John Nuyten: “Hoe wil je klinken?”

Ruim een jaar ben ik bezig aan een audiodocumentaire dat als aanknopingspunt de single Maternité van mijn oude band MAM heeft. Een zoektocht. Naar authenticiteit? Naar succes of naar wat succes in de weg staat?

Een van de mensen die ik interviewde was gitarist John Nuyten. Hij was mijn voorganger. Op 25 januari 2017 in Tilburg hadden wij een gesprek als gitaristen onder elkaar. Luister naar dit korte fragment:

Qua planning laat deze audiodocumentaire nog even op zich wachten aangezien ik komende tijd tot eind mei met iets anders groots bezig ben.  Daarover een andere keer meer… dus heb geduld!

MAM in Poobah Pasadena

mam_ooteDe band MAM, waar ik als gitarist deel van uitmaakte in de jaren 90, had diverse internationale fans. Opvallend want onze teksten waren Nederlandstalig, met uitzondering van wat oude nummers uit de begintijd, begin jaren 80. Onze internationale fans taalden daar klaarblijkelijk niet naar.

Een van die fans was Ron Kane. Hij en zijn toenmalige vrouw Gwen woonden in Long Beach, Californië. Regelmatig kwamen zij naar Nederland om op het Quentin Amsterdam Hotel te passen. Dan konden de eigenaren zelf even op vakantie. Ron had veel contacten in de muziekwereld. Zo was hij betrokken bij de band Dread Zeppelin die Led Zeppelin muziek in reggae uitvoering uitvoerde. Hij heeft ze ooit nog op Parkpop in Den Haag aangekondigd.

Lees verder

Maternité, vanwege moederdag

De band MAM, waar ik ooit deel van uitmaakte, heeft veel met moeders. Dat moge duidelijk zijn met zo’n bandnaam. Maar ook het werk dat beschouwd wordt als het muzikale kantelpunt van de band, Maternité, is een eerbetoon aan die band met ons moeder.

De song Maternité is gebaseerd op het gelijknamige schilderij van Picasso. Zie hieronder een video van zo’n 20 jaar geleden in een zaaltje in Egmond Binnen. Het lange haar is inmiddels verdwenen maar de gitaar heb ik nog.

Muziek die hopelijk nooit meer weggaat.

Onderweg naar 20 jaar later: hallo Tilburg!

look-mamMet mijn 4-sporen recorder had ik een demo opgenomen en per postduif naar Tilburg opgestuurd. Ik werd gelijk aangenomen.

Zodoende werd ik onderdeel van de allerlaatste formatie van de band MAM waarmee ik de CD Look: Nederlands! opnam en een bijdrage leverde aan de CD Ik ben liever dan alleen ter nagedachtenis van dichter, tekstschrijver en 1e manager van MAM: Kees van Kalmthout.

Egmond-Binnen

De meeste optredens heb ik gedaan met Tom op bas, Pieter Bon op zang en een tafeltje met een MPC-drummachine en aanvullende drum en synthesizer spullen. Helaas was vlak voor mijn komst bij de band de toetsenist Dave Green weer huiswaarts vertrokken. Manchester. Gelukkig kwam Dave wel een tijdlang over toen we aan de CD Look: Nederlands! werkten in de thuisstudio, het atelier, van Tom in Tilburg.

Op een dag zei Dave tegen mij: “why weren’t you here when I was here?” Het klikte tussen ons. Gelukkig hebben we nog een paar maal samen live opgetreden. Ondermeer in Egmond-Binnen. 2 opnames daarvan staan op YouTube.

Maternité:

Ontwik:

Dave

Dave zat ooit in de band The Icicle Works waarmee hij ondermeer door Nederland getoerd had. Zo had hij ooit op Parkpop gestaan.

Menig jongerencentrum of club kwam Dave bekend voor: “I know this place! I’ve been here before!”

Dave zag er een beetje uit als Koos Koets en blowde de hele dag door. Ik zie hem nog zitten, gebogen over zijn DX7 met vlassig lang haar, gekleurde glazen in zijn bril en een verlengde joint in zijn mond. Dave plakte altijd 2 lange vloeitjes aan elkaar.

Het moet niet op werken gaan lijken

In die periode sliep ik altijd bij Tom en zijn gezin op zolder. En als Dave er was dan werd ik midden in de nacht altijd wakker van zijn gestommel in het donker. Vervolgens sliep meneer Green een gat in de dag en was hij met geen mogelijkheid eerder dan 3 uur ’s middags terug te laten keren naar het land der levenden.

Er viel met hem ook niet over te onderhandelen. Eenmaal wisten we het voor elkaar te krijgen om Dave op een vroeger tijdstip in verticale positie terug te laten keren naar de studio. Dat hebben we geweten. Gezucht, gesteun, gewauwel en gemompel was het resultaat. Een nachtmerrie bij daglicht.

