Is muziek een wegwerpproduct?

In aflevering 23 van de tweewekelijkse podcasts De Machine van de heren Atze de Vrieze en Niels Aalberts van de VPRO worden de muziekbladen doorgenomen. De heren houden een betoog over de muziekbladen op papier. Hebben die anno nu nog wel waarde? Het begint zo rond 13:45.

Wij hebben op de cover staan: Papa Roach, Within Temptation, Aretha Franklin en John Hiatt. Dat zijn mannen met een gemiddelde leeftijd van uhm, nou één vrouw, echt oude muziek.

Atze de Vrieze

Speelt leeftijd een rol bij het maken van goeie muziek?

Nee, vind ik niet.

Sowieso vind ik het vaak raar van de popjournalistiek: de vergankelijkheid ervan. Dat wat de ene dag als hip en vernieuwend wordt bestempeld wordt een jaar later totaal afgeschreven. Alsof het om een wegwerpproduct gaat. Echt goeie muziek is helemaal niet vergankelijk maar even actueel als ooit tevoren. Net als goeie literatuur en beeldende kunst dat is.

Atze zegt ook:

Nog even los van die covers, ik vind het echt stuitend dat de bladen echt niet gaan over relevante popcultuur. Je kunt van alles zeggen over John Hiatt, de man heeft een fantastisch oeuvre, een prachtige man en een interessante artiest. Maar het is natuurlijk een veteraan en zo staan die bladen vol met veteranen.

(…)

Ik heb zitten kijken, staan er goeie interessante verhalen over rap-artiesten? Ik bedoel hiphop in Nederland is het allerbelangrijkste. Staat niet in deze bladen.

Danscultuur, er zijn elk weekend festivals waar tienduizenden mensen heengaan. Er is niets van terug te zien in geen enkel van deze bladen.

Atze de Vrieze

Je zou ook kunnen stellen dat bladen zoals Heaven de minder vergankelijke muziek op een voetstuk zet. Maar wat ik ook zelf van een John Hiatt of een Bruce Springsteen mag vinden, die muziek is voor heel veel mensen nog altijd relevant. Ze trekken volle zalen, verdienen er goed geld mee en beïnvloeden nieuwe jongere musici.

Ja, hiphop is een heel populair genre (overigens ook een stokoud genre te noemen!) maar dat neemt niet weg dat je andersoortige artiesten ook de aandacht moet geven. Heaven heeft een totaal andere doelgroep, maar ga niet zeggen dat die doelgroep er minder toe doet.

Popmuziek was misschien ooit iets voor de jeugd maar dat is het allang niet meer. Het is überhaupt zot om een kunstvorm te koppelen aan leeftijd.

Daarnaast is het onzin om te denken dat jongeren niet van oudere muziek of oudere muzikanten houden. Zet iets van Steely Dan op en je moet concluderen dat het zowel muzikaal als tekstueel briljant is en blijft. Ook al is het je smaak niet. Of hoe relevant blijft Randy Newman? 100%! Daar kleeft geen greintje tijdgeest en vergankelijkheid aan. Dat is voor de eeuwigheid, zo goed is het.

Het enige dat relevant is, is de vraag: is het goeie muziek?

Leeftijd speelt daarbij geen enkele rol. Tenzij je te maken hebt met een wegwerpproduct en ditto wegwerpmuzikant.

Kijken in de Ziel: de erf-zonde

Bevindelijk-gereformeerd predikant Floris van Binsbergen kwam gisteravond in een aflevering Kijken in de Ziel (NTR, NPO 2) aan het woord:

“Vanuit het perspectief dat het bij de zondeval misgegaan is geloof ik in de realiteit van de erfzonde, dat iedereen die geboren wordt een stukje mee-erft. “, zo vertelde hij.

Interviewer Coen Verbraak: “Dus dat je als kind in de wieg al zo schuldig als wat bent?”

