in samenraapsel

Ratio van harmonie

Muziek is een taal en wie die taal beheerst kan ermee communiceren naar de luisteraar en naar andere muzikanten toe. De basis daarvoor is wat we harmonieleer noemen. Als je muziek analyseert – wat voor mij neerkomt op jazzmuziek/Braziliaanse muziek, elektronische muziek en popmuziek – dan leer je hoezeer het de regels van de harmonieleer volgt. Net zo goed als geschreven tekst zich houdt aan de regels van de spelling, grammatica en interpunctie.

Muziek is een rationeel proces

Voor sommige muzikanten is het vloeken in de kerk want je zou immers “puur op je gevoel moeten spelen”. Natuurwetenschapper David Bohm weerlegde dat idee afgelopen zondag zo mooi in een uitzending van Zomergasten (met dank aan Marleen Stikker!):

Communicatie heeft altijd met denken te maken. Wij moeten onze gedachten overbrengen. Ook onze gevoelens, maar gedachten en gevoelens hebben met elkaar te maken. Als ik denk dat iemand een vijand is, is de kans groot dat ik vijandelijke gevoelens tegenover hem heb. Je kunt gedachten en gevoelens niet scheiden. En als ik bang ben of kwaad, heeft dat invloed om mijn gedachten. Dat kan ze vervormen. Ze horen bij éen proces.

David Bohm in fragment Zomergasten

Alle muzikanten houden, bewust of onbewust, rekening met de regels van de Westerse harmonieleer. Blues, Rock ‘n’ Roll en Punk zijn goede voorbeelden. Niet alleen stemmen muzikanten hun instrumenten op dezelfde afgesproken toonhoogte af (A = 440 Hz) ze gebruiken ook allemaal de basisakkoorden I, IV en V uit de harmonieleer. Het is dus onze ratio die ons bijvoorbeeld een C, F en een G akkoord laat spelen. Er is geen sprake van willekeur maar zuiver het opvolgen van de regels van de harmonieleer.

Muzikanten die weinig tot niets weten van harmonieleer lenen simpelweg akkoordstructuren die ze bij anderen gehoord hebben, die vertrouwd klinken. Een rationele afweging dus (“omdat The Beatles het zo doen mag ik het ook doen”). Ook daarvoor geldt wat David Bohm ons vertelt: ons gevoel wordt gevormd door ons denken.

Ons Westerse getrainde gehoor speelt hierin een belangrijke rol. Elke muzikant die een liedje componeert zal horen dat bepaalde opeenvolgingen van akkoorden een beetje raar klinken. Die toetsing van “wat klinkt goed en wat niet?” doen onze oren automatisch omdat het onbewust gestoeld is op de Westerse harmonieleer.

Hoe zit het met “dat soundje” van Emerson, Lake & Palmer

Een week geleden vroeg een vriend me hoe je die klanken van het nummer Peter Gunn Theme in de uitvoering van Emerson, Lake & Palmer zou kunnen nabootsen.

liveopname Peter Gunn Theme (YouTube)

De volgende dag in mijn studiootje kwam ik er al snel achter dat het niet in de sound zit maar in de parallelle akkoorden die Keith Emerson speelt.

Voor meer informatie over deze analyse, zie mijn blogpost op Melodiefabriek.

Dat soort dingen vind ik simpelweg heel leuk om te doen. Ik analyseer wat er gebeurt. En met die kennis kan ik vervolgens weer gevoel proberen op te roepen in mijn eigen muziek.

Tja, waar zouden we zijn zonder bewustzijn? …


Voor een kleine donatie via IDEAL zodat ik mijn werk onafhankelijk kan blijven doen, klik hier. Alvast bedankt!


Wil je mijn blogposts per e-mail of middels een feedreader ontvangen? Abonneer je dan HIER.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.