Moe van kiezen; Het Nieuwe Luisteren, als radio

radio raheem

Televisie komt hier op neer: je zet de televisie aan en gaat op de bank zitten. Als het je niet bevalt wat je ziet dat skip je door naar een andere zender.

Met televisie kijken bedoel ik dus niet: je zet de televisie aan, zoekt een DVD uit, stopt deze in de DVD-speler en gaat op de bank zitten. Dat heet namelijk DVD kijken.

Televisie kijken is iets anders. Het gaat erom dat je dingen voorgeschoteld krijgt. Hooguit met de mogelijkheid om weg te zappen naar een volgende fragment wat je ook weer weg kunt zappen.

Is Het Nieuwe Luisteren ook zo? Als radio, stromend? Je zet de radio aan. En als niet bevalt wat je hoort dan kies je een andere zender.

The analyst firm published a study on Monday that showed the numbers of those who regularly file-shared had dropped by a quarter between December 2007 and January 2009.

(bron)

Op een iPod kun je iets van 40.000 liedjes downloaden. Afgezien van de hamvraag ‘wie gaat dat betalen?’ borrelt er een ander hamvraag op: ‘hoe lang ben je ermee bezig om dat ding vol te laden?’. 40.000 liedjes. Hoeveel liedjes staan er gemiddeld op een album, 10? Zo dan, heb je even?

Het aanzetten van een WMFU, een Dublab of een SomaFM, is een stuk eenvoudiger. Internet radio. Het streamt maar door. En je iPod gebruik je iedere dag voor verse podcasts. Dat heet: je auditief laten verwennen.

The future looks bright, the future looks like radio?

(foto: Spuz / licentie: Creative Commons BY-SA)

gisteren in De Balie: debat over de economische gevolgen en kansen van file sharing

Filesharing Up or Down? Gisteravond was ik aanwezig bij het debat in De Balie over file sharing. Dit naar aanleiding van een tweetal zaken:

  • de uitspraak van de rechtbank in Stockholm over de The Pirate Bay (zie ook mijn blogstuk hierover)
  • de uitslag van het TNO-onderzoek ‘Ups and downs – Economische en culturele gevolgen van file sharing voor muziek, film en games’ (directe PDF-download)

De uitslag van het TNO-rapport, in opdracht van ministeries van OCW, Justitie en Ez, is positief:

Uit het onderzoek blijkt dat de economische effecten van file sharing op de Nederlandse welvaart op de korte en de lange termijn sterk positief zijn. Consumenten krijgen als gevolg van file sharing toegang tot een breed scala aan cultuurproducten. Dit heeft een welvaartsverhogend effect. Daar staat tegenover dat een daling van de omzet uit de verkoop van geluidsdragers, dvd’s en games als gevolg daarvan aannemelijk is.

Ook de uitspraak van The Pirate Bay kwam aan de orde. Opvallend blijft dat de zaak zich niet heeft gericht op de site zelf. The Pirate Bay zal dus online blijven.

Deelnemers aan het debat waren: leden van het onderzoeksteam achter het ‘Ups en downs’ onderzoek (Nico van Eijk, Instituut voor informatierecht, Sander Limonard, TNO), observers van het process tegen de Pirate Bay (Lennart Renkema, Torrentfreak.com), Muziekentrepreneurs (Guido van Nispen, Veronica Holding en Hessel van Oorschot, TribeofNoise.com) en Matthijs Bobeldijk (Buma/Stemra).

Volgens mij was iedereen het over eens dat met de techniek achter The Pirate Bay, het bittorrent formaat, niets mis is. Daar heeft de rechter ook geen uitspraak over gedaan. Lennart Renkema wierp terecht op dat als de techniek van bittorrent niet pluis zou zijn dan is die van YouTube dat ook zeker niet. Via YouTube kun je deze content zelfs heel eenvoudig via allerlei websites delen met anderen. Illegale content dus ook (bijvoorbeeld een videoclip van een band aangesloten bij een platenmaatschappij).

