Banksy en Salvador Dali in Moco Museum

Vandaag gezien in Moco Museum.

Banksy verkoopt zijn werk niet. Als gratis gift aan de wereld. Toch wordt er flink aan zijn kunst verdiend. Men hakt zijn graffiti zelfs uit de muur en plaatst het in een museum. Hij lacht zich natuurlijk gek. Ze doen maar.

public life

Banksy

Banksy

Banksy

Banksy

Banksy

Anonymity / Banksy

Banksy

En Dali spreekt ook zeker geen poep.

Perfection / Dali

FF een otofoto tussendoor.

Otofoto

Mae West Lips / Dali

De goeiste:

Dali

Banksy

Als toetje werden we in de tuin van het Rijksmuseum op een waterpartij getrakteerd.

Water kids

 

De computer kan componeren dus moet de componist zichzelf opnieuw uitvinden

Het ontstaan van de fotografie heeft de schilderkunst beïnvloed. Daar waar schilderkunst voor een groot deel leunde op het vastleggen van de realiteit beseften schilders tijdens de opkomst van de fotografie dat men daar qua realisme niet tegen opgewassen was. Schilders vonden het vak opnieuw uit. Realisme was passé, impressionisme en abstractie werden key.

In de kunst zie je dit opnieuw gebeuren door de creative computers die steeds beter in staat zijn om creatieve werken te genereren. Vaak als variatie op wat er al is “in de stijl van…”

Het is al een tijdje aan de gang. Ook in de muziek. We luisteren al jaren naar drummachines, basmachines, loopjes en allerlei geautomatiseerde patronen. Daarbij gaat de computer ook steeds meer zelf meespelen als een echte muzikant. Zo zit al jaren een Drummer in Logic, Garageband en Muziekmemo’s (iPhone/iPad) die automatisch, net als een echte drummer, meespeelt met bijvoorbeeld een gitaarpartij. En in Muziekmemo’s dat ik op mijn iPhone gebruik wordt er naast een automatische drumpartij ook automatisch een baspartij bij verzonnen.

Muziek is een kwestie van wiskunde. Rekenwerk met vaste patroontjes .

Nu de computer steeds creatiever wordt zullen we onze eigen creativiteit opnieuw moeten beschouwen en uitvogelen wat onze toegevoegde waarde moet zijn. Misschien verliezen we die wedstrijd. Net zoals we het van de schaakcomputer dus allang verloren hebben. Kijk, wij mensen denken dat we het belangrijkste op deze wereld zijn. Belangrijker dan dieren, belangrijker dan de natuur. Maar ik ben toch bang dat die zelfoverschatting nogal lachwekkend is. Zo belangrijk zijn we namelijk echt niet. We vergallen het milieu en schieten onze medemensen massaal af. We doen dus best gerichte pogingen om het mensenras te laten uitsterven. Wat dat betreft blijven we zoogdieren natuurlijk: uitsterven behoort tot de mogelijkheden.

Maar goeds, laat ik niet te negatief zijn. Die creatieve computers zijn heel interessant. We zullen daardoor realistisch moeten zijn. Het confronteert ons met een realiteit die vergelijkbaar is toen de fotografie ontstond. En dus zullen we moeten zoeken naar nieuwe manieren die ons doen opwinden. En wellicht zullen we dat samen met de computer moeten doen want de concurrentie aangaan met de computer is bij voorbaat een verloren strijd.

Gerard Fieret, het manifest van Folkert de Jong en de gameboycameraman

Vandaag bezocht ik het GEM en het Haags Fotomuseum. Ik kwam voor de foto’s van Gerard Fieret. In zijn nadagen zag ik hem altijd in de stad met twee emmers vol duivenzaad aan het stuur, een tas van de Intertoys en een wollen muts op het hoofd.

Ik ben geen fotograaf, ik ben niet eens een kunstenaar. Ik heb me door de kunstacademie heen geworsteld en beheers een veelvoud aan disciplines; schilderen, tekenen, schrijven, dichten en fotografie. Ik kies er niet eentje, maar maak gebruik van diverse media. Ik ben een maker van beeldende kunsten. Ik vind het woord ‘kunstenaar’ te beperkend.

