in samenraapsel

Muziek A-Z: L

Elke zaterdagavond een letter uit mijn muzikale ABC.

Luister!

Om muziek te kunnen maken moet je heel goed kunnen luisteren. Net zoals je voor het maken van een foto goed moet kunnen kijken. Net zoals je als schrijver goed moet kunnen lezen. Alle details moeten bij je binnenkomen.

Ik heb regelmatig met mensen achter een mengpaneel gezeten die een slecht gehoor hadden. Die misten allerlei details. Jammer, want het genieten zit vaak juist in details en niet in mokerslagen. The devil’s in the details.

Luisteren heeft alles te maken met afzonderlijke onderdelen van het geluid te kunnen duiden. Een klein kind heeft een heel gevoelig gehoor maar alles zal als een grote brij bij het kleintje binnenkomen. Door bepaalde geluiden, klanken, een naam te geven worden ze pas herkend. Stiltes, hard en zacht, laag en hoog.

Iemand die muziek leert spelen leert eerst te herkennen hoe muziek is opgebouwd. De tempi (tempo’s, ritme) in muziek, toonhoogtes en hoe toonhoogtes zich met elkaar verhouden. Luisteren is dus een kwestie van de diepte, de lagen in de muziek te kunnen duiden.

Het leren luisteren blijft, als het goed is, bij mensen in ontwikkeling. Je leert als het ware steeds dieper te luisteren. Onze westerse oren zijn nogal geconditioneerd als het aankomt op rijke harmonieën en ritmes. In andere culturen staan daar de oren veel meer voor open. Maar ik voorspel dat onze muziek ook die kant op zal gaan. Met name dankzij alle kleurrijke culturen die steeds meer een vaste plek binnen Nederland gaan krijgen en zo onze muziek cultuur beïnvloeden.

Iemand die zelf muziek maakt luistert naar zichzelf. Speelt hij of zij in een ensemble dan zal er ook naar de andere leden geluisterd moeten worden. Geen noot kan geproduceerd worden zonder er niet direct naar te luisteren. Vanaf de eerst aanslag, het is de musicus die luistert.

Geef een reactie