Er kwam heel veel voorbij. Teveel onderwerpen die allemaal om verdieping vragen. Het onderwerp is natuurlijk heel breed. Je hebt te maken met de auteurs, zoals ik, de tussenhandel (platenmaatschappijen), auteursorganisaties (BUMA) en promotors (Veronica bijvoorbeeld).

“Is The Pirate Bay niet de nieuwe Veronica?”, wierp iemand op?

Opvallend blijft dat er zo overduidelijk uitgesproken wordt dat het zoeken is naar nieuwe businessmodellen. Twijfel.

Johan Pouwelse van TU Delft wierp een vraag op: “Waar is de strategische visie?”. Sinds jaar en dag woon ik lezingen bij met producenten, radio- en televisiemakers, auteurs etc. Telkens blijkt dat de impact van internet gezien wordt als een gevaar. Een gevaar zonder een verdienmodel. Er heerst angst en terughoudendheid als het gaat om de uitvoering ervan. Men innoveert niet. Natuurlijk wordt er gezocht naar nieuwe modellen en is men daar hard mee bezig. Maar een blind vertrouwen is er niet. Je kunt niet innoveren vanuit de spagaat van angst.

De enige oplossing is: een platform starten die artiesten rechtstreeks verder helpt. Daar liggen de kansen want dat is waar alle muzikanten nu naar opzoek zijn. Het is niet zo raar dat Radiohead op basis van donaties haar plaat In Rainbows ging ‘verkopen’ (pay as you wish). Of een Nine Inch Nails die nu haar albums onder een Creative Commons licentie gratis ter beschikking stelt aan het publiek. Voor Radiohead zorgde het voor een stroom aan donaties. Voor Nine Inch Nails in verkoop van de speciale boxed-version. En in beide gevallen: mega veel aandacht en waarschijnlijk een toename in het concertbezoek en verkoop van merchandising.

Aandacht is de nieuwe schaarste. En aandacht creëer je door iets weg te geven. Dat was altijd al zo. Ook een Sony geeft gratis CD exemplaren aan de pers ter promotie. En dat kost geld, waar je als band voor betaald. Logisch dus dat iedereen gratis zijn muziek op MySpace laat horen. Of op een weblog aanbiedt, via bittorrent. Je zult eerst een fanbase moeten opbouwen. Je zult zelf ondernemer moeten worden. In de letterlijke betekenis van het woord: ondernemen.

De industrie probeert muziek nog steeds te beschouwen als een product. Een product dat verkocht moet worden. Maar vanuit de technologie gezien is dat een achterhaald concept. Daarmee wil ik niet zeggen dat de consument geen muziek zou willen kopen, veel consumenten doen dat immers ook. Die betalen voor digitale downloads. Dat doe ik soms ook.

Guido van Nispen gaf aan dat er op zijn iPod nummers staan waarvan hij niet weet of ze legaal zijn of niet. Het antwoord is eenvoudig: al die nummers zijn legaal want je mag legaal muziek downloaden voor eigen gebruik.

Als je een iPod Classic koopt dan lees op ik de Apple website dat er een harde schrijf van 120 Gb in zit waar ‘30.000 nummers in de 128-Kbps AAC- structuur’ op passen. Of 150 uur video. Of 25.000 foto’s. Ik denk dat het absurd is om te denken dat er iemand op deze aardkloot rondloopt die die 30.000 nummers bij de iTunes Music Store aanschaft tegen 1 euro per muziekstuk.

En de techniek wordt alleen nog maar eenvoudiger de komende jaren. En de opslagcapaciteit neemt toe. Het is zelfs denkbaar dat we in de toekomst onze muziek niet zullen downloaden maar via internet zullen streamen. We hebben het gehele aanbod tot onze beschikking. Of wellicht dat binnen nu en 5 jaar alle ooit uitgegeven muziekstukken op 1 iPod kunnen. Gewoon een kwestie van tijd. Kom je iemand tegen op een feestje dan hou je de 2 iPods tegen elkaar en deel je alles wat de ander nog niet heeft.

Maar 30.000 nummers ga je nooit kunnen beluisteren. Stel een muziekstuk is 4 minuten lang. Dan kom je dus op 120.000 minuten uit. Da’s 2000 uur. Dan ben je dus al een maand of 3 kwijt om alleen alle nummers 1 maal te beluisteren. Stel jezelf eens de vraag: hoe ziet Apple dat?