Chaka

Op een avond zitten Dave en ik wat te kletsen. Tom is al naar bed. Dave pakt de cassette van het album Naughty van Chaka Kahn uit zijn tas en zet ‘m op. En vervolgens zijn we 40 minuten stil.

In de jaren 90. Ergens in het stadje met de naam Tilburg.

Het geklooi met een goed gitaargeluid

Als gitarist ben ik altijd geïnteresseerd geweest in te gek goeie gitaargeluiden. Een interesse die al sinds mijn jeugd goed gevoederd werd dankzij de allergrootste muziekwinkel van heel Europa die in de Haagse binnenstad was te vinden. Voor ik het wist was mijn speurtocht naar het ideale gitaargeluid begonnen.

Meesterverkoper Nico Servaas en de Stille Zuidzee

De winkel van Nico Servaas , een meesterverkoper met een valse lach die altijd te herkennen was aan een lichtblauwe stofjas en 3 pond Brillcream in het haar. Regelmatig sprak hij mij handenwrijvend en grijzend aan:

“Mooi ding he? Wou je ‘m hebben? Hebbie centjes bij je?”

De man was a-muzikaal maar kon wel heel goed rekenen en de kassa opmaken. Hij woont al jaren op een eiland in de Stille Zuidzee. Van ondermeer mijn centen.

Leo Blokhuis schreef een paar jaar geleden op verzoek van Den Haag Marketing een boek over Servaas. Dit boek is op Bol te koop. Aanrader!

Ik heb van alles gekocht en weer verkocht. Zo herinner ik me de Mesa Boogie Quad voorversterker. Ik kocht hem omdat diverse gitaristen zweerden bij het super strakke cleane geluid dat eruit kwam. Wat waar was, maar ze vergaten erbij te vertellen dat het ding een ton woog. En dan hebben we het nog alleen over de voorversterker. Tel daar dus maar een zware eindversterker en een stel speakers bij op. Bovendien kostte het ding een klein fortuin. Zelfs tweedehands, althans voor mij.

“Waar komt toch die vreemde geur vandaan?”

Het is begin jaren 90 en ik zit met mijn band MAM in Studio BGM (Bureau Goeie Muziek) in Voorburg. Mijn gloednieuwe Koch-versterker staat er inmiddels al 2 dagen lekker op studiotemperatuur te draaien als een paar bandleden zich beginnen af te vragen waar toch die vreemde geur vandaan komt. Uit mijn versterker dus! Die we vervolgens bijna in rook zien opgaan…

Let wel: gitaristen zweren bij buizenversterkers. Menig gitarist is conservatiever dan de paus en zweert zelfs vandaag de dag nog bij het aloude concept van een triode buis om het geluid mee te versterker en er een mooi randje vervorming aan mee te geven. Wat goed voor Jimi was, moet nog steeds goed zijn, zo is de gedachte.

In de band MAM gebruikte ik in het begin ook weleens de Fender Twin versterker van bandlid Tom America. Ik woonde toendertijd in Voorburg op een bovenwoning maar de versterker bleef lekker in de flightcase onderaan de trap staan. Onmogelijk dat ik dat ding de trap op zou kunnen krijgen zonder halverwege te sterven.

Laatst stond ik nog met mijn drummer in een oefenruimte. En precies op het moment dat ik denk “wat hoor ik nu weer?” laat de versterker een zucht en houdt ‘ie ermee op. The tube that died on me, deel 2, of zoiets.

De opkomst van koelkasten en windmolens

In de 90-er jaren besloten alle gitaristen, incluis ondergetekende, over te stappen op 19″ units. De gitaarpedalen raakten uit de mode en alles moest in een rackje geplaatst worden. Het we-hebben-alles-onder-controle-geluid deed haar intrede. Ook ik deed er driftig aan mee en programmeerde allerlei combinaties van effecten zodat ik mijn rack met een groot voetpedaal/afstandsbediening kon bedienen. Helaas stond ik toch altijd op het podium tijdens de soundcheck en het optreden heel moeilijk naar mijn spullen te kijken omdat het daar toch weer anders klonk dan thuis of in de studio.

Ik herinner me nog een mooie uitspraak van gitarist Mark Boon (bekend van de band Diesel) uit die tijd: “die koelkast is vooral handig om mijn collectie colaflesjes op uit te stallen.”

In zo’n rack werd het een verschrikkelijke sauna vanwege al die lollige stroomverslindende gitaareffecten en amps. Vandaar dus dat menig ingewikkeld gitaarrack voorzien was van een paar loeiende ventilatoren om de boel te koelen. En wat had ik daar een gruwelijke hekel aan zeg! Nu moest je het rack in een studio in een eigen hok opsluiten wilde je niet helemaal lijp worden van het geloei van die windmolens.

