Mijn album KlankBeeld is meer dan 35000 keer gedownload

cc

Het feit dat mijn album KlankBeeld inmiddels al ruim 35000 keer (op het moment van schrijven, zal inmiddels al veel hoger zijn) is gedownload via Free Music Archive is wel iets om over naar huis te schrijven. Zoals iedereen wel weet is de aandacht voor muziek online schaars. Er is immers zoveel. Dus hoe krijg je de aandacht?

Het antwoord op die vraag is een lang verhaal. Een verhaal dat voor mij voor een groot deel samenhangt met mijn gebruik van Creative Commons licenties waar ik nu alweer bijna 10 jaar mee werk. Net als Gurdonark die ik onlangs nog aanhaalde in een blogpost. En die er net zo positief over denkt als ik.

Wij spreken van Sharing Culture, een begrip dat vele jaren ouder is dan het begrip Social Media. Een term die ik overigens graag zou willen omdopen tot Sharing Media. Bij deze dan maar?

(foto: TilarX / herbewerking: Marco Raaphorst / CC BY)

Update: De 50.000 is inmiddels gepasseerd.

Diatonisch geluid

geluid-oostende

Sommige mensen horen in het ruisen van de bomen muziek. Of in de cadans van een trein. Maar is ritme wel muziek of is het een onderdeel ervan? Als ik nu 1 noot op een toetsenbord indruk en nooit meer loslaat, is dat dan muziek?

Dat wat we in het Westen muziek noemen moet tenminste bestaan uit ritme (klanken die in een repeterend tijdsframe klinken), melodie (een opeenvolging van gestemde noten die binnen een specifieke toonladder vallen) en harmonie (noten die samen klinken en gebaseerd zijn op intervallen van de toonladder van de melodie). En onze Westerse muziek is gebaseerd op de diatonische theorie van een toonlader die slechts 7 noten bevat waarbinnen de melodie zich afspeelt.

Deze diatonische theorie wordt toegepast in alle Westerse liedjes. Van klassieke muziek tot punk. Vrijwel iedereen valt het op wanneer er een noot gezongen of gespeeld wordt die niet bij de toonsoort van het liedje hoort. Zo sterk dient dus de muziek de theorie te volgen. Zelfs in de punk, nee sterker nog: juist in de punk. Als je in de punk een akkoord dat uit meer dan 3 noten bestaat speelt dan is het geen punk meer, volgens de punkpolitie. De rebellie van de punk zit ‘m dus niet in het opzoeken van de grenzen van die diatonische theorie maar in de rauwigheid van die muziek. En teruggebracht naar eenvoud, imperfectie (fouten zijn een genot!) en oerdriften.

Diatonische muziek is vrij beperkt omdat het zo sterk op theorie gebaseerd is. We hebben onze oren erop getraind deze diatonische theorie te volgen. De vreemde noten pikken we er zo uit. En een valse noot vinden we al helemaal verschrikkelijk. Het is vrij lastig voor creatieve makers om hier uit te breken. Daarom is elektronische muziek op het vlak van geluid en ritme wel vernieuwend maar op het vlak van melodie en harmonie totaal niet.

Deze beperkingen kent het geluid niet. Geluid is wat het is: geluid, veroorzaakt door een luchtdrukverschil. En sommige geluiden vinden we prettiger dan anderen.

Muziek is een afgeleide van geluid. Muziek is diatonisch geluid. Geluid dat perfect op stemming gebracht moet zijn. Met noten die goed samen klinken met andere noten. Voorzien van een melodie waarvan we de trappen in ons hoofd hebben zitten. We weten ongeveer wat er komen gaat maar niet helemaal zodat het nog net spannend genoeg blijft. En het geheel moet voorzien zijn van een logisch ritme.

Maar het belangrijkste aspect van muziek is denk ik het menselijke gevoel erachter. Een melodie die ik op mijn gitaar speel volgt de trappen van de diatoniek en zal elke luisteraar enigszins bekend in de Westerse oren klinken. Ik kan een traptree overslaan, ik kan omhoog of omlaag lopen in de toonladder, variaties maken die noodzakelijk zijn voor de spanning in de muziek. Maar het belangrijke aspect naar mijn idee is het menselijke gevoel erachter. Op een gitaar kan ik een noot op allerlei verschillende manieren aanslaan. En het gevoel dat ik erin leg kan een ander ook voelen. Veelal elektronische instrumenten missen die expressiemogelijkheden, ze zijn teveel te voorspellen, te statisch en minder geschikt om gevoel mee uit te drukken. Daarom heeft elektronische muziek vaak ook een complexe gelaagdheid nodig.

