in samenraapsel

Muziek A-Z: R

Elke zaterdagavond een letter uit mijn muzikale ABC.

Raaphorst en Rock & Roll. We hebben de R!

Tussen de blokfluit tijdens de lagere school en de elektrische gitaar, jaren later, lag een bewuste tijd. Een tijd waarin ik me zat te bedenken voor welk instrument ik zou willen kiezen. Al vrij jong wist ik dat ik echt goed op een instrument zou willen worden. En hoewel de blokfluit een geinig stukkie uitgehold hout is, echt veel woorden hoef ik er niet aan vuil te maken.

Mijn vader speelt orgel, geen piano. Misschien maar beter ook, anders was de keuze duidelijk geweest. Zo voelde dat toen. Ik was een jaar of 12. De sax leek mij wel wat. Iets op kruishoogte eruit blazen. De contrabas ook. Hoewel, niet tram-compatibel. Voor drums gold hetzelfde. Als kind had ik nog een kinderdrumstel gehad. Ik drumde met alle platen mee. Veel oude Elvis dingen vanaf de pick-up van mijn moeder. Uiteindelijk kwam ik bij de gitaar terecht. Hoe precies dat weet ik niet meer. Op de een of andere manier heb ik met mijn ouders een akoestische gitaar gekocht. En een lesboekje.

Maar het wilde niet vlotten met mij en de gitaar. Misschien had ik toch de verkeerde keuze gemaakt? Tijdens een open dag van de Haagse Stedelijke Muziekschool (tegenwoordig: Het Koorenhuis) vielen ineens alle kwartjes. Ik zag gitaardocent Ferry Robers met een groep studenten lekkere muziek spelen. Ik visualiseerde mijzelf in hun midden, grijnzend. Dat ging mij lukken, hier ging ik blind voor. De week erna zat ik op les.

Elke zaterdag met tram 8 of 9 onderweg naar de jazz. Ik heb het 3 jaar vol gehouden. “Een duivel”, zo zou Ferry mij regelmatig in gezelschap toeroepen. Toch heb ik altijd het gevoel gehad dat wanneer Ferry mijn gitaar pakte hij een betere toon had en betere noten speelde.

Mijn hele muzikale ontwikkeling heb ik aan de jazz te danken. Sterker nog, toen ik in een schoolbandje terecht kwam die vooral materiaal van The Stones speelde, snapte ik niets van die tegendraadse noten. Ik soleerde er melodisch doorheen wat dus voor geen meter klonk. Het moest viezer en brutaler. Uiteindelijk bleek dat een koud kunstje.

De Rock & Roll is een belangrijk ingrediënt voor een muzikale maaltijd. Haar opstandige tegendraadse karakter zit ook in mij. Met vervorming in de toon. Een gitaar, een versterker en dan lekker hard aanslaan:

“I wanna be your dog”

Geef een reactie