Een man naar mijn hart!

Waar ik naar zoek in fotografie is anarachie: in de context van de conservatieve maatschappij zijn mijn foto’s agressief. Een intens leven vol met passie – een solide passie voor het leven, dat is waar ze over gaan.

Een bekende uitspraak van Fieret was dat hij zichzelf niet als fotograaf zag maar als een ‘fotograficus’. Een graficus heeft de macht over de techniek en zet die naar zijn hand, terwijl een fotograaf er afhankelijk van is om wat hij heeft vastgelegd zo scherp en waarachtig mogelijk weer te geven. Dat verschil in benaderingswijze is misschien wel de kern van Fierets ongemak jegens de gevestigde fotografenorde: hij behoort er niet toe. Althans, hij voelt zich anders. ‘Ik ben geen Hasselblad-mannetje’, verzuchtte hij ooit.

De foto’s van Fieret zijn altijd sfeervol. Soms zijn ze onscherp juist vanwege het effect.

In het GEM zag ik hoe Folkert de Jong aanhaakt op De Stijl. Zijn manifest Plea for Humanity, een antwoord op Manifest I van Theo van Doesburg, fotografeerde ik natuurlijk ook. Kunst biedt immers in tijden van crisis soelaas.

Tot slot bekeek ik de foto’s van de Instagrammer gameboycameraman. Hij schiet op een oude gameboy-camera met een bijzonder lage resolutie. Lo-fi, imperfect, heerlijk.

Wat als de computer de melodieën componeert?

Bob van Luijt twitterde in een discussie over copyright iets belangrijks:

De computer als bedenker

Het document Importance of Being Digital (gratis PDF) beschrijft hoe door de digitale techniek het ongelofelijk eenvoudig is om muziek op te wekken en daar afgeleiden van te maken. Ik geloof dat werkelijk geen enkele politicus, rechter of advocaat op de hoogte is van hoe moderne tools de creaties van vandaag de dag bepalen. Nog altijd blijft men volhouden aan copyrightsysteem voor creaties waarin een duidelijk melodie waarneembaar moet zijn die vervolgens wordt geregistreerd door een persoon of bedrijf. Daarin wordt de melodie heilig verklaard.

Maar wat nu als de bedenker, de componist, een computer blijkt te zijn?

In het document Importance of Being Digital worden diverse zinvolle voorbeelden gegeven hoe je met behulp van moderne tools muziek kunt creëren. Weet ik alles van, is mijn vakgebied. Bijvoorbeeld door peak frequenties om te zetten naar andere muzikale elementen. Zo kun je bijvoorbeeld een fragment waarin iemand spreekt de noten van viool-samples laten triggeren, om maar wat te noemen. Het klinkt als muziek in de oren terwijl de bron bijvoorbeeld juist a-muzikaal is. De computer kun je tenslotte met van alles voeden.

Witte ruis en andere random algoritmes

Witte Ruis bestaat al zolang als de weg naar Rome. Het is de perfecte Random Generator. En op basis van zo’n random algoritme, witte ruis of iets soortgelijks kun je melodieën At Random laten genereren door de computer. Brian Eno doet dit al jaren.

Je kunt juist ook beperkingen gaan verzinnen waardoor het ineens “muzikaler” gaat klinken, want te random klinkt vaak te abstract. Grappig dat, des te meer we de computer beperken, des te meer deze muzikaler klinkt. Een leuke mind-fuck niet waar? Muziek = random noise beperken.

Een van die muzikale beperkingen is bv de toonsoort en de manier hoe harmonieën gecreëerd moeten worden. Sommigen zullen het als Artificiële Muzikale Intelligentie bestempelen. Komende jaren zal in dit gebied enorm veel ontwikkeld worden. We gaan de computer steeds meer voeden met muzikale presets, stijlidiomen en patronen. De computer kan zodoende op basis van historische muzikale ideeën nieuwe creëren.

Generieke muziek

In een van mijn eigen tracks gebruikte ik een poos geleden deze generieke techniek. Het vertoont overeenkomsten met het werk van Brian Eno.