“I know it’s hot,” I said, “but can we close the windows? It’s so noisy.”
“You call it noise,” said Cage. “I call it music.”

Zei John Cage ooit. Maar ben ik het met hem eens?

(foto: FaceMePLS / CC BY)

Is Yahoo gek geworden?

noise-flickr

Op de dag dat bekend werd dat Yahoo het blogplatform Tumblr heeft overgenomen kwam zij ook met het nieuws dat zij Flickr geheel vernieuwd heeft.

Een hele aparte combinatie want Yahoo en Tumblr staan mijlenver uit elkaar. Het zijn 2 radicaal (als in: RADICAAL!) andere bedrijven. Daarbij komt dat het nieuwe prijsbeleid van Flickr niet te vatten is. Laat me het even uitleggen.

Porno

Het stikt op Tumblr van de porno. David Karp, oprichter en bedenker van Tumblr, heeft altijd gezegd dat hij voor vrije expressie is en gaat daar vrij ver in. Yahoo daarentegen is MEGA MEGA MEGA MEGA MEGA conservatief en heeft jarenlang Flickr accounts lopen te verwijderen omdat er bloot op viel te zien. Die censuur door Yahoo was altijd het gesprek van de dag op Flickr. En tot op de dag van vandaag moet je als je 1 tepel op een foto laat zien de foto automatisch laten vervangen door een ruisfoto. Als een gebruiker daarop klikt krijgt de gebruiker het volgende te zien:

This photo falls outside your current SafeSearch filter.
You can click through to see it if you want.

Maar op Tumblr mag je gewoon een vidootje met porno oploaden. Of fullscreen een geslacht laten zien. Geen enkel probleem. Geen enkele restrictie.

Poen

Tumblr is vanaf het begin vrij van advertenties geweest. David Karp vindt het stom om een businessmodel in te zetten dat niet naadloos aansluit bij dat wat de community doet en maakt. Flickr daarentegen was ook altijd al gratis maar tot slechts 200 foto’s. Bovendien werden er op jouw profiel advertenties geplaatst en zag je die bij anderen ook. Voor 25 dollar per jaar werd de foto-upload onbeperkt en de site vrij van advertenties. Een mooi model. Vanaf 2005 heb ik dan ook een pro-account voor Flickr. En met mij vele andere fotografen.

Flickr heeft de prijs herzien. Zie flickr.com/account/upgrade Ineens kost het 50 dollar om advertentievrij op Flickr te vertoeven. 2 keer zo duur! En bovendien krijgt iedereen nu 1 terabyte opslag, dus voor die opslag hoef je het niet te doen. Het gratis account is prima. En die advertenties zijn misschien lelijk, maar de foto’s van Flickr zijn simpel via HTML-code in te sluiten op andere sites en dan heb je geen last van die advertenties.

Ik snap de gedachte van Yahoo niet. Ik durf te wedden dat vrijwel alle pro-gebruikers over zullen stappen op de gratis variant van Flickr. 1 terabyte is genoeg. Mocht je meer nodig hebben dan zul je een extra account moeten openen want de 500 dollar per jaar voor een extra terabyte die Flickr daarvoor vraagt gaat natuurlijk niemand betalen. 500 dollar voor 2 terabyte die je alleen voor foto’s kunt gebruiken?!?!?

Op Tumblr kun je sinds de start in 2006 foto’s fullsize uploaden. Onbeperkt. Gratis. En vrij van advertenties. Veel templates in Tumblr tonen die foto’s lekker in het groot. Al jaren dus, terwijl Flickr pas deze week de foto’s echt groot op de profielen toont. Nu biedt Flickr wat extra’s zoals het maken van sets en groepen bijvoorbeeld. Maar als fotograaf kun je beter ook via Tumblr je foto’s uploaden want dan heb je direct een blog en maak je deel uit van een community die heel graag foto’s wil rebloggen. Bovendien staat Tumblr toe er een domein of subdomein aan te koppelen. Iets dat Flickr zelfs niet aan haar klanten die jaarlijks 500 dollar voor 2 terabytes betalen, aanbiedt.

Ik vraag het je, is Yahoo gek geworden?

P.S. Vergat ik nog te melden: zo’n ruisfoto is ook verplicht als je woorden als “suck”, “cock”, “cunt” gebruikt op Flickr. Een soortemet Noord-Korea online zeg maar.

