“Ik ben ff door mijn huis aan het lopen met de laptop”

Het is maart 2008 en vanuit de studio van de RVU in Hilversum bellen we een paar van mijn vrienden en kennissen op. Ik ken ze via Flickr. Het zijn Haagse fotografen. Bert Kommerij vraagt ze naar hun internetgedrag. Hij zit in de droog klinkende spreekruimte.

“Beschrijf eens hoe je huis eruit ziet?”

Want de luisteraar kan immers niets zien.

Radiomaker Willem Davids zit aan de knoppen en ik zit naast hem te luisteren. Bert laat lange stiltes vallen nadat de persoon aan de andere kant van de lijn helemaal uitgesproken lijkt te zijn.

Want soms komt er nog iets moois op ’t end.

“Hallo zijn jullie daar nog?”

Ik neem de gesprekken mee naar huis en maak een korte versie van iets dat later op 9 grote schermen tijdens Beamlab in Pakhuis de Zwijger in Amsterdam te horen en te zien zal zijn. De audio is dan voorzien van een stroom aan stilstaande foto’s van mensen die achter laptops zitten en met hun smartphones in de weer zijn. Zij en hun media-apparaten. Omdat wij ons erin herkennen.

Het is voor mij een nieuwe vorm van taal, ritme, muziek en een nieuwe vorm van podcasting.

Een kabouter, Michiel Romeyn en Todd Rundgren

todd-in-amsterdam

Een klein mannetje van bovengemiddelde leeftijd met een lange baard en lange haren danste vrolijk in het rond. Rond zijn kruin was ‘ie flink kaal. Hij had zo model kunnen staan voor een Anton Piek kabouter. Plotseling stopte hij met dansen, griste een mobiele telefoon uit zijn zak, zakte wat door zijn knieën en richtte de camera met lange arm op zichzelf terwijl hij er van oor tot oor bij glimlachte. Hij was erbij geweest.

Iets verderop spotte ik Michiel Romeyn met zijn grote lijf ritmisch op de maat meebewegend. De bekende norse blik hield hij strak op het podium gericht. Ik probeerde me voor te stellen wat er in dat hoofd rondging. Hij wekte de indruk een groot liefhebber van Todd’s muziek te zijn.

En dat allemaal in die ouwe kerk in dat fucking Amsterdam. Je kunt natuurlijk wel de hele dag achter die computer blijven zitten maar dan maak je ook nooit ene hol mee.

Moet de journalistiek gered worden?

Red de Journalistiek

Ik ben met wat journalistieke zaken bezig. Mede daarom leek het me nuttig om naar het debat Red de Journalistiek in De Balie te gaan. Afgelopen dinsdag was dat.

Tijdens dat debat werd de journalistiek vergeleken met de muziekindustrie. Ook de journalistiek heeft niet makkelijk. Kranten lopen terug in aantallen abonnee’s en adverteerders. Online geven adverteerders de voorkeur aan het adverteren bij Marktplaatsen, Fundas en dergelijke. Tegelijkertijd lijkt het nieuws zich decentraal te verspreiden onder meer via Twitter, Facebook en bijvoorbeeld via de aggregatie van Google Nieuws. En alle Digital Natives (mensen die geboren zijn tijdens het internet tijdperk) weten het: nieuws kun je gratis online verkrijgen.

Wat nu? Kan een journalist misschien niet beter, net zoals in de nieuwe muziekindustrie, zonder de tussenkomst van derden het nieuws zelf aan de man gaan brengen? Via online-media. De enige kosten die je daarvoor maakt zijn je eigen arbeidsuren. Het is een investering in jezelf.

Werkend Nederland vormt zich steeds meer rondom flexibele eenpitters die tijdelijke relaties met mekaar of met grotere bedrijven aangaan. De persoonlijke autoriteit en expertise worden daarbij steeds belangrijker. Autoriteit die zich laat gelden via sociale media en professionele blogs. En de toegevoegde waarde die je moet zien te vinden ten opzichte van dat wat er al is. Alles wat vervangen kan worden door een computer zal ook vervangen gaan worden. Snel nieuws vergaren via quotes is te automatiseren, Google Nieuws toont dat al aan, heeft dus geen zin.

Tenzij je zelf een app of webservice wilt gaan ontwikkelen is het vinden van de menselijke aanvulling op wat er al is waar de vernieuwing zal moeten plaatsvinden. Het toevoegen van waarde, was en blijft key.

Er is geen reden voor om de journalistiek te gaan helpen. In ieder geval niet van buitenaf. De journalisten zelf misschien wel, vaak worden zij onderbetaald, maar de kranten en andere nieuwsmedia niet. Het geld daarvoor, zo is inmiddels wel duidelijk geworden door de huidige crisis, zou voornamelijk in de broekzakken van Graaiers terechtkomen. Net als wat voor de muziekindustrie gold, en voor een deel nog steeds geldt. Logisch dus dat de industrie zichzelf op die manier om zeep wist te helpen.

Misschien moet de Moderne Journalist een beetje gaan denken als een musicus. Het vergt creativiteit om iets nieuws te brengen, maar het is waar we gretig naar op zoek zijn. Wij allemaal. Nieuws.

P.S. “Society doesn’t need newspapers. What we need is journalism.”

Ik wil met crowdfunding aan de slag!

Ik wil al jaren met crowdfunding aan de slag. Heb er weleens over geboomd met de VPRO, De Nieuwe Reporter en Creative Commons Nederland. Het kwam er niet van.

Vorig jaar overwoog ik zelf een Haags fonds op te zetten. Omdat niemand het doet. Omdat Den Haag achterloopt. Toch worstelt onze culturele sector hier evenzo hard als elders in het land. Maar ik heb besloten het niet te doen. Teveel werk om vanaf 0 te beginnen en ik ben meer maker dan organisator, laat staan fondsenwerver. Het zou slimmer zijn om bijvoorbeeld bij een fonds als fonds1818.nl in te haken.

Is crowdfunding een zinvolle investering? Is het de toekomst? Zonder ENIGE TWIJFEL!

Maar goeds, omdat Den Haag geen fonds heeft zou ik het nu via het Amsterdams Fonds voor de Kunst doen: voordekunst.nl
Die hebben het goed begrepen. En wellicht dat ik een project in de aanbieding heb binnenkort.

Dat zal toch wat zijn. Ik als Haagse maker. Maar wat moet dat moet. Er komt gewoon keihard onder te staan: met dank aan Amsterdam.