Deze generieke muziek wordt al massaal ingezet maar zal in de toekomst een vlucht nemen. Met name de computer “leren” hoe te reageren op beelden zal de wereld van de filmmuziek komende jaren totaal op z’n kop gaan zetten. Ik voorspel generieke muziek die klinkt als bijvoorbeeld oude funk of klassieke muziek.

Een aardig voorbeeld, een blik in de toekomst, is track Daddy’s Car die geheel door de computer gecomponeerd werd op basis van “45 songs of The Beatles”:

Wie claimt het copyright?

Wie geven we hiervoor het copyright? De computer? Het computerprogramma? De persoon die wat instellingen deed? De persoon die de export maakte? Is er al een jurist die hier iets zinvols over geroepen heeft?

Een ding dat zeker is: het zet copyright VOLLEDIG op z’n kop.

De mogelijkheden van het hergebruiken van muzikaal materiaal is dankzij de computer oneindig. Maar moeten we dit vanuit copyright bezien beschouwen als een inbreuk?

Paul Lansky werd de bron van Radiohead

Paul Lansky bouwde in het midden van de jaren 70 zijn allereerste stuk op de computer. Het stuk Mild und Leise bijvoorbeeld:

Radiohead gebruikte een stukje uit dit stuk in haar song Idoteque op het album Kid A. Het oorspronkelijk stuk van Paul klinkt behoorlijk abstract, het is een computer die at random klanken opwekt. Toch hoorde Radiohead er dus duidelijk muziek in.

Conclusie: ons copyright systeem loopt achter

Copyright loopt achter op de techniek. Toch is het niet zo moeilijk om een toekomst te voorspellen die gelijk is aan open source. Een toekomst waarin we we de bronnen zullen moeten respecteren (plagiaat is wat ik haat!), maar hergebruik zal altijd moeten mogen en niet langer een inbreuk op iemands rechten zijn. Want hergebruik is precies wat de computer tot een computer maakt. Het is het perfecte kopieerapparaat dat alles voor ons kan maken. En geheel autonoom. Als een zelfsturende auto. Als een chatbot.

Kortom: de computer als componist is een feit.

P.S. Net nadat ik op publish had gedrukt schoot de herinnering aan een uitzending van Podium Witteman naar boven. Hoe we inmiddels zelfs de componist der componisten Bach uit de computer kunnen halen.

Auto-Tune

Natuurlijk kun je een discussie hebben over of je het Auto-Tune effect mooi vindt klinken. Ik vind het persoonlijk in de meeste gevallen heel lelijk klinken. Puur op basis van klank. Maar daar ga ik nu niet op in. Ik wil iets anders vertellen.

Toch vreemd, want muziek is abstract. Van een schrijver verwachten we niet dat hij/zij met een heel mooi handschrift schrijft en dat het zo uitgegeven wordt. Nee hoor, de tekst moet van een universeel font worden voorzien. De persoonlijkheid van het handschrift van de schrijver willen we juist niet zien. Maar van een muzikant verwachten we dingen die misschien vals romantisch zijn. Die we bestempelen als ziel of echt, maar toch juist iets anders zijn: artistieke keuzes. Anders zou geen mens naar een drumcomputer kunnen luisteren. Of naar een tekening kunnen kijken die met behulp van een tekenprogramma is gemaakt. “Oh mijn hemel, de tekenaar gebruikte een vlakgom!”

Luister naar het resultaat. Of het echt is boeit niet, want muziek is niet echt, het is abstract. Daarom is het kunst.

Uitbreiding van ons bewustzijn

Deze week citeerde ik een paar maal een tekst van David Foster Wallace:

There are these two young fish swimming along, and they happen to meet an older fish swimming the other way, who nods at them and says, “Morning, boys, how’s the water?” And the two young fish swim on for a bit, and then eventually one of them looks over at the other and goes, “What the hell is water?”

In diverse discussies kamen vragen op zoals : Hoe is het universum ontstaan? Hoe groot is het? Waar gaat het naartoe met de wereld?

Het lijkt erop dat het universum oneindig is, maar hoe of wat valt eigenlijk niet te verklaren. Het is als die 2 vissen, we kunnen niet verder kijken dan de wereld die we om ons heen voelen en zien. De wereld die we kennen totdat we iets nieuws ontdekken. Als het universum oneindig is dan bereiken we de grens daarvan nooit en valt er dus altijd iets nieuws te ontdekken.