Gek op de heuvel

chamberlain

Ken schudt geëmotioneerd zijn hoofd en knijpt met zijn ogen als hij de blokfluiten in het geweldige nummer Glass Onion langs hoort komen. Die blokfluiten klinken knetter vals. John, Paul, George en Ringo en hebben er toentertijd vast flink om gelachen samen met Ken.

It was just another day at the office

En dat gaat zo dus nog 2 uur en 40 minuten door.

De stem van Gurdonark

gurdonark

Door Maria Genova ben ik telefonisch geïnterviewd voor een artikel over copyright voor Slow Management magazine. Een onderwerp dat mij op het lijf geschreven is. Simpelweg omdat ik niet zo krampachtig vasthou aan copyright. In 2004 begon ik met Creative Commons te werken. Ik begon ermee toen het alleen nog maar in de Verenigde Staten en nog een paar landen beschikbaar was. Ik zette in die tijd al volledige mp3tracks online en liet iedereen ze remixen. Alle muzikanten in Nederland verklaarden me voor gek. Vaak deelde ik het podium met conservatieve muzikanten, label-eigenaren en mensen van BUMA of SABAM. Soms werd letterlijk uitgesproken dat ik een rare hippie was. Ik ken tenminste 1 labelbaas waarmee ik ooit het podium deelde die zijn label heeft opgeheven. Hij geloofde er niet in. Maar mijn bedrijf Melodiefabriek bestaat nog steeds. En Creative Commons is behoorlijk gemeengoed geworden.

Noem me maar een rare hippie maar dan wel eentje die de tijdgeest perfect aanvoelt. Veel dingen vielen te voorspellen ook al zeggen vele experts dat de toekomst niet te voorspellen valt. Voor een deel is dat gelul en liggen dingen gewoon in het verlengde van elkaar en zie je sterke krachten de wereld een kant opsturen. Dat voel je dan gewoon omdat je er bij betrokken bent.

Die betrokkenheid van mij zat erin dat ik die dingen simpelweg deed. Ik dook erin, ik paste het toe. Ik experimenteerde, ik was niet bang. Ook al verklaarde men mij voor gek. Nog steeds trouwens. Maar veel van die lui die een mening hebben over Creative Commons hebben het nooit gebruikt. Net zo goed als ze een mening over Twitter hebben zonder zelf een Twitter-account te hebben. Zonder het zelf te ondervinden. Tja, dan voel je dus geen reet aankomen. Dan sta je er simpelweg buiten!

Ik was bij de eerste bijeenkomst tussen Creative Commons Nederland en BUMA jaren geleden. Er hing een ruziesfeer in de zaal. De helft van het bestuur liep de zaal uit na kritiek van een componist die geen geld uit Amerika ontving, en kritiek van het Bimhuis die van jazzzmusici de kritiek kreeg dat ze nooit iets terug zagen als ze in Nederland hadden opgetreden. De BUMA zweeg in alle toonaarden.

De BUMA dacht dat internet wel zou overwaaien. Artiesten die direct hun muziek aan fans afleveren? De BUMA gelooft er nog steeds niet in. De BUMA verzon zelfs een tarief voor podcasts. Dit had tot gevolg dat zelfs Hilversum alle muziek uit al hun podcasts ging verwijderen. Adam Cury, de podfather, koos met een opgetrokken middelvinger richting BUMA en ASCAP voor podsafe music.

Mijn muziek wordt dankzij Creative Commons vaak hergebruikt. Met Flick Radio heb ik de eerste Nederlandse documentaire onder een Creative Commons licentie op mijn naam staan. Een radio en ook een televisie documentaire. Ik zie die resultaten ook bij de Haagse fotografen ook die ik heb aangestoken om Creative Commons te gaan gebruiken. Sommigen zagen hun foto op een tram gebruikt worden (tegen betaling), anderen waaronder ikzelf (diverse malen) zagen hun foto’s in boeken gebruikt worden.

Ik heb zoveel verhalen. Vooruit, nog eentje dan. In 2006 kreeg ik complimenten van Cory Doctorow die in Felix Meritis een lezing gaf. Toen ik me voorstelde riep hij hard uit “you’re that ccMixter guy, you’re that ccMixter guy!”. Kicken! Want Cory met zijn gepeperde geblog voor BoingBoing had en heb ik hoog zitten. Jaren later gebruikte hij mijn foto van Stephen Fry voor een blogpost op BoingBoing.