Een uitspraak van Guido van Nispen van Veronica was opvallend. Hij vertelde dat hij regelmatig verzoeken krijgt om oude Countdown Cafe opnames online te zetten. Dat is niet mogelijk vanwege de rechten. Enerzijds door de hoge kosten van BUMA/SENA, anderzijds door de exclusiviteit door exclusiviteit die bedongen is middels een beperkt aantal uitzendingen. Naar mijn idee is de enige oplossing door gebruik te maken van licenties, bijvoorbeeld die van Creative Commons, zodat de muziek wel gedeeld kan worden op internet. Dan moet Veronica ook het programma onder eenzelfde licentie verspreiden. Naar mijn idee is dat de enige manier. Hetzelfde model gebruikt wikipedia. Maar ook op Flickr heeft de gebruiker deze keuze. In beide gevallen blijft de content en haar rechten in handen van de eindgebruiker. Flickr kan een enorme etalage laten zien aan foto’s en de fotograaf blijft in het bezit van zijn rechten. Ook voor wikipedia geldt hetzelfde. Daardoor kan deze informatie gebruikt, gekopieerd worden. En daardoor blijft deze informatie in omloop.

Een Flickr voor muziek. Ik zou er zo maar 25 dollar per jaar voor over hebben. Net zoals ik Flickr betaal voor mijn pro account. Als Veronica dat bouwt, prima. Of een ander. Het is er nog niet.

FabChannel. De live concerten mocht men opnemen onder bepaalde voorwaarden en tegen bepaalde kosten. Uiteindelijk bleek dat te duur te worden. Het einde van FabChannel was het gevolg. Een volgend FabChannel zal onder een licentie haar werk terug moeten geven aan het publiek zodat de content online mag blijven. Zo’n platform zal ook alle platforms voor het aanbieden van video kunnen gebruiken. Dit kun je op dit moment alleen regelen via een Creative Commons licentie. En ik geef toe: we staan nog maar aan het begin, dat kost heel veel tijd. Maar het is naar mijn idee de enige manier om het te doen. De andere manier zou zijn de BUMA en alle andere partijen die zich opwerpen als rechthebbenden te negeren, met als risico dus hoge kosten en het offline halen van het materiaal. Een tussenweg is er niet. Een deal die we nu maken, zal in de toekomst een wurgslang blijken. Nogmaals: Countdown Cafe mag niet online, juist omdat er in het verleden afspraken zijn gemaakt die inmiddels achterhaald zijn door de techniek.

Exclusiviteit op internet is een farce. Alles is immers een kopie. Dingen van het internet deleten lukt niemand. Eenmaal uitgeven is het er gewoon. Duikt het overal op en gaat het zijn eigen leven leiden.

Een veel gehoord punt blijft dat CC muziek minder zou zijn en dat de licenties gedoe geven. Inderdaad, filtering op de beste CC muziek is noodzakelijk en het ontbreekt daar nog veelal aan. Maar dat is een kwestie van tijd. Daarnaast moeten musici wat meer overtuigd gaan raken van het nut van sharing. Bij een lage drempel zal het hergebruik van jouw werk toenemen. Helaas wordt nog te vaak deze lage drempel gezien als het missen van financiële beloningen. Daar ben ik het niet mee eens. Je moet wel iets aan te bieden hebben. Mensen die live optreden (neem de goedbetaalde DJ’s bijvoorbeeld) verdienen daar veel meer geld mee dan wat ze overhouden aan royalty’s. Dat is trouwens altijd al zo geweest. Ook kan het bioscoop bezoek sterk toenemen door het gratis ter beschikking stellen van speelfilms. Een bioscoopbezoek is een totaal andere ervaring.

Content online gaat richting gratis. En dankzij die gratis dienst wordt aandacht gecreëerd. Aandacht voor een dienst, een live concert, een fysieke CD, of iets anders. Het valt naar mijn idee niet meer te ontkennen.

(CC BY foto: Guido van Nispen)