In navolging van wat sessiejongens zoals Steve Lukather kocht ik op een gegeven moment een Palmer Speaker Simulator PDI-03. Een wereldding! De Palmer is een signaalverzwakker die het keiharde signaal van een speaker-output verzwakt naar een line-signaal. Nu kon ik elke technicus een prachtig gefilterd gitaarsignaal aanbieden. En niet langer was ik overgeleverd aan hard blazende gitaarversterkers in de studio. Ik gebruikte het ding overigens ook live, net als Steve.

De kruisbestuiving tussen een Walkman en een gitaarversterker

Jaren ervoor was het begonnen met de Rockman (release was al in 1982). Een apparaat dat lijkt op een rare kruisbestuiving tussen een Walkman en een gitaarversterker. Er kwamen maar twee soorten geluid uit: volkomen clean, of volkomen overstuurt. Het ding klonk heavy ook al plugde je er een elektrische banjo of een mondharmonica in. En qua dynamiek was het dus he-le-maal niets. Maar goeds, ook ik was zo rooms als de paus toentertijd. Voor minder dan buizen haalde ik mijn gitaar niet uit de koffer en dus diste ik deze wannabe-Marshall-Walkman volledig.

Uiteindelijk stapte ik toch van m’n geloof af

Na de Rockman en de Palmer is het snel gegaan. Ik liet me diverse malen verleiden door het spul dat ik in Nico’s toko aantrof.

Zo kocht ik een van de eerste apparaten op dit gebied van de firma Zoom. Tom America van MAM herinnert zich de ellende er nog van. Hoewel dat ding nog in Tom’s huisstudio best lollig had geklonken, bleek ‘ie eenmaal op een grote-mensen-volume gebracht in een club vol uitzichtloze jongeren vooral te willen feedbacken/rondzingen. En zoals altijd met die dingen is het altijd een ander die het als eerste opmerkt. Het was Tom die tijdens de soundcheck droog opmerkte: “wat is toch dat pieptoontje dat ik de hele tijd hoor?”

De sessie met Rick de Leeuw

Minstens een kwart van mijn leven heb ik vergooid aan het geklooi met die dingen. Vaak met een handleiding op schoot, geschreven door een Japanner die een hard piemeltje kreeg van het apparaat. Nou ik niet!

Ik herinner me een sessie voor de band Bon met Rick de Leeuw in de studio van de Tröckener Kecks. Mijn super dure buizenjongens had ik meegenomen. Maar Rick beschikte ook over een computer met Pro Tools en Amp Farm. Het was in het jaar 2000 of begin 2001. Een sessie van 3 dagen die een rare twist kreeg.

Omdat ik de band daarna verliet was ik niet meer betrokken bij de mixage en hoorde ik vervolgens niets meer van mijn opnames. Totdat 7 jaar later, Pieter Bon de zanger van de band, op de radio tijdens Wintertijd een nummer voorbij laat komen. Ik hoor het meteen: potdomme, dat ben ik!

Het hele album Alles Moet Anders staat op Spotify. De andere gitarist van dat album is Phil Tilli, die toendertijd in de Tröckener Kecks speelde. Ik kon het best goed met hem vinden. Na het uiteenvallen van de Kecks is ‘ie in de britrockband Moke gaan spelen.

Bon - Alles moet anders

In de liner notes word ik opgevoerd voor additionele bijdragen. Gelukkig herken ik mijzelf uit duizenden en weet ik hoe het precies zit. Ik ben te horen op de tracks (inclusief solo’s):

  • Vat Geen Kou
  • Alles Wordt Anders
  • Terug
  • Jij Slaapt
  • Zelf Verzinnen
  • Rondom Auto’s

Een poos terug hernieuwde ik het contact met Rick via Facebook. We zijn inmiddels bijna 15 jaar verder en een stukje wijzer geworden.

Of ik de Amp Farm of toch mijn oude buizenbak gebruikte, ik ben het een beetje vergeten. Volgens mij hebben we beiden gebruikt. In eerste instantie mijn buizenbak en als dat niet werkte, de Amp Farm in Pro Tools. Maar zeker weten doe ik het dus niet.

Wordt vervolgd…

Eton Crop rocks on!

eton crop

Erwin Blom had me uitgenodigd voor een optreden van zijn band Eton Crop. Het 2e optreden in 20 jaar tijd, gisteravond. Het 1e optreden van hun come-back deden ze eergisteren in de Melkweg op het Grauzone Festival.