Gurdonark denkt er net zo over als ik. Ik ontmoette hem jaren geleden. Denk ergens eind 2004 of begin 2005 op ccmixter.org. Hij heeft mijn muziek hergebruikt en vise versa. Gurdonark is advocaat en weet dus alles van copyright af. Maar hij is ook een vrije vogel. Zoals eigenlijk alle creatieve makers zouden moeten zijn als je het mij vraagt. En nu voor het eerst in bijna 10 jaar hoor ik zijn stem…

Neerlands geluidslandschap: Hoe luidt het land

hoeluidthetland

Stella van Voorst van Beest heeft een geweldige documentaire gemaakt: Hoe luidt het land. Over snelwegen die dag en nacht geluid produceren. Over windmolens die draaien. Over overvliegende vliegtuigen. Over die zeldzame stilte die toch soms nog in ons land te vinden is. Hoewel dat vroeger altijd beter was.

De fotografie is adembenemend fraai. En de montage is heerlijk rustig en basaal met strakke overgangen van lawaai naar rust. Een documentaire waar ons documentaireland Nederland maar weer trots op mag zijn. En gelukkig werd er geen muziek of andersoortige opleukdingetjes toegevoegd. Dat heeft ‘ie niet nodig. Eerlijk en puur. Van die dingen ja.

Te zien op Uitzending Gemist. Meer over de film: hoeluidthetland.nl

De wereld verbeteren

gitaar

Groep 1: autonoom kunstenaar

Een autonoom kunstenaar maakt zonder rekening te houden met wat anderen ervan vinden zijn werk. Maar nadat het werk af is is hij wel afhankelijk van die anderen. Zij moeten zijn werk immers kopen. Er moet tenslotte wat geld in de broekzak van de kunstenaar terechtkomen.

De kunstenaar kan ook gebruik maken van een subsidieregeling. Dan moet er verantwoording worden afgelegd over het te ontvangen geld. Het werk van de kunstenaar wordt onder de loupe gelegd en er zullen vragen gesteld worden over hoe belangrijk en noodzakelijk het werk van de kunstenaar is.

Groep2: dienstbare maker

Er is ook een type maker dat volledig rekening houdt met haar publiek, haar afnemers, haar gebruikers. Dit type maker probeert precies op de behoeften in te spelen en aan verwachtingen te voldoen.

Steve Jobs heeft ooit verteld dat ‘ie op een dag besefte dat alles om hem heen door mensen gemaakt is die eigenlijk precies zijn zoals hijzelf. En dus kon ook hij die wereld gaan veranderen als ‘ie dat zou willen. Ik denk dat Steve hele goeie voelsprieten had voor wat er aan die wereld ontbrak en hij is dat vervolgens gaan maken.

Weet jij wat er aan de wereld ontbreekt of te verbeteren valt? En ben jij dat dan ook aan het doen of aan het maken?

Raaphorst is boos! Wat een kinderachtig gedoe rondom die sample van Gotye zeg!

gotye

Er is wat ophef over het feit dat Gotye een sample heeft gebruikt in zijn hit Somebody That I Used To Know.

Michiel Veenstra schreef op zijn blog:

Die Gotye toch. Het is gewoon een sample!

Oh! Nou, dan heb ik een lesje voor je Michiel. Lees je even mee?

De sample is afkomstig uit het nummer Seville van de artieste Luiz Bonfá.

De hit van Gotye ken je vast, maar voor de volledigheid:

Voor het gebruik van die minuscule sample heeft hij inmiddels al meer dan 1 miljoen dollar van zijn inkomsten moeten afstaan aan de rechthebbenden, ook al lijkt het nummer Seville totaal niet op die hit van hem.

We leven in een vreemde wereld. Artistiek mag je geen ene fuck meer tegenwoordig!

Hoe denk je dat die liedjes van The Stones tot stand kwamen vroeger? Hun liedjes zijn gebaseerd op oude bluessongs. Niet 1 minuscule sample zoals bij Gotye, nee gewoon alle accoorden, het ritme, de manier van zingen, en de gitaarsolo’s werden gebruikt. ALLES!

Met Led Zeppelin precies hetzelfde. Die hebben hun naam boven liedjes gezet die ze voor de volle 100% van anderen hebben overgenomen. Ja, dat noem ik WEL echt plagiaat en dus jatwerk. Zonder die oude zwarte bluesknakkers overigens ene rooie cent ervoor te betalen.