We zoomen uit en zien dat het universum onmetelijk groot is. We zoomen in en zien dat het universum zit laat vertalen in deeltjes die telkens weer verder gedeeld kunnen worden. Oneindigheid.

En als ik een brug sla naar mijn vakgebied, geluid: elke toon bestaat uit een verzameling trillingen die op zichzelf ook weer bestaat uit trillingen. We komen nooit uit bij een enkele trilling, hoe dieper je graaft des te meer opsplitsingen. In de geluidswetenschap beschouwen we de pure sinus als een trilling zonder harmonische trillingen, maar puur sec bekeken zijn er ook dan nog altijd harmonischen, minuscuul weliswaar, maar ze zijn er wel degelijk.

Muziek en kunst in het algemeen, het vergroot mijn wereld. Nieuwe kunst levert namelijk echt iets nieuws op, is een uitbreiding op wat er als was, een nieuwe blik, beeld,  een nieuw geluid. Met innovatie, gaat het precies zo. Daarom is innovatie ook vaak creatief te noemen. En hoewel wetenschap niet creatief genoemd wordt, er zijn bijzonder veel raakvlakken. Want wetenschap komt voort uit goed kijken en goed luisteren. Precies hoe de kunstenaar ook te werk gaat. Alleen probeert wetenschap het te verklaren terwijl de kunstenaar het op basis van gevoel doet. Maar in beide gevallen kan het gaan om het vinden van iets nieuws. Iets waarvan velen zeggen: wow, te gek!

Het universum is oneindig. Er valt dus nog zoveel te ontdekken. Het houdt niet op. Het gaat maar door.

Een zaaier van de waarheid

Ik vertoefde gisteren voor de 3e keer in het Van Goghmuseum. Of was het misschien toch de 4e keer? Hoe dan ook, vandaag zag ik in zijn schilderijen iets nieuws: de geweldige expressie die uit de portretten van Van Gogh spreekt. Het gemoed van de geportretteerde spat van het doek af op een manier die gelijk is aan bijvoorbeeld een Rembrandt.

Echter, Vincent had hiervoor wel een Totaal Eigen Vorm gevonden zodat zijn werk zich totaal onderscheidt van de schilders die hem voor zijn gegaan. Zijn portretten die hij met de techniek van het pointillisme uitvoerde zitten vol expressie en zijn modern, vernieuwend. Van Gogh vond een universe expressie gelijk aan die van Rembrandt, alleen zonder diens realisme na te hoeven bootsen. Hij gebruikte daarvoor de techniek van het schilderen in stipjes en streepjes met complimenterende kleuren in tegenstelling tot het aloude mengen van verf.

Daarbij was de man zo oer-Nederlands, deze bleekneus met rossig haar, dit kind van een predikant, deze ultieme aardappeleter.

Hij begon met schilderen in 1881. Een kleine tien jaar later in 1890 stierf hij. Een kort mensenleven van slechts 37 jaar dat in die korte tijd de schilderkunst compleet op zijn kop heeft weten te zetten. Alleen heeft Vincent daar zelf niets van meegekregen, zoals het zo vaak gaat met kunstenaars. Hij was zijn tijd (te) ver vooruit. Maar we hebben het begrepen. En gezien. Gisteren opnieuw.

een zaaier van de waarheid

Het verband tussen beeldkunst en muziek

Is er een verband te leggen tussen beeldkunst (fotografie en schilderkunst) en muziek? Ik ga een poging wagen…

1. Fotografisch

ANP / CC BY-NC-ND

ANP / CC BY-NC-ND

Vroeger, heel vroeger, werd alle muziek live opgenomen. Een momentopname alsof het een foto betrof.

Deze vorm bestaat nog altijd onder het predicaat liveopname. Toch wordt er tegenwoordig vaak tot in de late uurtjes aan geëdit om foutjes te herstellen of te maskeren. Net zo goed als vandaag de dag vrijwel alle foto’s ook gefotosjopt worden.

Lees verder