Erwin had het er met mij weleens eerder over gehad. Over zijn muzikale verleden. En ook omdat een bandje waar ik vroeger in speelde, MAM, uit dezelfde tijd stamt als Eton Crop. MAM won de 2e plaats in de allereerste Grote Prijs van Nederland in 1983. Eton Crop won hem zelfs ooit (in een ander jaar maar welk jaar, Erwin?)

Hier trouwens de oude MAM, opgenomen tijdens de finale van de Grote Prijs van Nederland ’83:

Eton Crop kende ik nauwelijks. Ik ben wat jonger dan Erwin en zat nog lang niet bij MAM in al die jaren. Ik maakte slechts deel uit van de allerlaatste editie begin jaren ’90.

Terug naar het optreden van Eton Crop van gisteravond. En of dat te gek was! Want: energiek, te gekke songs en een goeie band met veel onderling spelplezier. Er ging een energie van uit die ik vaak bij moderne bands mis. Moderne bands spelen teveel op safe, er mag niets fout gaat. Geen foute noot, alles moet loepzuiver gezongen zijn. FUCK dat!

Leeftijd zegt geen reet. Eens een rebel, altijd een rebel.

Rock on Erwin en co! Er iets niets dan muziek.

Met mijn mobiel nam ik een stukkie video op van een mooi moment, luister maar:

De nieuwe Wisseloord Studios

studio-1

Op 12 juli 2012, vorig jaar dus, was ik op bezoek bij mijn oude vriend Conno van Wijk die ik al meer dan 30 jaar ken. Hij is de studio-eigenaar van de Gooi & Vecht Studio, een studio voor audio post-productie, video-editing en conversie die onlangs verhuisd is naar Wisseloord, de legendarische studio’s in Hilversum.

Conno gaf me rondleiding. De laatste keer dat ik een bezoek aan Wisseloord bracht was 17 jaar geleden. Ik was er toen om samen met Sander van der Heide de laatste CD van MAM te masteren. Er kwamen wat leuke herinneringen boven toen ik er weer rondliep. Maar net als de meeste andere studio’s heeft Wisseloord een moeilijke tijd achter de rug. In 2009 ging het zelfs failliet. Gelukkig werden begin 2012 de nieuwe Wisseloord Studios geopend door een geheel nieuw team van creatieve en zakelijke mensen. Veel geld is geïnvesteerd in het verbeteren van de studios terwijl de prachtige opnameruimtes met de bekende interieurs behouden bleven. Ik moet zeggen: het ziet er verbluffend goed uit. Studio 1, met de grootste opnameruimte en een grote controle-kamer, is volledig digitaal en Studio 2 is volledig analoog. Er is ook een studio voor mixage te vinden en een grote mastering suite. De Gooi & Vecht Studio van Conno vind je op de kelderverdieping. Hij betrekt daar diverse ruimtes met editing-sets en opname-ruimtes. Samen vormen de nieuwe Wisseloord Studios een combinatie van allerlei high-end audio-bedrijven in een gebouw.

Natuurlijk is de manier waarop we muziek opnemen ook erg veranderd door de jaren heen. Veel mensen maken tegenwoordig gebruik van een thuisstudio. Ik ook. Toch geloof ik dat er nog een plek is voor studio’s zoals Wisseloord, met name vanwege de grote ruimtes en akoestiek. Dat gaat je thuis niet lukken. Dus als het budget het toelaat…

Hoe schrijf ik een liedje?

Toen ik een jaar of 16 was wilde ik heel graag liedjes schrijven. Aangestoken door The Beatles, Steely Dan en de muziek van de dag (1984). Op een akoestische gitaar verzon ik ze. Eerst kwamen de akkoorden en de melodie. Later verzon ik er een tekst bij. Sommigen van die liedjes nam ik op met een 4-sporen cassetterecorder, die ik samen met wat vrienden had aangeschaft. Hier en daar speelden zij ook een basje of een extra gitaartje in.
Lees verder

MAM – Ontwik

(mijn bijdrage aan de Write On Thursday, de #WOT)

Baksteen * uit klei of leem gebakken steen waarmee je huizen bouwt, klinker, tichel, tichelsteen, mop

Er zijn veel liedjes over auto’s geschreven en slechts 1 liedje over baksteen. Mijn oude band MAM heeft dat gedaan. Een band waarvan Spinvis altijd heeft gezegd dat die hem geïnspireerd en beïnvloed heeft.

Met baksteen kun je huizen bouwen. En stoeptegels gebruik je voor de straten. Ze zorgen voor de ontwikkeling van een wijk, een dorp, een stad, een land.

Hieronder een live-opname van dat lied, Ontwik. Ik sta op rechts met gitaar en lang haar. Begin jaren 90 in een zaaltje van Egmond Binnen. Engelsman Dave Green (-ex The Icicle Works) zat toen nog bij de band.