder

Muziek A-Z: Z

Elke zaterdagavond zondagmorgen een letter uit mijn muzikale ABC.

Alan Lomax is voor mij het boegbeeld van het vastleggen van burgercultuur. Je zou verwachten dat burgercultuur dankzij internet gemeengoed is geworden, niets is minder waar. Tot op de dag van vandaag doen ‘professionele’ journalisten burgerblogs af als amateuristisch, worden uitingen via Facebook en Twitter niet gezien als belangrijke culturele uitingen.

Alan Lomax trok met zijn bandrecorder de gevangenissen in om de gezongen liedjes van vooral zwarte amerikanen vast te leggen. Zijn werk werd niet serieus genomen door de pers. Inmiddels weet iedereen dat wat Alan heeft gedaan van historisch belang was. Dankzij Alan kunnen we nu nog genieten van de folkmuziek die anders verloren gegaan was. De cultuurhistorici hadden het dus mis.

Alan liet ons horen hoe er werd gezongen. Hoe door het zingen van liedjes je eigen leed draaglijker werd. Hoe door het zingen van liedjes het werk minder zwaar werd. En dat was niet alleen in Amerika het geval. Want wij Nederlanders zongen natuurlijk ook. Bijvoorbeeld galmend als Italiaanse operazangers, zoals in de Jordaan het geval was.

Maar hoe zit dat nu? Zingen we nog tijdens het werk? Onder de douche? Als we een feest geven? Ik denk het niet. Het zingen zijn we verleerd. Het wordt ons niet meer geleerd op school. En waarom? Houden we soms niet meer van zingen?