Tegenwoordig moet je je financieel uitkleden als je 1 seconde gebruikt uit andermans liedje. Terwijl notabene een paar decennia terug een nieuwe muziekstroming ontstond door de uitvinding van de sampler! Juistum: de Rap! Rap betekent letterlijk: rapping to the beat. En die beat was afkomstig van een drumloop van een oude plaat van bijvoorbeeld James Brown of Funkadelic die op herhaling voor de begeleiding zorgde waar men overheen rapte. En zoals we weten is dat genre tot op de dag van vandaag van zeer grote invloed geweest.

Maar om even terug te komen op de rock and roll, dat werkt natuurlijk precies zo. Een genre dat je een grote sample van de blues zou kunnen noemen. En wie dat niet inziet snapt geen reet van of geeft geen reet om kunst en cultuur. Juristen, advocaten en rechters bijvoorbeeld. Anders zouden ze wel op de barricaden gaan staan om die wetten te laten veranderen. Doen ze niet want er zijn heeeeeeeel veel centjes met dit soort achterlijke praktijken te verdienen.

Fotografen hebben het maar makkelijk. Die leggen de werkelijkheid via een fotografische sample vast. En dat zonder er maar iets aan te hoeven veranderen. Zij samplen de werkelijkheid zoals ‘ie is. En dat mag! Men ziet een mooie ouwe kerk: foto! Een bekende minister stapt in een auto: foto! En ze kunnen er nog het volledige copyright voor claimen ook! Maar als ik 1 seconde uit een nummer van een ander gebruik en er totaal iets nieuws mee maak dan mag het ineens niet.

WHAT THE FUCK MAN!

Laten wij kunstenaars hiertegen in opstand komen! Massaal! Het is 2013. Fuck die hele onzin! KUNST IS ALTIJD GEBASEERD OP IETS DAT ER AL WAS. ALTIJD. HET IS NOOIT ANDERS GEWEEST. En laten die rechters en advocaten lekker wat anders gaan doen. Vieze graaiers! Bah!

Wat de koe schijt

rhodos

Met de hedendaagse computertechniek lijken de mogelijkheden haast onbegrensd. En da’s lastig want je moet een keuze maken om verder te komen. Hoewel ik een behoorlijke twijfelaar ben, diverse door mij gemaakte keuzes blijken duurzaam.

Je moet eigenlijk altijd achter de keuze staan die je maakt.

Spijt is wat de koe schijt

, zei Herman Brood ooit.

Ik koos er ooit voor om gitaar te gaan spelen. Er ging een lange periode aan vooraf. Ik overwoog saxofoon te gaan spelen, of contrabas, of piano, of drums. Die twijfelperiode duurde denk ik wel een jaar. Totdat ik een keertje op de Stedelijke Muziekschool in Den Haag een paar gitaristen van de jazzworkshop zag spelen, toen wist ik het direct. Ik hoorde en zag het.

Tijd speelt soms een belangrijke rol. Pas na lange tijd wordt duidelijk wat iets echt te betekenen heeft voor jou en voor anderen. Daarom is het soms goed om dingen aan de kant te schuiven om er vervolgens pas later een beslissing over te nemen. Een methodiek die je ook kunt toepassen op je werk. En ik kan het weten want sinds ik vanaf 2003 als zelfstandig ondernemer werk komt er regelmatig iets op mijn pad waarvan ik mij afvraag of het wel bij mij past. Dan kunnen anderen dan wel vinden, maar vind ik dat ook? Ga ik daar mijn tijd aan besteden?

Vaak weet je het antwoord op die vragen niet direct. Of iets bij je past is vaak alleen te bepalen wanneer je je er een tijdlang mee bezig houdt. En dan nog, als het even tegen zit stop je er toch niet direct mee? Het goed leren bespelen van een instrument kan alleen maar dankzij passie en toewijding ontstaan. Menig persoon hangt een instrument aan de wilgen onder het motto van ‘ik heb er geen talent voor’, maar vast en zeker is het juist de wil die hier aan de wilgen gehangen wordt.

Hoe bepaal je of iets bij je past? Zo’n vraag openbaart zich soms door iets een tijd lang te doen zodat je er echt van kunt gaan houden. Doordat je het tijd geeft. Of soms door het juist opzij te leggen en er een tijdlang geen aandacht aan te schenken. Bij een hereniging voelt het wellicht direct als iets dat niet bij jou hoort of juist wel. Het is mij regelmatig overkomen. Afstand nemen, terugkomen, beslissing nemen.

De keuze moet naar mijn idee door gevoel bepaald worden. Het verstand kan je immers goed voor de gek houden maar het gevoel nooit. Kun je later ook nooit spijt van krijgen. Het is er of het is er niet, dat gevoel.