Floris van Binsbergen: “Ja, dat klinkt in iedere doopdienst. “Wij zien het nog niet”, dat zeg ik geregeld tegen die ouders die daar staan met zo’n prachtig lief kindje, “je ziet het niet en je hoeft je er ook niet op te verheugen”, dat je kunt zeggen: “het komt er echt wel uit, wat wij dan zonde noemen.””

Coen Verbraak: “Maar u bent zelf vader van 5 kinderen, toen u de eerste keer aan dat wiegje stond, of de 3e, 4e of 5e keer, toen dacht u toch niet bij uw kindje ‘zie hier de erfzonde’?”

Floris van Binsbergen: “Nee, zo werkt dat niet.”

Coen Verbraak: “Dus is dat in de overdrachtelijke zin, of is dat wel zo?”

Floris van Binsbergen: “Bij de 1e is dat wat lastiger, maar bij de 5e…”

Coen Verbraak: “Want bij de 1e twijfelde u wel? Wat was er toen anders?”

Floris van Binsbergen: “Omdat je bij de 1e keer nog denkt: “het zal toch niet waarwezen dat dit het 1e kind is dat op een natuurlijke wijze zonder al te veel afwijking gaat doen…””

Coen Verbraak: “Waar die erfzonde niet op rust. O, dat sloot u niet uit de eerste keer? Dus dan geeft de vader de doorslag en niet de dominee?”

Het staat genoteerd, Floris laat de woorden ‘afwijking’ en ‘zonde’ vallen als het om zijn eigen kinderen gaat.

Zelfs pedofielen worden vergeven

Het wordt nog zotter. Geestelijken zijn in vertrouwen te spreken, ze beloven er met niemand over te zullen spreken. Wat je ook hebt misdaan. Maar gelukkig maakt Floris een uitzondering voor misdadigers. “Dat kan ik niet voor mijzelf houden.” Maar voor Everard de Jong, hulpbisschop van Roermond, geldt dat juist helemaal niet. Enig moraal besef wordt met de mantel der liefde voor god onder het tapijt geveegd.

“Als ik bij u een moord beken?”, vraagt Coen Verbraak.

“Namens god mag ik die vergeven, als je spijt hebt natuurlijk”, antwoordt de hulpbisschop. En vervolgt: “De reden waarom we dat doen, is natuurlijk een beetje aanmatigend, maar jezus is op paasavond bij de leerlingen verschenen en heeft gezegd: “wie zijn zonden toegeeft, zijn vergeven. Vanaf dat moment hebben de apostelen gezegd: “wij kunnen namens god mensen de zonden vergeven.””

“Wat moet je dan doen?”, vraagt Coen Verbraak. “Je mond houden”, antwoord de hulpbisschop.

Zelfs pedofiele geestelijken worden vergeven.

Het gesprek komt op bisschop Gijsen waarvan het bisdom Roermond heeft toegegeven, na de dood (!) van bisschop Jo Gijsen dat hij twee jongens heeft misbruikt. Coen Verbraak vraagt hoe Everard de Jong dat een plek gegeven heeft in zijn hoofd.

“In ieder geval door meer voor hem te bidden.”, antwoord Everard de Jong.

“Voor hem te bidden?”, vraagt Coen Verbaak.

“Ja en we bidden ook voor mensen die gestorven zijn.”, antwoord Everard de Jong.

“Of voor zijn slachtoffers, zou je ook kunnen denken”, werpt Coen Verbaak hem toe.

“Uh, voor zijn slachtoffers, zeker.”, antwoord Everard de Jong weer.

“Maar hij heeft dat nodig dat u voor hem bid?”, vraagt Coen.

“Ja, ja…”, antwoord de hulpbisschop.

De duivelse veroorzakers worden vergeven. En de slachtoffers worden vergeten.

Ook ik werd ooit geacht elke week in een kerk te verschijnen. Zo rond mijn 14e ben ik met die flauwekul opgehouden. Ik wilde mijn eigen morele besef en gevoel niet langer onderdrukken. Ik wilde leven! En dus hoopte ik dat de littekens ervan snel zouden verdwijnen. Maar ik kom er nooit meer vanaf ben ik bang…